OPVOEDING 9
Ik zit bijeen werkgroep van de VBOK als hulpverleenster, aljaren, en nu was ik van plan ermee te stoppen. Waarom? O.a. om de volgende reden:
Ik geef pianoles. Maar in één week belden tien ouders op om mij te vragen hun kinderen les te geven. De leraar van hun kinderen was plotseling overleden.
Maar dat kan zo maar niet. Tien lessen erbij. Dat is een halve baan en ik heb toch al werk genoeg.
Mijn man en ik hebben er uitvoerig met elkaar over gepraat. Een bezwaar is namelijk dat hij dan 's avonds enkele keren op de kinderen moet passen.
We dubden: Als je die gave gekregen hebt en bovendien de kans hebt gekregen om dat talent te ontwikkelen, moet je dat dan ook niet gebruiken?
Ook volg ik een cursus Spaans, want ik zou graag proberen het Evangelie duidelijk te maken aan Spaanssprekenden, waarvan er velen in onze stad wonen.
We voelen er ook niet veel voor om een oppas te nemen. Onze oudste zit al op de HA VO, maar ook de andere kinderen hebben hun aandacht nodig. Nee, liever geen oppas.
Mijn man zuchtte: "Vier avonden in de week? En ik dan? Hoe kan ik dan nog een vergadering plannen?"
Daarom meende ik dat ik mij maar uit de VBOK moest terugtrekken. Ik belde de teamleidster op, maar die was niet erg te spreken over mijn voorgenomen vertrek. Ze liet doorschemeren dat ze mij knap egoïstisch vond: "Pianolessen, Spaanse cursus, dat is allemaal voor jezelf, maar bij de VBOK gaat het om anderen, om vrouwen en meisjes in nood. Bovendien weet je dat je om hulpverleenster bij de VBOK te worden een cursus van drie jaar moet volgen. Dat heb jij gedaan. En we hebben niet zo maar een ander daarvoor in de plaats".
Dan ben ik uit het veld geslagen. Dan voel ik me gemeen. Dan beschuldig ik mezelf: Jij laat het mooie en noodzakelijke werk van de VBOK schieten voor je eigen belangen.
Het is natuurlijk niet alleen die ene avond, maar ook het feit dat je op ieder moment gebeld kunt worden.
Alles bij elkaar voel ik me dan erg onrustig, nerveus. Dan kan ik moeilijk het kontakt met de Heere vinden.
ANTWOORD
Denk eraan datje allereerst vrouw en moeder bent. Ook wij, mannen, mogen nooit vergeten dat onze eerste roeping in het gezin ligt. Verwaarlozing van onze taak als echtgenoot en vader is nooit goed te praten.
Pas daarna komt de vraag hoe je je resterende tijd mag/moet besteden.
Denk daar in alle rust over na. Laat geen druk op je leggen. Je bent geen verantwoording schuldig aan mensen, maar aan Christus. En Christus wil een liefdesverhouding met je, geen wetsverhouding van baas-knecht. Hij wil datje in de ruimte ademt.
Zeker, er is ontzaggelijk veel nood. Maar we kunnen niet heel het leed van de wereld op onze schouders nemen. Dat vraagt God niet van ons.
Bespreek alles met de Heere Jezus. Leg Hem je moeilijkheid voor. Hij zal je wel duidelijk maken of en in hoeverre je jezelf zoekt. En in elk geval ben ik er zeker van dat Hij tegen je zeggen zal: "Verwaarloos in geen geval je taak als vrouw en moeder. Je man en je kinderen hebben allereerst recht op je. Door het huwelijk datje voor Mijn aangezicht gesloten hebt, heb Ik jullie voor altijd met elkaar verbonden"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 1990
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 juni 1990
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
