Het Evangelie wereldwijd
"Maar ik zeg: Hebben zij het niet gehoord? Ja toch, hun geluid is over de gehele aarde uitgegaan, en hun woorden tot de einden der wereld."
Magistraal en fundamenteel is Mhet indrukwekkende betoog van Paulus in dit hoofdstuk -het middelste van de drie (9-11), waarin het gaat over Isra„l-, dat de grote betekenis van het geloof belicht. Er is een onlosmakelijk verband tussen Gods Woord en het geloof. Het geloof is uit het gehoor en het gehoor door het Woord Gods. Zo is Gods orde de eeuwen door. Waar het Woord niet is gebracht, niet is gehoord, daar kan van geloof geen sprake zijn.
Als Paulus deze conclusie heeft getrokken nadat hij de schakels van de geloofsketting in vers 14 en 15 heeft vastgesteld -niet allen zijn het Evangelie gehoorzaam geweest; wie heeft de prediking geloofd? dan vraagt hij: Kan het zijn dat ze het Evangelie nooit gehoord hebbend Zijn ze gepasseerd en is de blijde heilstijding aan hen voorbijgegaan? Het zou een objectieve mogelijkheid kunnen zijn. Er kunnen landen en volken zijn die het Evangelie nooit gehoord hebben. Achteraan gestaan? Gepasseerd? Eigen zondeschuld? Maar Paulus weet beter. Met kracht veegt hij die veronderstelling van tafel. Niet gehoorde Ja toch, en dan haalt Paulus, die het Oude Testament bij professor Gamali„l goed bestudeerd zal hebben, Psalm 19 aan. De aanhaling van het Oude Testament in het Nieuwe Testament roept wel eens vragen op. Zo ook hier. Vers 5 luidt: Hun geluid is over de gehele aarde uitgegaan en hun woorden tot de einden der wereld. Als u dit vers in de Statenvertaling leest -ik citeerde naar de tekst van Romeinen 10- dan leest u in Psalm 19:5 in plaats van geluid richtsnoer en in plaats van woorden redenen. Maar is dat geen vreemde manier van citerend- Het gaat in Psalm 19 toch niet over de verkondiging van het Evangelie? Daar worden bezongen Gods grote werken aan de hemel, die inderdaad in alle uithoeken van de wereld te zien zijn. Kun je zomaar de overgang maken van de natuur naar de genade? Ja; zeggen sommigen, dat kan. Paulus brengt de architectonische bouw van de hemel over op de prediking van de apostelen. Neen, zegt Calvijn, we mogen de Schriften niet in allerlei richtingen draaien. Daarom wil de grote reformator dit woord uitleggen in de oorspronkelijke zin.
Maar dan vergeet hij weer dat MPaulus het nu heeft over Isra„l en niet over de heidenen, zoals Calvijn schrijft. Het kundige bouwwerk van hemel en aarde verkondigde ieder mens de grootheid Gods. Het Evangelie zweeg nog, maar de God van hemel en aarde sprak door de kracht en schoonheid van de natuur tot ieder mens. De vogels zingen nog Gods lof. Het is het voorspel van de melodieuze evangeliezang, die straks over de hele wereld zal klinken.
Dit is in ieder geval duidelijk! God wil niet dat Zijn werk onbekend blijft. Hij werkt niet in achterkamertjes, waarin, naar men zegt, de politiek wordt bepaald. Hij werkt wereldwijd.
Wie daar goed over nadenkt, Wweet dat die wereldwijde tekening van Gods spreken in het rijk van de natuur en van de genade ons als christenen die Gods Woord hebben gehoord niet werkeloos mag doen toezien hoe dit alles nu functioneert. Integendeel, we worden door zo'n vers juist gestimuleerd om Gods Woord overal te doen doordringen. Het mag niet zo zijn dat we denken: God zorgt wel voor Zijn Kerk. Dat zal waar zijn, maar daarbij schakelt Hij mensen in. Dat is Zijn werk. De brengers van de boodschap moeten eerst zelf worden ingewonnen, maar dan ook overal, wereldwijd, geen discriminatie, het Evangelie laten klinken.
U leest in dit nummer over de ver spreiding van het Evangelie in Polen. En ook over de oprichting van de zusterorganisatie van IRS in dat voor 95 procent roomse land, waar Maria meer wordt vereerd dan dat Polen zich tot haar grote Zoon, die ook haar Zaligmaker was, bekeert. Wat hebben wij, die dat Evangelie zo goed kennen, een geweldige verantwoordelijkheid en een zware verplichting.
Verantwoordelijkheid - heeft het Evangelie ons hart geraakt en geloven wij heel persoonlijk? Verplichting om dat Evangelie door te geven -het zuivere Evangelie van zonde en genade- en dat alleen, maar dat dan ook geheel en met overgave en toewijding. Immers, Gods Woord is het communicatiemiddel tussen God en ons mensen. Gods grootheid zien we in de natuur, maar Zijn genade horen we in het Woord.
Zingt u het met uw mond en met uw hart: Ik roem in God, ik prijs 't onfeilbaar Woord - ik heb het zelf uit Zijnen mond gehoord?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 mei 2005
In de Rechte Straat | 16 Pagina's
