In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

HET MOEILIJKE HOOFDSTUK ROM. 7

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

HET MOEILIJKE HOOFDSTUK ROM. 7

7 minuten leestijd

Heel veel is er al geschreven over Rom. 7. We willen de zoveelste poging wagen om de lijn erin te ontdekken. Tot en met Rom. 7:6 heeft Paulus aangetoond dat de mens alleen maar door de genade en door het geloof in Christus met God verzoend kan worden. Wanneer wij tot geloof zijn gekomen, zijn wij met

Christus gestorven. Dan heeft de wet dus geen vat meer op ons. Nooit worden er immers wetten uitgevaardigd of voorschriften gegeven aan een dode. "Weet gij niet, broeders, dat de wet heerst over de mens zo lange tijd als hij leeft" (Rom. 7:1). "Alzo ook gij, houdt het daarvoor dat gij wel der zonde dood zijt, maar Gode levend zijt in Christus Jezus, onze Heere" (Rom. 6:11). Wanneer wij door het geloof met Christus gestorven zijn,

hebben wij rechtens niets meer met de wet als een iten Christus te maken. zelfstandige grootheid bu

Maar … we merken die wet wél voortdurend, ook nadat wij tot geloof zijn gekomen; want die wet blijft ons veroordelen vanwege de zonde, die als een macht nog steeds springlevend in ons is. Wat moeten we daarmee aan? met die wet en die zonde in ons? Daarover handelt hoofdstuk 7. Paulus laat daarin zien dat we op een verkeerde manier op die wet en op die zonde

kunnen reageren:

1. Op de wet. Veel christenen accepteren die veroordeling door de wet en proberen vervolgens bij de wet in het gevlei te komen door meer hun best te doen. Maar dan roept Paulus ons toe: Doe dat toch niet! Laat je niet opnieuw opzwepen

door de wet, maar ga meteen naar Christus. Belijd je schuld voor Hem en spreek tegelijk je volstrekte vertrouwen in Hem uit, dat Hij op Golgotha volledige voldoening heeft gegeven voor die opkomende zondige neigingen in je en voor de daaruit eventueel voortkomende overtredingen van de wet. Roem aldus in het volbrachte werk van Christus. Verheerlijk Hem door dat volstrekte geloofsvertrouwen in Hem, want zo wil het de hemelse Vader en zo wil het de Heilige Geest.

2. Op de zonde. Je kunt tegen die zonde gaan strijden vanuitje zedelijke bewustzijn, je geweten. Paulus gebruikt hier het Griekse woord 'nous' dat de SV vertaalt met 'gemoed'. Opnieuw roept Paulus ons dan toe: Doe dat niet, want dat gevecht verlies je zonder

meer. Waarom? Omdat die wet die tot je geweten spreekt, in zichzelf wel heilig, rechtvaardig en goed is (v. 12), maar in mij is er de macht van de zonde, die sterker is dan de macht van mijn geweten.

En aan het slot van hoofdstuk 7 slaakt Paulus dan ook deze diepe zucht: "Ik ellendig mens! Wie zal mij verlossen uit het lichaam dezes doods?". En dan is het antwoord: "Ik dank God, door Jezus Christus, onze Heere". En hoe verlost Christus ons uit die verschrikkelijke strijd?

Vooreerst, doordat Hij ons verlost uit dat gebeukt worden van ons geweten door de wet. Maar dat heeft Paulus in de voorafgaande hoofdstukken op allerlei wijze al aangetoond.

Maar in hoofdstuk 8 laat hij zien dat Christus ons nog op een andere manier verlost uit dit dodelijke gevecht nl. doordat Hij ons Zijn Heilige Geest zendt.

Het werk van de Heilige Geest is: a. ons voortdurend eraan te herinneren dat Christus een volkomen Zaligmaker is. Alleen door de Heilige Geest kunnen we in staat worden gesteld om steeds opnieuw te geloven dat God ons het kwade dat we elke dag bedrijven, toch niet toerekent.

Dat is de eerste manier waarop de Heilige Geest er ons toe wil brengen om Christus te verheerlijken.

Maar de Geest wil dat ook nog op een andere manier, nl. door ons langs de weg van het geloof met Christus als een rank met de Wijnstok levend te verbinden.

Daardoor gaan we niet meer van nederlaag tot nederlaag, maar kunnen we met Paulus juichen: "Maar in dat alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem, Die ons heeft liefgehad" (8:37).

