In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

Licht over Polen (Slot)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Licht over Polen (Slot)

6 minuten leestijd

Nog steeds bleef ik de R.-K. Kerk aanhangen als de enige ware Kerk. Maar de Heere verhoorde de smekingen die ik naar Hem opzond, op een andere manier dan ik verwacht had. Hij begon mij hard te slaan. Mijn gezondheid ging achteruit en een ziekte aan mijn linkerknie kwam aan het licht.

Ondanks alle medische zorg werd ik zieker en zieker. Na anderhalf jaar werd ik doorgestuurd naar een specialist, die me nauwkeurig onderzocht. Hij zei me dat ik al die tijd verkeerd was behandeld en dat ik meteen geopereerd moest worden, omdat mijn toestand levensgevaarlijk was.

De operatie duurde lang en was zwaar. Toen ik weer bijkwam, was ik zo zwak dat ik me de eerste dagen amper kon bewegen. Ik had geen lust meer om verder te leven.

Heel mijn leven leek één grote mislukking. Ik had gefaald op alle gebied en geen antwoord gevonden op de vraag: Wat moet ik doen om het eeuwige leven te beërven? Ik was zo moe van alles dat ik maar één oplossing zag: dood gaan.

De dood leek niet ver meer, want ik lag nog op de intensive care afdeling. De dokter kwam telkens kijken of ik nog leefde. Hij dacht dat ik die nacht zou sterven, maar dat gebeurde niet.

Alles liet me onverschillig. Ik weigerde de voorgeschreven medicijnen in te nemen.

Ik lag gewoon te wachten op de dood die mij eindelijk bevrijden zou van alle geestelijke kwellingen, die ik tot dan toe had doorstaan.

Op een namiddag, toen mijn familie op bezoek was, vroeg een van hen of ik niet wilde bidden om genezing. Ik antwoordde: nee! Ze waren zeer verbaasd en smeekten me om het wèl te doen.

Het ontroerde me dat ze zo bezorgd om me waren. Daarom beloofde ik dat ik het zou doen.

Ook de dokter liet me niet met rust, toen hij had gehoord dat ik de medicijnen onaangeroerd op het nachtkastje liet staan. Ik móest hem beloven dat ik ze zou innemen.

Ik hield me aan deze beloften, ook al moest ik mijn tegenzin overwinnen. Ik vroeg echter aan de Heere of Hij me slechts dan zou willen genezen, wanneer Hij mijn leven radikaal zou veranderen en mij zou willen gebruiken als een instrument in Zijn handen, tot Zijn eer.

Dit gebed werd al heel spoedig verhoord. Mijn gezondheid ging met sprongen vooruit, zelfs zo dat de doktoren erdoor verrast werden. Later vertelden ze mij ook dat ze maar weinig hoop hadden gehad dat ik nog zou herstellen.

Na twee maanden in het ziekenhuis mocht ik weer naar huis. Ik was nog zwak, maar ik vroeg mij steeds meer af: Zal de Heere mijn ziel willen genezen van mijn zonde? Zal Hij mij toch nog willen gebruiken?

Het antwoord kwam twee jaar later, toen mijn geestelijke nood bijna ondragelijk was geworden. Na 15 jaar dienst als priester kwam ik eindelijk tot de zekerheid dat mijn kerk grondig in strijd was met Gods Woord.

Hij leidde mij naar de bekering

Vaak had de Heere mij de stralen van Zijn licht gezonden. Nu plaatste Hij mij voor de definitieve keuze:

öf ik bleef in de kerk waarin ik geboren was en priester werd gewijd; dan zou ik de voorrechten van de r.-k. priester genieten: men zou mij met eerbied behandelen, een glanzende carrière lag dan voor me, - maar dan zou ik zeker alle geloof in God kwijt raken;

óf ik moest mijn priesterambt neerleggen en de kerk verlaten en mezelf alleen aan Christus toevertrouwen.

Maar nóg gehoorzaamde ik niet aan Gods roepstem. Ik kón het niet. Ik voelde mezelf zwak en bang.

Van kindsbeen afhad men mij geleerd dat er buiten de R.K.- Kerk, de enige en ware Kerk van Christus, geen zaligheid was en dat wie de kerk verliet, rechtstreeks naar de hel ging. Daar zouden hem de ergste folteringen wachten. En een bijzondere plaats van ellende was bereid voor een priester over wie de kerkelijke ban was uitgesproken.

Bovendien zou het in een land als Polen een vreselijke schande betekenen voor je familie. Je zou meteen alle vrienden kwijt raken. Men zou je beschouwen als een verrader, niet alleen van de kerk, maar ook van je eigen vaderland. Want Pool zijn en rooms-katholiek zijn betekende voor ons hetzelfde.

Ik kon de moed en de kracht niet opbrengen om al die offers te brengen. Toch wist ik dat dit de laatste kans was die de Heere mij bood.

De strijd duurde nog weer een jaar. Maar er was één ding dat ik kon doen: bidden.

Ik schreeuwde het uit voor Zijn aangezicht dag en nacht: "Heere, doe iets, want ik ben zo zwak! Help me! Geef kracht aan mijn geest!"

En eindelijk kwam Zijn grote genade over me. Hij vulde me met zoveel kracht dat ik zonder angst voor wat me te wachten stond, mij geheel en al overgaf aan Hem en al mijn vertrouwen stelde in Hem. En ik heb er nooit spijt van gehad.

Hij veranderde mij van binnen volkomen. En die wedergeboorte die Hij aan mij volbracht, was op geen enkele wijze gebaseerd op enige verdienste van mijn kant. Hij was het die mij optilde uit mijn ellende, zonde en onmacht. Hij droeg mij in Zijn eeuwige armen. Hij heeft mij overgeplaatst vanuit de duisternis in het Koninkrijk van Zijn licht en liefde. Hij schonk mij de gezegende vrijheid der kinderen Gods! Hij deed dat, Hij alleen! Zijn Naam zij geprezen voor altijd.

Gezegende zekerheid

En wat er daarna gebeurde? Het zou een heel boek worden, wanneer ik ging beschrijven Gods oneindige goedheid, de genade en de zegen die Hij mij schonk na mijn bekering. Misschien schrijf ik nog wel eens zulk een boek, waarin ik alle lof en eer toebreng aan Hem die mij met zoveel zegeningen overladen heeft.

Maar nu ga ik eindigen, maar niet dan nadat ik u verteld heb dat al mijn innerlijke moeiten, mijn onzekerheden, angsten en twijfels sindsdien voorgoed verdwenen zijn. Ik getuig dat ik met mijn Heere en Zaligmaker gelukkiger dan ooit ben geworden.

En dat geluk, die zaligheid, wens en bid ik iedereen toe, die nog steeds in diezelfde duisternis zit waarin ik eens verkeerde, zodat ook zij gaan roemen in Jezus Christus als hun Zaligmaker en Redder.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1989

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

Licht over Polen (Slot)

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1989

In de Rechte Straat | 32 Pagina's