In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

Ver verwijder bewoonde wereld leven de K'ekchis

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Ver verwijder bewoonde wereld leven de K'ekchis

7 minuten leestijd

Quiché, Kanjabal, Mam, K'akchiquel, Tzutzuhil. Een bonte mengeling van nakomelingen van de vroegere Maya's kleurt Guatemalteekse landschap. En onder deze 22 groepen ook K'ekchfs, waar de IRS, door tussenkomst van het de het presbyteriaans seminarie, een opleiding voor predikanten en leiders binnen presbyteriaanse kerk steunt. Eén van de grootste etnische groepen in het oosten van het land. Ver verwijderd van de voor ons bewoonde wereld. Vele plaatsen liggen volstrekt en kunnen slechts te voet worden bereikt. Tijdens het de geïsoleerd regenseizoen zijn vele dorpen door kolkende riviertjes van de buitenwereld afgesloten. Het is ook een gebied waar de oude Maya-tradities nog springlevend zijn, dikwijls vermengd een scheut katholicisme. met

Nieuwe kansen

Zo'n jaar of tien geleden bleek de tijd rijp voor de eerste contacten vanuit het seminarie met deze bevolkingsgroep. Tot dan toe was dat eigenlijk niet goed mogelijk geweest. De burgeroorlog had het land onbarmhartig in twee delen opgesplitst. De guerrilla was hier zeer actief en dus was het niet ongevaarlijk om naar deze verre oorden af te reizen. Maar aan die tijd kwam gelukkig een einde. Zo aan het eind van de burgeroorlog tekende zich in dit gebied een grote groei af van protestantse kerkjes. Vele tientallen, ja honderden, schoten als paddestoelen uit de grond. Kerkjes van allerlei soort met een veelheid aan ideeën en geloofsvoorstellingen.

Temidden van deze achtergrond van nieuwe kansen en grote verwarring ook op godsdienstig gebied, zocht het seminarie naar mogelijkheden om de broeders en zusters daar te helpen. De annalen verhalen van de eerste contacten die niet altijd even gladjes verliepen. Het seminarie bleef voor hen een instituut van ladino's, de bevolkingsgroep die duidelijke Spaanse invloeden heeft ondergaan. En daar lag nu een van de scheidslijnen tijdens de burgeroorlog. Beetje bij beetje mocht echter deze scheiding worden geslecht en ontstond er meer openheid voor toenadering. En zo mocht het seminarie in 1995 beginnen met een programma voor predikanten binnen de presbyteriaanse kerk.

Ontbering

Een van de docenten daar, ds. Marcos Chub, schreef over het begin het volgende: "Ons centrum in Ixcan was zeer bescheiden. Wij begonnen onze lessen op 31 juli 1995 tot 4 augustus. Alle twaalf studenten waren predikanten die allen een roeping hadden, maar helaas nooit een theologische opleiding hadden genoten. Maar toch werkten ze, in de kracht van de Heilige Geest. Het verlangen werd in het hart van het seminarie gelegd om de K'ekchi'-bevolking te helpen. Wij, mensen van de allerlaagste sociale klasse, kregen theologisch onderwijs, iets wat voor die tijd niet was voorgekomen."

Als je nu terugkijkt op die tijd, verbaas je jezelf over de omstandigheden waaronder men moest studeren en tot op zekere hoogte nu nog studeert. Hij schrijft: "Het seminarie verzorgde het studiemateriaal en gaf ons 25 quetzales voor het eten gedurende deze vijf dagen. Maar dat was bij lange na niet genoeg, omdat ook hier de prijzen hoog zijn. Die arme studenten, ze kochten slechts vier avocado's die ze onderling verdeelden. Verder kochten ze een zakje kruiden die ze over hun tortilla's (een soort maïs pannenkoekje) strooiden. Zelf kookten ze hun koffie in de open lucht. Ze hadden pech wanneer het kon er dus niets worden opgewarmd. regende, dan doofde het vuurtje en Het vuurtje zorgde voor nogal wat rook, zodat wij dikwijls met betraande ogen zaten te studeren. Ook hadden wij geen stoeltjes om op te zitten. Wij zaten ieder op een blok beton en met de boeken en schriften op schoot. Voor de nacht nam ieder een stukje plastic mee. Het gevolg laat zich raden: stijve en pijnlijke ledematen in de volgende dagen. Soms huilden de studenten bij zoveel ontbering en waren ze ten einde raad. Maar toch… toch waren de studenten allen blij en tevreden. Men studeerde immers in de Bijbel".

Het Heilig Avondmaal?

