"Doe uzelf geen kwaad";
(Hand. 16:28b).
"Wie niet overtuigd is dat het Evangelie van Jezus Christus het enige is, dat werkelijk de moeite waard is op de wereld, moet niet aan evangelisatie beginnen.
En wie van oordeel is dat de roomse leer, nu ja, wel niet helemaal zuiver is, en op verschillende plaatsen nogal erg van de Heilige Schrift afwijkt, maar een mens toch niet in de weg staat om de eeuwige zaligheid te beërven, die moet van evangelisatie onder rooms-katholieken maar afzien!"
Bovenstaande opmerkingen vinden we in het boek van K. Sluys, met als titel 'Het wonder van Boechout'. De schrijver vertelt over de doorbraak van het Evangelie in Vlaanderen, aan het begin van de zestiger jaren.
Op het moment dat ik dit schrijf, mogen we terugblikken op een paar evangelisatieweken in het Belgische plaatsje Essen. Wat geeft het een band met elkaar, als je tezamen mag getuigen van die Ene Naam onder de mensen gegeven, door welken wij moeten zalig worden (Hand. 4:12).
We lezen in Prediker 11: "Werp uw brood uit op het water".
Wat zou het een wonder zijn, als ook het navolgende Schriftwoord in vervulling zou gaan: 'En gij zult het vinden na vele dagen'. Want ondanks het ongeloof en niet minder het roomse bijgeloof kon er in Essen gezaaid worden!
Er waren vele kontakten, verschillende langere gesprekken, Bijbels werden aangenomen en tenslotte de vele brochures, die de huizen binnengingen.
Maar we weten het, dat het geen eenvoudige zaak is om aan deze mensen duidelijk te maken, dat de bijbelse boodschap, zoals die vanuit de Schrift tot ons komt, oneindig veel troostrijker is dan wat door Rome geleerd wordt, omdat de Heere goddelozen rechtvaardigt om niet, door het geloof!
De inhoud van de woorden 'OM NIET', brengen ons op de plaats Golgotha, waar Gods eigen Zoon, Jezus Christus, aan het kruis heeft gehangen om de vloek en schuld op Zich te nemen.
"Eenieder kan toch op zijn eigen manier wel zalig worden", was nogal eens de opmerking, die we te horen kregen. Of ook: "Als ge toch maar geen mens kwaad doet".
De woorden van de apostel Paulus kwamen me dan weieens voor de geest, nl. uit Hand. 16, wanneer hij in de gevangenis de stokbewaarder toeroept: 'Doe uzelven geen kwaad'.
Zo mochten ook wij soms antwoorden, want, wanneer men voorbij leeft aan het Evangelie, doet men dan zichzelf niet het grootste kwaad aan?
Zo mocht en mag er geëvangeliseerd worden in vele plaatsen, met de bede, dat er zullen komen, net als die stokbewaarder, die al bevende neerviel en uitriep: "Lieve heren, wat moet ik doen opdat ik zalig worde?"
En zij zeiden: "Geloof in de Heere Jezus Christus en gij zult zalig worden, gij en uw huis".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1990
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 februari 1990
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
