"STEL U TEGEN HET ONGODDELIJK IJDEL ROEPEN"
Onder de titel 'Duizend engelen op de punt van een naald', las ik in de krant 'De Morgen' van 29 maart 1989 het volgende bericht:
"De zeer eerw aarde heer David Jenkins, anglikaans bisschop van Durham, heeft tijdens het voorbije weekeinde vele anglikaanse gelovigen in Groot-Brittannië zwaar geschokt. In een televisie-interview ter gelegenheid van Pasen bracht hij een aantal traditionele opvattingen aan het wankelen: de verrijzenis van Christus zou eerder symbolisch moeten opgevat worden dan als een lichamelijk tastbaar gegeven. Ook over de vraag of men na de dood als fysiek persoon verder bestaat, had de bisschop twijfels. 'Je zou dan al een of andere fysieke vorm moeten krijgen die toelaat dat duizend engelen op de punt van een naald samen kunnen zitten, want anders zou het dringen worden', zei bisschop Jenkins.
Volgens Jenkins moeten heel wat traditionele opvattingen omtrent het Evangelie niet zo letterlijk genomen worden - maar dat doet niets af aan de waarde van de boodschap, aldus de bisschop.
Ook de wonderen die Christus verrichtte, de moeder- maagdelijkheid van Maria, en de verrijzenis van Christus zijn punten die symbolisch moeten opgevat worden. 'Ik denk echt niet dat de apostelen de verrijzenis van Christus zagen als een lichamelijke verrijzenis. Het besef dat Hij in eeuwigheid leeft, moet veel meer geweest zijn dan het ontmoeten van een geestaldus Jenkins.
De bisschop van Durham staat met die denkbeelden hoegenaamd niet alleen in de Anglikaanse kerk. Alleen is hij tot dusver de enige gebleken die de dingen ook zo ronduit in het openbaar durft te zeggen. Op zijn televisie-interview kreeg de bisschop al heel wat boze reakties, maar alvast ook de steun van ondermeer de bisschop van Manchester. 'Het is niet verwonderlijk dat mensen geschokt reageren, wanneer ze horen dat getornd wordt aan opvattingen die ze tot dusver als rotsvaste geloofspunten beschouwden', zei die".
Strijd voor het geloof
Er ging een schok ook door mij heen toen ik dit las. Hoe kan men zo lichtvaardig omspringen met Gods Woord! Ik vraag me af wat zulke mensen toch bezielt. Heeft men dan niet door dat men met zulke uitspraken het fundament van ons geloof ondergraaft?
Zoiets kunnen en mogen we niet dulden. De inhoud des geloofs is hier in het geding.
'Och, zult ge misschien zeggen, als ge telkens moet reageren op dergelijke uitspraken, dan komt van de verkondiging van het Evangelie nog weinig in huis; en op den duur wordt ons tijdschrift dan een strijdschrift'.
Neen toch! Hoeveel energie heeft Paulus niet besteed aan het bestrijden van de dwaling? Hij wekt ons gedurig op om het woord der waarheid recht te snijden en ons te stellen tegen het ongoddelijk ijdel roepen. We kunnen toch niet anders dan de dwaling aan de kaak stellen, ze bestraffen en ontmaskeren opdat des te heerlijker en des te krachtiger het Evangelie van genade mag gesproken en geloofd worden. Gods Woord wordt immers miskend en Zijn Naam onteerd in zoveel ijdel gepraat! Doet u dat dan niets?
We worden in de brief van Judas 'vermaand' om te strijden voor het geloof, dat eenmaal de heiligen overgeleverd is. (Judas 3).
Zij verkeren sommiger geloof
Zo licht geraakt men uit het spoor der waarheid en 'als de vloed bewogen en omgevoerd met alle wind der leer'.
Vroeger was het zo, vandaag niet minder. Allerlei beschouwingen omtrent de verrijzenis worden als 'het grote gelijk' uitgestald.
'Wie verstandig is, gelooft zoiets toch niet meer. Het is vooral om de boodschap te doen. Het leven hier en nu moet voorrang krijgen op vrome verhalen over later. Laten we maar wat meer energie besteden aan het uitbouwen van een rechtvaardiger maatschappij en een betere wereld. Hier is het te doen. Hier moet het Koninkrijk Gods gestalte krijgen'. Uitspraken die we dagelijks horen of lezen. Zo meent ook bisschop Jenkins: "We moeten duidelijk maken dat ons geloof te maken heeft met alles wat in de wereld gebeurt, en ons niet uitsluitend bezighouden met theologische kwesties of de eigen zielezaligheid. We moeten ons bezighouden met wat de mensen bezichhoudt".
