In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

EEN GLIMP VAN DE EEUWIGHEID

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

EEN GLIMP VAN DE EEUWIGHEID

3 minuten leestijd

Op een dag in juli 1959 werd in het ziekenhuis de dood van Betty geconstateerd. Om half vier die morgen had de Heere haar vader, ds. Perkins, gewekt en tegen hem gezegd dat hij direct naar het ziekenhuis moest gaan. Even na vijven werd haar moeder opgebeld: "Mevrouw Perkins, het spijt me dat ik u zo vroeg moet storen, maar ik heb slecht nieuws. Uw dochter Betty is zojuist gestorven. We kunnen haar man niet bereiken. Wilt u proberen hem op te sporen en hem vragen of hij zo snel mogelijk naar het ziekenhuis wil komen om een aantal dingen te regelen".

Haar vader vertelt: "Het was nog donker, toen ik de auto achter het ziekenhuis parkeerde. Ik liep naar de dienstingang, omdat dit een veel kortere weg was naar Betty's kamer. Ik klopte zachtjes op de deur. Er kwam geen antwoord. Ik opende de deur en ging naar binnen.

Toen mijn ogen aan het duister gewend waren, viel het me ineens op, dat alle slangetjes en buisjes verdwenen waren. Ik schrok hevig en richtte mijn aandacht op het bed. Betty's lichaam was met een laken toegedekt!

Langzaam drong het tot mij door wat dit betekende: Betty was dood. Ik stond daar minuten lang, terwijl ik door een hevig verdriet overspoeld werd. Toen concentreerde alles wat ik voelde zich in één woord dat ik een paar maal hartstochtelijk uitsprak: Jezus!

Toen werd mijn aandacht door iets getrokken. Zag ik een lichte beweging onder het laken dat Betty bedekte?" (p. 74-75).

Betty zelf beschrijft hoe zij in coma was geraakt en in die toestand de Heere Jezus had gezien. Daarna:

"Nu was ik terug in mijn ziekenhuis en de letters strekten zich uit over de volle breedte van de kamer. Er stond: Ik ben de Opstanding en het Leven; wie in Mij gelooft, zal leven, ook al is hij gestorven.

De woorden trilden van leven. Ik wist dat ik die levende woorden moest aanraken. Ik reikte omhoog en duwde het laken van mijn gezicht". "Vader staarde mij aan in een shocktoestand" (p. 80).

In dit boek "Een glimp van de eeuwigheid" (uitg. Gideon- Hoornaar, 117 blz. f 9,75) vertelt Betty Malz tevens dat zij deze ervaring blijkbaar nodig had om haar trotse, materialistische eigengereidheid kwijt te raken. Haar verhaal is tevens een waarschuwing dat we voorzichtig moeten zijn met wat we zeggen in het bijzijn van comapatiënten. We moeten niet te gauw denken dat zij niet horen wat wij zeggen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 1990

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

EEN GLIMP VAN DE EEUWIGHEID

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 1990

In de Rechte Straat | 32 Pagina's