Verzoening
Sinds de zondeval stonden God en Sde mens als twee onverzoenlijke partijen tegenover elkaar. De mens kon zich niet met God verzoenen, omdat hij dat niet wilde. Eva was bevrucht door het zaad van de slang, het oerkwaad. Daarom worden wij allen geboren met "de wil des vleses" (Ef. 2:3), dat is de onwil om ons aan God te onderwerpen. "Want het vlees begeert tegen de Geest" (Gal. 5:17). De Heere God kon Zich niet met de mens verzoenen, want Hij was de beledigde partij. Hij kón dat niet wanneer Hij op Zijn recht zou staan. Maar God is niet alleen rechtvaardig, Hij is ook Liefde (1 Joh. 4:16). En de liefde zoekt en vindt oplossingen die bij het recht nooit zouden zijn opgekomen. God nam Zelf het initiatief tot de verzoening en gaf Zijn Zoon tot Ven Verzoening voor onze zonden; en niet alleen voor de onze, maar ook voor de zonden der gehele wereld" (1 Joh. 2:2).
Ook de Rooms-Katholieke Kerk Oerkent dat en belijdt met ons dat wij de verzoening op geen enkele wijze kunnen verdienen. Wel geven Reformatie en Rome een ander antwoord op de vraag hoe die verzoening met God ons deel wordt.
Volgens Rome gebeurt dat door de sacramenten, die de genade niet alleen uitbeelden, maar ook metterdaad schenken. Volgens de Reformatie gebeurt dat langs de weg van geloof alleen. De sacramenten beelden, althans volgens het gereformeerde protestantisme, niet alleen de genade uit, maar ze zijn ook een bevestiging van Gods trouw aan Zijn belofte. Wie gedoopt is, maar weigert in Christus te geloven, gaat ondanks zijn doop verloren.
Een gevolg van dit verschil in visie is dat volgens Rome de genade iets is in de mens. Het is de liefde die God in de mens uitstort door Zijn Geest (Rom. 5:5). En omdat de mens door de ingestorte genade God liefheeft, vergeeft God hem ook zijn zonde. Omdat de genade iets in de mens is, kan hij die echter ook weer verliezen. De Reformatie leert dat de genade wel iets in de mens uitwerkt, maar dat de kern van de genade iets is buiten ons, iets in God Zelf. Het is Zijn goedgunstige gezindheid jegens ons, op grond van het verzoenende offer van Christus. Omdat het iets is in God, kan de genade nooit meer verloren gaan. De gelovige weet dat God trouw is aan Zijn belofte en daarom is hij verzekerd van zijn eeuwig heil.
Volgens Rome verliest de mens de Vgenade door een ernstige overtreding van Gods wet, wanneer hij die begaat met volle kennis en vrije wil. Hij kan die genade weer terugkrijgen, wanneer hij zijn zonde aan een priester biecht. "God alleen vergeeft zonden. Krachtens Zijn goddelijk gezag geeft Hij (Christus) deze macht aan mensen, opdat zij die uitoefenen in Zijn naam" (Katechismus van de Katholieke Kerk, 1995, nr. 1441). "Er is geen enkele zonde, hoe zwaar ook, of de heilige kerk kan haar vergeven" (nr. 982). Verwezen wordt dan naar Johannes 20:21-23. Maar…
Christus verbindt daar op geen enkele wijze de vergeving van zonden aan een verplichting om de zonden aan de apostelen of aan andere ambtsdragers te belijden. Integendeel, Hij roept alleen op tot geloof in Hem, waardoor wij alle heilsweldaden deelachtig worden. Paulus zegt dat hij door Jezus gezonden was om iedereen de blijde boodschap door te geven, "opdat zij vergeving der zonden ontvangen, (…), door het geloof in Mij" (Hand. 26:18), dus niet door de biecht aan een priester.
Voor een goede biecht is berouw Vnodig. Dat is "de zielesmart vanwege de zonden die men bedreven heeft en de afschuw ervan, vergezeld van het voornemen voortaan niet meer te zondigen" (Katechismus, nr. 1451). Hierdoor wordt de mens op zichzelf teruggeworpen en moet hij in zichzelf gaan graven: Heb ik wel echt afschuw van de zonde en heb ik wel een echt voornemen om niet meer te zondigend Daarom kan een rooms-katholiek volgens het Concilie van Trente geen geloofszekerheid hebben van zijn eeuwig heil.
Ik moet er helaas aan toevoegen dat Iiets dergelijks ook in protestantse kring te vinden is. Als men de mens daar eveneens verwijst naar zijn innerlijk en niet of nauwelijks naar de belofte van Christus, die buiten de mens ligt, dan is er geen heilszekerheid te vinden. En dat ondanks onze belijdenis "dat wij het leven buiten onszelf in Christus Jezus zoeken" (avondmaalsformulier).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 februari 2003
In de Rechte Straat | 16 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 februari 2003
In de Rechte Straat | 16 Pagina's
