HOLLANDSE BEZETTING VAN BRAZILIË
In Misión, een internationaal protestants tweemaandelijks tijdschrift in de Spaanse taal (eindredacteur dr. René Padilla), van april-juni 1991 stond een interessant artikel van Sidney Rooy over "De komst van het gereformeerde geloof in Brazilië" We citeren:
"Gedurende de eerste helft van de zeventiende eeuw zwierven de Hollanders over de wereldwateren en gedroegen zich als zeepiraten. Ze vielen Spaanse, maar evengoed Engelse en Franse schepen aan en plunderden ze leeg. De legendarische Piet Hein leeft nog altijd voort in liederen en verhalen, die aan de schoolkinderen verteld worden. Ze richtten de West Indische Compagnie op, die o.a. tot doel had: een landbouwkolonie vestigen in Brazilië, winsten maken met de slaven uit de westkust van Afrika en de macht van de Portugezen overal verzwakken.
De eerste bezetting van Bahia (in het Noorden van Brazilië) door de Hollanders had plaats in 1624 en duurde iets meer van een jaar. De Spaanse kroon ondernam twee acties:
1. Ze zonden instructies naar Lissabon (Portugal behoorde toen tot Spanje), waarin geëist werd dat men boete zou doen voor de misdaden, die door Portugal zouden kunnen begaan zijn en die daarom de oorzaak zouden zijn van deze straf van Godswege. In heel Portugal werden novenen (= negen dagen durende godsdienstoefeningen), met de daaraan verbonden processies, gehouden. De hostie (= de in de mis gewijde ouwel) werd ter aanbidding uitgesteld.
2. Spanje zond 100.000 kronen (de toenmalige Spaanse munt) voor de herovering van de stad. Vervolgens stuurden ze een vloot van veertig schepen met 8000 soldaten.
De tweede bezetting duurde van 1630 tot 1654. De meeste Hollanders waren slechts uit op geld en goederen. Hun optreden tegenover de Indianen en de negers was ronduit slecht. Slechts een minderheid respecteerde de menselijke persoonlijkheid in de ander en gaf blijk van sociaal gevoel.
Desondanks kwamen met de kolonisten ook predikanten mee, zoals dat toen de gewoonte was, voor hun pastorale begeleiding en ook om in de veroverde gebieden gemeenten te stichten.
Al in 1635 hadden de Hollanders 2000 km. langs de kust bezet. In het begin werden de r.-k. priesters vervolgd, maar al spoedig was er een betrekkelijke godsdienstvrijheid onder het bewind van de illustere gouverneur, prins Maurits van Oranje (1637-1644).
Gedurende de Hollandse bezetting hebben 40 predikanten en acht zendelingen (voor de evangelisatie van de Indianen) er gearbeid. Classes werden gevormd in Recife en Paraiba. In 1644 werd de eerste synode gehouden.
De akten van de synodes laten zien dat men er een streng calvinisme wilde invoeren. Vaak deed men een beroep op de burgerlijke overheid die daar helemaal geen belangstelling voor toonde, om mee te werken met het tegengaan van overspel, prostitutie, vloeken, het spelen voor geld, de zondagsontheiliging, de echtscheiding, de veelwijverij. Ook vroegen ze steun voor de oprichting van christelijke scholen en weeshuizen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 november 1991
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 november 1991
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
