In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

GOD IS LIEFDE

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

GOD IS LIEFDE

4 minuten leestijd

Hebt u dat ook? … datje zo vermoeid kunt zijn van jezelf? Waarom? Omdat je maar nooit van je eigen 'ik' loskomt.

Wat je ook probeert, dat eigen 'ik' dringt zich overal binnen, tot in je innigste denken, willen en voelen.

Zelfs in je verhouding tot God. Dat 'ik' is zo brutaal en godslasterlijk, dat het zelfs de heilige God wil gebruiken voor zijn eigen doeleinden. Het wil eer behalen desnoods aan God Zelf.

Dat 'ik' is dan ook in zichzelf gewetenloos. Het trekt zich letterlijk van God noch gebod iets aan.

Het is keihard, meedogenloos, sluw, geniepig, gemeen.

Paulus waarschuwt ons daar wel voor: "Daarom dat het bedenken van het vlees vijandschap is tegen God; want het onderwerpt zich aan de wet Gods niet; want het kan ook niet" (Rom. 8:7).

Maar het blijft pijnlijk, wanneer je telkens met de neus op dat harde feit in je gedrukt wordt: dat altijd weer tegen God rebellerende 'ik'.

Dat betekent dat ik de dood in mij meedraag: "Want het bedenken van het vlees is de dood" (Rom. 8:6), terwijl ik tegelijk genieten mag van het eeuwige leven, het leven van God Zeifin mij: "… maar het bedenken van de Geest is leven en vrede".

Die spanning tussen de Geest en het vlees in mij kan soms bijna ondragelijk worden. Bij u ook?

Dan houd ik het bij mezelf niet meer uit en wil wegvluchten uit mezelf naar …?

Dan wil ik wegvluchten naar God om uit te rusten bij Hem. En dan is er altijd weer die verwondering in mij: Hoe kan Hij dat toelaten? Ik met mijn besmeurde wezen mag naar Hem opzien en Hem zelfs omklemmen, omhelzen in geloof en liefde. U en ik, wij weten het antwoord: Dat is Zijn vergevende liefde in Christus. Iedere keer opnieuw worden wij rein gewassen door het bloed van de Zoon Gods. O wonder van Gods genade!

Dan zie ik dat God puur liefde is en dan verlustig ik mij in de aanschouwing daarvan.

In Hem is er niets van die vieze zelfzucht, die ik telkens weer bij mijzelf bespeur. Hij is zuivere liefde. Dat blijkt wel heel duidelijk in de gave van Zijn Zoon.

Ik zie dan die reinheid in het wezen van God, dat heldere, dat doorzichtige, die gerichtheid op het goede, die besliste wil van God om wel te doen, te geven en te vergeven, altijd maar weer opnieuw.

Ik drink, ik adem die liefde van God tot mij. Ik aanbid ze. Ik bewonder ze. Ik reik en grijp ernaar. Ik bekijk ze van alle kanten en loof Hem om deze pure liefde, om deze volmaaktheid van Hem.

En ik weet mij tegelijk volstrekt veilig in die liefde. God heeft alle reden om iedere keer weer boos op mij te worden en mij een flinke draai om de oren te geven en een stevig pak slaag toe te dienen.

Maar Hij doet dat niet! Hij doet dat niet bij u en bij mij! bij ons die in Zijn Zoon en daardoor in Hemzelf geloven.

Zeker, soms kan het heel duister in mij worden. Dan kan ik wel boos op God worden en Hem verwijtend vragen - ja, zo zijn wij! -: "Moet dat nu zó? Moet U mij tot het uiterste uitknijpen?"

Maar tegelijk weet ik - en weet u - dan: Ook dat is liefde! Hij wil ons zo innig mogelijk met Hem verbinden. Dat kan alleen als er zoveel mogelijk plaats in ons is voor Hem, als wij zoveel mogelijk gereinigd worden.

Nee, niet dat de Heere ons vlees wil reinigen. Met ons vlees, ons bedorven 'ik', kan Hij niets beginnen. Maar Hij wil onze geest steeds meer louteren om ons daarna Zijn liefde nog feller te laten voelen.

Als het zo duister in mij is, trek ik mij daaraan op, aan die belofte, aan die, op dat moment dorre, zekerheid: Hij heeft in alles alleen maar liefdebedoelingen met mij.

En dan kan ik mij daarna zo beschaamd voor Hem voelen, omdat ik dan toch die opstandigheid in mij tegen Hem had voelen opkomen en er ook wel een klein beetje aan had toegegeven.

Maar dan weet ik het ook meteen weer: ik lees dat in Zijn Woord, ik zie dat in de milde glans van Zijn vaderlijk gelaat: Hij vergeeft, Hij vergeeft ook nu weer! Hij slaat Zijn arm om me heen en zegt: "Ik ken je. Ik ken je met Mijn eeuwige, barmhartige liefde. Ik ken je in Mijn Zoon".

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1990

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

GOD IS LIEFDE

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1990

In de Rechte Straat | 32 Pagina's