Een opvatting die, o zo jammerlijk, ook eigen kerken binnensijpelt.
In het Reformatorisch Dagblad van 1 juni wordt melding gemaakt van een Tuchtprocedure tegen Prof. Van Gennep'.
"In navolging van de Anglikaanse bisschop Jenkins van Durham zei Van Gennep kortgeleden dat hij niet in de lichamelijke opstanding van Christus gelooft. Veel theologen binnen de Hervormde Kerk zouden het met hem eens zijn, maar durven niet voor hun mening uitkomen uit angst voor de 'hete adem van de orthodoxie' ". In het RD van 2 juni geeft Prof. Van Gennep als reaktie: "Als het maar met de Bijbel in overeenstemming is, en daaraan twijfel ik geen sekonde".
Spreekt de Bijbel dan nog niet duidelijk genoeg? Och, ik weet het, ik ben geen professor en niet zo hoog theologisch geschoold.
Maar ik heb van harte de Heere lief en Zijn Woord. Uit genade mag ik staan op dat vaste fundament van de apostelen en de profeten! Daarom doen we er wijs aan om niet al te scherpzinnig te gaan filosoferen over wat Paulus een 'verborgenheid' noemt in 1 Cor. 15.
Wat een moeite heeft Paulus gedaan om aan de gelovigen van de eerste gemeenten het onzinnige te doen inzien van uitspraken als deze van bisschop Jenkins en prof. Van Gennep.
Paulus heeft in waarheid getuigd dat hij Jezus Christus heeft ontmoet, in levende lijve (1 Cor. 15:8-10). Paulus verzint hier niet maar wat. Het was niet als in een droom dat hij Jezus heeft ontmoet. Nee, hij heeft Jezus Christus echt lichamelijk gezien, zoals ook de andere apostelen Jezus lichamelijk hebben gezien in de tijd tussen Pasen en Hemelvaart!
Indien de Schrift bij ons nog enig gezag heeft, dan hebben we geen behoefte aan filosofische of theologische beschouwingen over de opstanding, maar dan weten wij, door de Geest geleerd, dat Hij gestorven is om onze zonden en opgewekt om onze rechtvaardigmaking. Dan weten wij dat Hij in de opstanding bewezen is Gods Zoon te zijn (Rom. 1:4).
Dan weten wij dat de 'uitnemende grootheid van zijn kracht' däär is geopenbaard, waar de dood als gevolg van de zonde was ingetreden. Paulus wist goed genoeg dat geleerde bewijzen ons natuurlijke verstand niet kunnen overtuigen. Ons natuurlijke verstand is gesloten voor argumenten die de opstanding aannemelijk willen maken. Paulus doet daarvoor dan ook geen moeite. Maar des te krachtiger gaat Paulus, vanuit de zekerheid des geloofs, de opstanding stellen als een onomstotelijk zekere waarheid. Christus is opgestaan! Zijn vlees heeft de verderving niet gezien (Ps. 16:10).
Vanuit deze zekerheid kon Paulus ook schrijven aan Timotheus dat Hymenéús en Filétus van de waarheid waren afgeweken door te zeggen dat de opstanding reeds geschied is en dat we dus zeker geen opstanding meer moeten verwachten. Zij vergeestelijkten de opstanding en geloofden niet in een lichamelijke opstanding. Voor hen was de opstanding waarschijnlijk de geestelijke vernieuwing die in hen had plaatsgevonden toen ze tot geloof waren gekomen.
Het zou daarbij ook nog gekund hebben dat ze zich gingen beroepen op bepaalde uitspraken van Paulus. Want had Paulus niet geleerd dat wij met Christus zijn opgestaan en levend gemaakt zijn met Hem? Sla de uitspraken van Paulus maar eens na in Rom. 6:3-5; Ef. 2:6; Kol. 2 vers 12.
'Waarom ons dan nog zo druk maken om de lichamelijke opstanding? Door de wedergeboorte zijn we toch al zodanig veranderd dat het in onze mogelijkheden ligt om nu reeds volmaakt te zijn'.
Herkent u een uitspraak als deze? Zo'n leer is verderfelijk voor het geloofsleven. 'Hun woord zal voorteten als de kanker', zegt Paulus, en hij voegt erbij 'zij verkeren sommiger geloof'(2 Tim. 2:17-18).
Tegen alle listige argumenten in verkondigt Paulus: "Hij is opgewekt ten derde dage, naar de Schriften" (1 Cor. 15:4).
Paulus richt ons uitsluitend naar de Schriften. Omdat alleen dit Woord genezen kan van ongeloof en twijfel aan de opstanding. Alleen het Woord!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1989
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 september 1989
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
