In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

De opdracht van de levende Koning

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De opdracht van de levende Koning

4 minuten leestijd

“Gaat dan henen, onderwijst al de volken.” Matthéüs 28:19a

"Ziet, Hij gaat u voor naar Galiléa, daar zult gij Hem zien."

In het noorden van het land, in het Galiléa van de heidenen, had de Heere bijna de gehele tijd van Zijn leven op aarde gewoond. Eerst in Nazareth, later in Kapérnaúm. Daar kwamen ook de meeste discipelen vandaan. Daar had de Heere de meeste van Zijn woorden gesproken en de meeste van Zijn wonderen verricht. Het wekt dan ook geen verwondering dat het hart van de discipelen daarheen trok, wellicht vooral omdat de Heere beloofd had dáár na Zijn opstanding aan hen te verschijnen.

Gods Geest heeft in hun zielen de behoefte gewekt om de Heere te zien en bíj Hem te zijn.

Toen de Herder geslagen werd, zijn de schapen verstrooid geworden.

Maar omdat de Herder hén zoekt, zoeken zij ook de Herder, om blijvend met Hem verenigd te worden. Gods kinderen kunnen ronddwalen gelijk een schaap in het rond, dat onbedacht zijn Herder heeft verloren, maar toch trekt het hart altijd weer naar de Herder, omdat de liefde Gods in het hart uitgestort is, door de Heilige Geest Die hun gegeven is.

Zo zijn de discipelen bij elkaar als het begin van het volk dat de Zoon van God Zich door Woord en Geest bijeenvergadert uit het gehele menselijk geslacht: de kerk van het Nieuwe Testament.

En in het Galilese land heeft de Heere voor de discipelen Zijn testament geopend. Een testament met rijke beloften, maar ook met een belangrijke opdracht: "Gaat dan henen, onderwijst al de volken."

Is dat nu een taak waarvoor zij berekend zijné Ze zijn maar eenvoudige vissermensen. Zij hebben nauwelijks wat van de wereld gezien.

Talen kennen zij niet, en zij weten nu nog niet dat de Heere hun die op één dag door Zijn Geest kan leren. En wat moeten zij onderwijzené

Zélf zijn zij nog maar drie jaar onderwezen, en wat zijn zij hardleers geweest. En toch, zij zijn op de beste hogeschool geweest die er denkbaar is, want de HEERE Zelf heeft hen geleerd, en het onderwijs dat Hij gaf is door hun ziel heengegaan. Zij hebben zelf bij bevinding wat geleerd van hetgeen zij anderen moeten gaan verkondigen.

"Gsaat dan henen, onderwijst al de volken." Met deze opdracht worden de discipelen door de levende Koning uitgezonden. Wat moeten zulke ongeleerde Galilese mannen uitrichten in die vrome Jodenwereld en Griekse wijsheidswereldé Als de Heere er dan ook niet bij gezegd had: "Mij is gegeven alle macht in hemel en op aarde", konden ze wel thuisblijven. Maar nu zal de Heere mét hen gaan, en Hij zal harten openen waar zij het niet verwachten. Hij zal door de kracht van de Heilige Geest zielen ontvankelijk maken voor het Woord dat zij zullen spreken, en voor het onderwijs dat zij zullen geven.

Alle aardse machten bij elkaar zijn niet in staat één zondaar te bekeren tot God. Maar de macht, de goddelijke macht, van de Middelaar is wél toereikend om het onderwijs uit het Woord in te dragen in het hart, zodat we God op Zijn Woord gaan geloven. Gaan geloven, dat we zondaren zijn. Gaan geloven, dat we tijdelijke en eeuwige straffen verdiend hebben. En, wonder van genade, de levende Koning doet nooit half werk. Want waar Hij ons door Zijn Geest doet buigen onder het veróórdelende vonnis van het Woord, daar maakt Hij ons ook begerig naar het vríjsprekende onderwijs; naar het heil in Hem, Die kwam om te zoeken en zalig te maken dat verloren is.

De opdracht van de levende Koning aan Zijn discipelen geldt nóg. Ook al is het dat wij niet daadwerkelijk uit hoeven te gaan in dienst van zending of evangelisatie om daar "fulltime" in bezig te zijn, zo is het toch nodig dat er (jonge) mensen zijn die persoonlijk door de Heilige Geest worden onderwezen om te dienen tot Zijn eer, tot uitbreiding van Zijn Koninkrijk.

Nee, de Heere heeft ons niet nodig. Maar wat is het juist daarom een eer, dat Hij u/jou gebruiken wil op de plaats waar Hij ons gesteld heeft: op school, op het werk onder collega's, als vader en moeder in het gezin, misschien wel op een ziekbed of met een bijzonder kruis, terwijl u toch een worstelaar bent aan Zijn genadetroon. En waar wij werkelijk, als onwaardigen in onszelf, mogen díénen, daar zal de wereld waarin wij leven dat gewaar worden. Dan zullen er door Gods genade vruchten gezien worden van geloof en bekering. Want als Gods Kerk op haar plaats is, en werkelijk díénen mag, valt aan koning Jezus de buit toe.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 2007

In de Rechte Straat | 16 Pagina's

De opdracht van de levende Koning

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 2007

In de Rechte Straat | 16 Pagina's