O MIJN GOD!
O Abba, o Vader, wanneer ik U nader, vervult mij de huiver, want Gij zijt zo zuiver.
O eeuwige Wachter, niets is er nog zachter, zo warm zijn Uw armen, zo wijd Uw erbarmen.
O heilige Herder, met U durf ik verder, want Gij zult niet slapen, Gij waakt om Uw schapen.
Gij, Vorst van de vrede, vervult steeds mijn bede. Gij lacht uit Uw luister naar mijn stil gefluister.
O machtige Oorsprong, Gij zijt mij de Voorsprong, mijn Norm en mijn Oerbeeld, mijn Vorm en mijn Voorbeeld.
O Gij zijt mijn Maker, mijn God, mijn Bewaker, mijn Lust, mijn Boetseerder, mijn Rust, mijn Beheerder.
Mijn eind'loos Verlangen, naar U gaan mijn zangen. Naar U wil ik vluchten in zonden en zuchten.
Heb dank voor Uw dulden van mij en mijn schulden, mijn Zee èn mijn Eiland, mijn Hulp en mijn Heiland!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 november 1989
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 november 1989
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