Zo verheerlijkt de Heilige Geest Christus, doordat Hij ons vanuit Christus vrucht laat dragen, de vrucht van de goede werken. "Ik ben de Wijnstok (en) gij de ranken; wie in Mij blijft en Ik in hem, die draagt veel vrucht" (Joh. 15:5).

Daarom kan Paulus in Gal. 5:22 ook zeggen: "Maar de vrucht des Geestes is liefde, blijdschap, vrede …" Dat is nl. de vrucht die de Heilige Geest in ons doet rijpen, door ons levend verbonden te houden met de Wijnstok, Christus.

We moeten dus Rom. 7 niet isoleren uit het geheel van de brief. We mogen dus ook niet eenzijdig de nadruk leggen op de komma in Rom. 7:14: "Ik ben vleselijk, verkocht onder de zonde".

Een wedergeboren mens is niet uitsluitend vlees, zonde en dood. In Rom. 8:6 schrijft Paulus immers: "Want het bedenken van het vlees is de dood; maar het bedenken van de Geest is leven en vrede". Maar die Heilige Geest wóónt in een gelovige; dus is er in de gelovige behalve het vlees, het bedenken van de dood, ook de Geest, het bedenken van leven en vrede.

Ook in Rom. 7 laat Paulus zien dat er in de gelovige meer is dan alleen vlees en zonde. Hij laat zien dat in de wedergeborene ook het door de wet verlichte 'gemoed' = het geweten, het zedelijke bewustzijn, aanwezig is, dat juist strijd voert tegen het vlees en de zonde. Hij zegt zelfs: "Indien ik dat doe wat ik niet wil, zo doe ik dat niet meer, maar de zonde die in mij woont" (v. 20). Paulus maakt dus onderscheid tussen het 'ik' en de zonde, die dat 'ik' tegen zijn wil in meesleept.

En in v. 22 en 23 maakt hij onderscheid tussen de inwendige mens in hem, die een vermaak heeft in de wet Gods, èn een andere wet in hem, die hem gevangen houdt onder de wet der zonde.

En in Rom. 8 toont Paulus aan, dat er in de gelovige nog een derde iets is nl. de 'geest', die ontstaat door de verlichting door de Geest. Lees dat diepzinnige hoofdstuk dat u zoveel licht en kracht zal schenken, lees het vaak!

We mogen niet hoogmoedig zijn, maar ons ook niet schuldig maken aan een valse nederigheid.

Wanneer wij tot geloof zijn gekomen, dan zegt Christus tegen ons: "Je bent nu als een rank met Mij, de Wijnstok, verbonden en zult daarom vrucht, zelfs veel vrucht, dragen". Maar als wij overal gaan verkondigen dat er niet alleen maar in mijn vlees, maar zelfs in mijn ganse bestaan, slechts zonde is en dat ik dus geen enkele vrucht van goede werken voortbreng, dan bazuinen we tegelijk rond dat Christus Zijn belofte aan ons niet waar maakt. Dan zeggen we in feite: "Ik ben wel door het geloof met Hem als de Wijnstok verbonden, maar desondanks draag ik geen vrucht". Dan verheerlijken we Christus niet, maar beledigen Hem, ondanks al onze goede en vrome bedoelingen.

Om alles nog eens samen te vatten: Om ons ervan te weerhouden dat wij ons opnieuw onder de wet zouden stellen laat Paulus in Rom. 7 zien dat we er dan ellendig aan toe zijn, want dan zullen we alleen maar nederlagen kunnen incasseren.

Im Rom. 8 laat hij zien dat, als wij voortdurend, zodra de wet ons aanklaagt, naar Christus vluchten als naar Degene die de schuld van al onze zonden volledig, eens en voorgoed, betaald heeft, wij vanuit die geloofsverbondenheid met Christus juist wèl het beoogde resultaat zullen bereiken. Vanuit die geloofseenheid met Christus zullen we wèl vrucht dragen: liefde, blijdschap, vrede.

En in Gal. 5:4 zegt Paulus dat Christus ijdel, leeg, zonder inhoud voor ons is geworden, wanneer wij gerechtvaardigd willen worden door onze pogingen om de wet te volbrengen. We plaatsen dan onszelf buiten Christus en zolang en naar de mate we dat doen, zijn we aan de vruchteloosheid, aan allerlei vormen van frustraties, onderworpen.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1990

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

HET MOEILIJKE HOOFDSTUK ROM. 7

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 april 1990

In de Rechte Straat | 32 Pagina's