In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

GODOEN ZUIIJT DSPARNEKK VEOLIOJRK EZ IGJNA VE!

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GODOEN ZUIIJT DSPARNEKK VEOLIOJRK EZ IGJNA VE!

5 minuten leestijd

Getuigenis

Gedurende meer dan tien jaar ben ik verslaafd geweest aan drugs en verkeerde in de onderwereld, waar de drugs verhandeld worden.

Dit droevige verhaal eindigde in het ziekenhuis, waar de dokters mij mededeelden dat ik mijn gezondheid voorgoed verwoest had. "Onze wetenschap staal machteloos, u kunt niet meer genezen en zult binnenkort sterven", zo zeiden ze tegen mij.

Ik overdacht mijn leven en moest vaststellen dat ik al van mijn vroegste jeugd af bezig was geweest mezelf te gronde te richten. Het leven trok zich van mij weg op het moment dat ik inzag dat ik het zelf van mij had weggejaagd. Maar … ik wilde léven! Ik was nog zo jong!

Jaren geleden had iemand mij eens gezegd dat alleen Christus mij zou kunnen bevrijden uit die drugsverslaving. Daarom durfde ik mij tot Hem te wenden en ik smeekte Hem of Hij mij zou willen toestaan toch nog te mogen leven. Ik beloofde Hem dat ik dan zeer beslist zou breken met de drugs.

Diezelfde middag kreeg ik onverwacht bezoek van twee dames. Ze hadden een Bijbel bij zich.

Ze vertelden mij dat God hen had gezonden om mij de boodschap te brengen dat ik niet zou sterven. Ik vroeg hen of ze mij iets uit de Bijbel wilden voorlezen. Ze namen het bekeringsverhaal van Paulus op de weg naar Damascus.

Deze dames heb ik nooit meer terug gezien. Kunt u zich indenken dat het voor mij erop lijkt dat het engelen waren, die God naar mij in mijn uiterste nood gezonden had? Want …

Langzamerhand herstelde ik tot grote verbazing van de doktoren. Eén van hen vroeg of ik in wonderen geloofde.

Een andere dokter getuigde tegenover mij dat hij een christen was en hij verzekerde mij, dat volgens hem Christus mij had genezen. "Als medici staan wij voor raadsels, want volgens onze medische kennis had u al lang dood moeten zijn", zo zei hij.

Ik vertrok uit het ziekenhuis met een hart vol dankbaarheid tegenover de Heere. Ik meende dat ik iets moest terugdoen om mijn dankbaarheid tegenover God tot uitdrukking te brengen. Ik dacht erover om non te worden.

Ik begon tot God te bidden. Ik schreef gedichten voor en over Hem. Ik ging overal op zoek naar Hem.

De Heere leidde mij naar een protestantse kerk. Daar leerde ik Hem beter kennen vanuit Zijn Woord. Toen gaf ik mij in geloofsvertrouwen geheel aan Hem over, zonder enige reserve.

Ik begreep dat God een wonder aan mij had verricht door mijn leven te redden, maar dat Hij een nog groter wonder in mij had tot stand gebracht, doordat Hij mij had doen "wedergeboren worden tot een levende hoop, door de opstanding van Jezus Christus uit de doden, tot een onverderfelijke en onbevlekte en onverwelkelijke erfenis" (1 Petr. 1:3,4).

Ik wist nu door het geloof dat Hij aan het kruis al mijn zonden en ziekten op Zich genomen en uitgedelgd had. Ik had van Hem niet slechts het leven, maar zelfs het eeuwige leven gekregen, zo maar, om niet. Ik ben Hem zo onuitsprekelijk dankbaar voor deze immense en wonderbare liefde voor een zondig mens als ik ben.

Thans mag ik genieten van een goede gezondheid en van het nieuwe leven in de Heere. Geen moment denk ik eraan om mij ooit weer eens aan de drugs over te leveren. Die hebben alle aantrekkingskracht voor mij verloren.

Dit jaar hoop ik, als de Heere dat wil, mijn studies aan de universiteit te beginnen. Ik wil sociaal werker worden.

Mensen die mij hebben gekend, staan ervan te kijken dat ik zo radicaal van de drugs bevrijd ben en ook dat het geen nadelige gevolgen heeft achtergelaten. Ik kan hen alleen maar antwoorden:

"Gode zij dank voor Zijn onuitsprekelijke gave!" (2 Kor. 9:15)

Malaga (Spanje)

P.S. 1. Dr. Luis Velilla bevestigde dit verhaal. Hij zei: "Niemand van ons, doktoren, kon er een verklaring voor vinden. Ana was in de eindfase van de aids-ziekte. Zij was beneden een bepaald minimum van? (hoe dat in elkaar zit begreep ik (HJH) niet) gekomen; dan is de dood volgens ons onvermijdelijk. Ana bevond zich een behoorlijk eind beneden dat minimum."

2. Een vraag aan ons allen: Natuurlijk zullen wij het niet eens zijn met samenkomsten, waarin de gebedsgenezingen als propagandastunts worden gebruikt. Maar … ook al wijzen wij dat misbruik af, dan komt toch nog via dit, door medici bevestigde, verhaal de ernstige vraag tot ons: Geloven wij niet veel te weinig?

We zingen wel: "Nooit kan 't geloof te veel venvachten", maar desondanks verwacht ons geloof vaak niet meer dan een schijntje. Dat is heel zeker de reden waarom er in kerkelijk Nederland zo weinig wonderen (van bekering) gebeuren.

Laten wij dan in ootmoed de zonde van ons kleingeloof voor God belijden en met de vader van de maanzieke knaap bidden: "Ik geloof, Heere, kom mijn ongelovigheid te hulp".

Laten wij ons vastklampen aan de belofte van Christus: "Alle dingen zijn mogelijk voor hem die gelooft" (Markus 9:23,24).

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 maart 1993

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

GODOEN ZUIIJT DSPARNEKK VEOLIOJRK EZ IGJNA VE!

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 maart 1993

In de Rechte Straat | 32 Pagina's