Van ’monster’ tot voorbeeld
Johannes Calvijn. Alleen al het horen van deze naam riep een tiental jaren geleden emoties bij mij op die moeilijk positief te noemen zijn.
Bij het zien van afbeeldingen van Calvijn, waarop hij vaak alleen of in een groep te zien was of die toonden hoe hij onderwijs gaf, viel mij op hoe extreem mager hij was. Door zijn ascetische uiterlijk leek het alsof hij niet tot lachen in staat was. Dit veroorzaakte bij mij een zeker ongenoegen en wantrouwen. Een vermoeden dat deze man niets goeds en nuttigs zou kunnen leren, en al helemaal niet als het gaat om persoonlijk geluk en vrede. Ik reageerde als vele anderen en behoorde tot een groep die ervan overtuigd was dat dit “monster uit Genève” een van de grootste bedreigingen vormde, niet alleen voor het 16e-eeuwse Europa, maar door zijn invloed op de theologie ook voor de eeuwen daarna.
Ik benadruk het feit dat niet alleen ik, maar ook vele anderen destijds en vandaag de dag deze mening over Calvijn toegedaan zijn, een opvatting die nauwgezet gevormd en verspreid is door de rooms-katholieke contrareformatie.
Het uitroepen van 2009 tot Calvijnjaar geeft niet alleen mij, maar –naar ik hoop– ook vele anderen de mogelijkheid om deze opvatting te beproeven en de emoties die daarmee samenhangen te verifiëren en te confronteren met de feiten.
Voor mij is dit echter niet de eerste gelegenheid die me aanmoedigt om deze vader van de Geneefse Reformatie nader te bestuderen.
Tijdens het lezen van een van de eerste biografieën van Calvijn, namelijk die van de hand van zijn opvolger Theodoor Beza, ontdekte ik tot mijn verbazing dat Calvijn zijn hele leven besteedde aan een taak waarvan hij zelf het gevoel had dat hij er helemaal niet geschikt voor was.
Hij vond zichzelf verlegen en kon moeilijk omgaan met de spanningen van publieke discussies. Hij was lichamelijk zwak. Zijn zwakke gezondheid werd geschaad door de zware omstandigheden tijdens zijn studie. Hij was erg gevoelig voor menselijke emoties, met name negatieve.
Onder deze omstandigheden moest hij, nog maar aan het begin van zijn zoektocht, een positie innemen ten aanzien van zijn geloofsovertuiging tijdens geloofsvervolgingen in Frankrijk. Daardoor moest hij uiteindelijk vluchten om aan een marteldood op de brandstapel te ontkomen.
Hij reisde door een groot deel van West-Europa, ontmoette veel mensen, publiceerde onder een pseudoniem en ging in discussie op bijeenkomsten en synodes waar de atmosfeer vaak verre van vriendelijk was.
Hij moest vernederingen verdragen van de autoriteiten in Genève, evenals het venijn van de libertijnse oppositie in Genève. Hij droeg het verdriet om de dood van zijn vrouw en van zijn enige kind, dat al op jonge leeftijd overleed, met zich mee.
Ik zou nog veel meer kunnen noemen, maar deze lijst stelde mij reeds voor de prangende vraag: waarom deed hij dan alles wat hij deed, terwijl hij het eigenlijk niet gewild had?
Ik dacht toen aan de vele profeten uit het Oude Testament die zichzelf niet herkenden in de rol van profeet zoals de Heere dat van hen verlangde. Het gebeurde zelfs dat Jona overging tot een zeer radicale actie: vluchten voor de opdracht van God die in zijn ogen te groot was. Hoe sterk moest dan de kracht van God zijn in de profeten van het Oude Testament, en eeuwen later in het geval van Calvijn?!
Zich inzetten voor een taak met als gevolg een continue strijd met de eigen zwakheid, zich inzetten voor iets waarbij de voldoening van succes een van de laatste reële verwachtingen is …
Hoe sterk moet de stem van de Geest zijn die roept tot het volledig geven van zichzelf en die ingaat tegen alle menselijke overwegingen??!
Hoe sterk moet dan ook je gehoorzaamheid zijn om je te onderwerpen aan de stem van Hem Wiens wil het leven van elke ware gelovige dient te beheersen?!
En toch, het werk van Hem Die is, blijft eeuwig bestaan. Het werk van Johannes Calvijn (eigenlijk het werk van Hem Die Calvijn diende) is een voortdurend inspirerend voorbeeld voor mij en voor vele andere christenen.
Tomasz Pieczko is voormalig rooms-katholiek priester. Hij is nu voorganger van een protestantse gemeente in Maubege (Frankrijk).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 mei 2009
In de Rechte Straat | 9 Pagina's
