In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

PERU 9, TEVENS SLOT

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

PERU 9, TEVENS SLOT

5 minuten leestijd

We hebben het reisverslag van ons bezoek aan Peru in 1988 moeten onderbreken vanwege overvloed van andere aktuele kopij. We vervolgen nu ons relaas.

3 mei 1988

's Middags bezochten we de Invasión (= de invasie van daklozen) tegenover het kerkgebouw van de Presbyteriaanse kerk van ds. Smelt.

Daar 'wonen' zo'n 5000 gezinnen in krotten en hutten. Er zijn een paar waterkranen aangebracht, waar men gratis water kan halen voor de was. Drinkwater moet apart met tanks worden aangevoerd.

Door zulk een invasie zakt de prijs van de huizen in de buurt ineens heel erg. De buurt was dan ook boos op de Presbyteriaanse kerk, omdat die deze armen zoveel mogelijk hielp o.a. met water, toen dat nog nauwelijks verkrijgbaar was.

's Avonds hadden we bidstonde in het kerkgebouw van Los Olivos onder leiding van ds. Smelt.

Woensdag 4 mei. 's Morgens bespreking van onze Spaanse editie met ds. Smelt, Pedro Arana en ds. Pablo Correa.

's Middags bezoek aan de invasión "Mi Peru". Daar 'wonen' ongeveer 6000 gezinnen. Al het water moet er met tanks worden aangevoerd.

De Presbyteriaanse Kerk heeft daar een groot terrein kunnen kopen en de HGJB heeft het optrekken van de nodige gebouwen als een projekt aangenomen onder de naam: "De stad zal bloeien".

In die naam beluisterde ik veel geloofsvertrouwen, want Mi Peru is een barre wildernis, stof en nog eens stof. Het verblijdde mij dan ook zeer, toen ik in het Reformatorisch Dagblad van 13 mei 1988 las dat de opbrengst van de HGJB verre het streefbedrag van ƒ 350.000 heeft overschreden en dat er ƒ 598.624 bij elkaar is gebracht. Nu zal er een stukje liefde van Nederlandse christenen zichtbaar worden in Mi Peru en kan een stukje van die woestijn inderdaad gaan bloeien.

We gingen ook op bezoek bij br. Norberto Vilcamango Cruz. Hij is het oudste lid van de kleine groep presbyterianen in Mi Peru, waar ds. Smelt één keer per maand een samenkomst leidt. Een foto van hem heeft op de voorpagina van 'Alle den Volcke'van okt. 1987 gestaan. Norberto vertelde mij:

Ik was volledig atheïst. Ik geloofde in God noch gebod. Ik had last van epileptische aanvallen. Dat was gevaarlijk bij het werk dat ik moest doen. Als die aanvallen zich zouden voordoen tijdens mijn werk, zou ik onder zware houtblokken terecht kunnen komen en erdoor verpletterd worden.

Een zus van mij was evangelisch christen geworden en zei vaak tegen mij: "Je moet je bekeren en je zondig leven als schuld voor God belijden en je in geloof aan Christus overgeven; dan zal God je genezen ".

Aanvankelijk wilde ik niets van die boodschap weten. Maar ik had al van alles gedaan om van mijn epilepsie genezen te worden. Maar noch de dokters noch allerlei occulte genezers brachten mij baat. Als ik zo'n aanval kreeg, beet ik vaak mijn tong stuk.

Ten einde raad zei ik tot de Heere: 'Als U mij geneest, zal ik U voor altijd dienen ".

Dat gebeurde in 1952 en sindsdien heb ik nooit meer een epileptische aanvat gehad.

Daarop kocht ik een Bijbel en ging erin lezen. Ik werd erg getroffen door Ps. 46:2: "God is ons een Toevlucht en Sterkte. Hij is krachtig bevonden een Hulp in benauwdheden ".

Toen brak de dankbaarheid als een geweldige stroom in mijn ziel binnen. Ik ging in het veld om daar alleen te zijn met de Heere. Toen riep ik voortdurend tot God: "Ik dank U, ik dank U, want U bent mij een Hulp geweest in de benauwdheden, waarin ik verkeerde". Ik heb toen geschreid, totdat ik geen tranen meer had.

Sinds 1983 woont br. Norberto in Mi Peru. Het was een genot voor mij om naar deze vriendelijke, diep-gelovige, oude man te luisteren.

Met mevr. Smelt reed ik terug naar Lima in een rammelende, verroeste bus.

's Avonds samenkomst in de gemeente van Pueblo Libre, de presbyteriaanse gemeente. Gelegenheid tot vragen stellen, waar veel gebruik van werd gemaakt.

Donderdag 5 mei. Bezoek aan Los Jazmines, waar de HGJB ook een projekt heeft, de bouw van een kerk plus erbij behorende gebouwen: een woning voor de voorganger, zalen (kamers) voor de 'zondagsscholen' (die worden in Latijns Amerika ook voor volwassenen gehouden op zondagmorgen, voorafgaande aan de kerkdienst).

's Avonds samenkomst in de gemeente van Los Olivos, waar ds. Smelt de voorganger is.

De bewoners van de Invasión hebben zelf geen electriciteit en proberen die telkens af te tappen van de leidingen, die zich wel aan de rand van dit huttenkamp bevinden. Het gevolg is dat dan door onhandig gemanoeuvreer vaak de stroom in enkele huizen uitvalt. Dat was nu ook het geval.

Maar de presbyteriaanse kerk mocht stroom huren van een huis in de buurt.

Al vanaf vijf uur werd door een luidspreker vanaf de kerk aangekondigd dat een priester die avond zou vertellen waarom hij de R. -K. Kerk had verlaten en wat hij in de evangelische gemeente gevonden had.

Ds. Smelt leidde de samenkomst. Er waren weer veel vragen, die samen met mijn antwoord over de luidspreker werden uitgezonden.

Vanzelfsprekend veel vragen over de aanstaande komst van de paus tn Peru op 14 mei 1988. "Is de paus de anti-christ? Kunnen de priesters, de bisschoppen en de paus wel oprecht zijn? Zij lezen toch ook de Bijbel. Ze moeten dan toch wel inzien dat hun leer daar volkomen mee in strijd is. Waarom toch die steeds meer opgevoerde Mariaverering?" Enz.

Met vrijmoedigheid gaf ik er een antwoord op. Het is allemaal zo heel anders dan in Nederland. Daar moetje in bepaalde kringen zwijgen over de dwalingen van de R. -K. Kerk.

Vrijdag 6 mei terug naar Nederland, waar ik 7 mei aankwam. Op dezelfde dag vertrok de paus naar Latijns Amerika. Op 15 mei droeg de paus in Lima de mis op als afsluiting van het vijfde eucharistische congres van de Bolivar-landen, waarbij twee miljoen Peruanen aanwezig waren, het grootste aantal dat de paus ooit op zijn reizen heeft toegejuicht.

Maar "de mis is in de grond anders niet dan een verloochening van de enige offerande en van het lijden van Jezus Christus en een vervloekte afgoderij" (Heid. Cat. Zd.30). Of mogen we dat in onze tijd niet meer openlijk zeggen in Nederland?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

PERU 9, TEVENS SLOT

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 januari 1991

In de Rechte Straat | 32 Pagina's