Een bemoediging voor ons allen. Mensen die zo gemotiveerd zijn, ja, zo gedreven door de Geest, dat ze niets te veel lijkt te zijn om zich beter voor te bereiden op hun taak in Gods Koninkrijk. Een voorbereiding die zonder meer hard nodig is. Ik herinner me hoe wij een aantal maanden geleden de studenten van ds. Marcos Chub opzochten. Men was druk bezig met het bestuderen van de Westminster Confessie. Deze dagen was het onderwerp het Heilig Avondmaal.

Ds. Marcos vroeg aan zijn studenten wat men eigenlijk gedacht wanneer men het Heilig Avondmaal vierde. Groot was onze verbazing toen bleek dat ze zelfs dat nog niet wisten. Met veel liefde en geduld onderwees ds. Marcos hen. Het gedenken van de verzoenende dood, maar ook van de overwinnende opstanding van de Heere en Heiland.

Naar behoefte

Het studieprogramma voor deze broeders bestaat voor ons gevoel uit heel fundamentele zaken. Bijbelse geschiedenis en het leven en werken van Jezus vormen de hoofdmoot van de schotel die hen wordt opgediend. En verder natuurlijk allerlei heel praktische vakken: preekkunde, pastoraat, catechetiek, kerkorde etc. Het studieprogramma dat het seminarie voor hen heeft opgesteld is heel flexibel. Dat houdt in dat niet zozeer wordt gekeken naar allerlei academische vereisten, maar naar dat waar zij, naar eigen zeggen, behoefte aan hebben. Dat verhoogt de betrokkenheid van de studenten bij hun eigen studie en hierdoor zijn ze zeer gemotiveerd om door te gaan.

Geen inkomsten

Die motivatie blijkt ook wel als wij bedenken dat sommigen zo'n negen uur moeten reizen om op het centrum te komen waar de lessen worden gegeven. Een dag heen en een dag terug dus. Juist ook vanwege al die reistijden is gekozen voor een week lang onafgebroken te studeren en dat één keer per maand. Trouwens dat betekent ook een week lang geen inkomsten voor het gezin. En dat vormt nog wel eens een groot probleem. Een week lang per maand niet verdienen vraagt zijn tol. Dikwijls zijn het maïsboertjes of hebben ze een klein handeltje. Echt royaal hebben ze het niet. En dat vertaalt zich nog wel eens in afwezigheid van de studenten. Soms moet het land gewoon bewerkt worden. Soms moet de oogst worden binnengehaald. En soms moet er worden gewerkt omdat een kind is ziek geworden en er dus medische kosten moeten worden betaald. En ga zo maar door.

Aanmoediging

Vanuit het seminarie worden ze zoveel mogelijk aangemoedigd om door te gaan en vol te houden. Na zo'n twaalf cursussen krijgen ze hun eerste diploma uitgereikt. Voor velen een diep indrukwekkende gebeurtenis. In veel gevallen is dit het eerste diploma dat men ooit heeft gekregen. De meesten hebben namelijk wel ooit op een lagere school gezeten, maar deze nooit afgemaakt. En dus krijgen ze nu voor het eerst een erkenning van al hun inspanningen om te studeren. Een echte aanmoediging om door te gaan. En ze zijn ertoe bereid. Vele ontberingen worden getrotseerd, vele gezinnen brengen hun offer. En dat alles voor de dienst aan God de Heere.

Kerk-in-wording

De uitgestrektheid van het gebied maakt dat het seminarie er op dit moment drie centra heeft. Eén in Ixcan, één in Izabal en de laatste, die halverwege vorig jaar werd geopend, in Sayajché. Centra die ver van elkaar af liggen. Voor het seminarie, dat trouwens helemaal aan de westkant van Guatemala ligt, betekent dat een forse inspanning om deze centra te begeleiden. Bezoeken hiervandaan worden tot een minimum beperkt omdat het een dag of drie kost om één centrum te bezoeken. Ik herinner het me nog goed hoe het ons drie dagen kostte om per vliegtuigje twee centra te bezoeken. En dat dan nog met een vliegtuigje, iets wat het seminarie zich niet kan veroorloven. Een forse inspanning die echter zeker de moeite loont.

Juist onder deze bevolkingsgroep groeit de kerk het snelst. In korte tijd zijn ze van één classis naar vier gegaan en de vijfde is in oprichting. De broeders vertellen het trots: iedere kerk heeft wel een kerk-in-wording in een naburig dorpje. En de studenten worden er bij ingeschakeld. Wie nog geen kerk heeft, of een andere leidinggevende taak binnen de kerk vervult, krijgt een dorp toegewezen waar hij mag evangeliseren om zo ook daar het Koninkrijk van God bekend te maken. Ja, tot aan de einden der aarde.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 2001

In de Rechte Straat | 16 Pagina's

Ver verwijder bewoonde wereld leven de K'ekchis

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 2001

In de Rechte Straat | 16 Pagina's