In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

Licht over Polen (4)

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Licht over Polen (4)

11 minuten leestijd

Mijn doel: blijf dicht bij het Evangelie!

Christus heeft mij ertoe gebracht om te proberen Zijn voorbeeld te volgen. Hij vulde mijn hart met medelijden met mijn parochianen, omdat "ze dwaalden als schapen zonder herder" en omdat huurlingen over hen heersten.

De Heere vervulde mij met veel overgave voor mijn pastorale werk en Hij bracht mij ertoe om in mijn prediking zo dicht mogelijk bij het Evangelie te blijven.

Christus toonde mij Zijn liefde als de goede Herder. Daardoor bewaarde Hij mij ervoor dat ik de mensen, en in het bijzonder de kinderen, zou vol gieten met angsten en verschrikking.

Ik liet hen de Christus der Schriften zien, de liefdevolle Heiland voor Wie zij niet bang hoefden te zijn. Hij had immers gezegd: "Laat de kinderkens tot Mij komen en verhindert ze niet, want derzulken is het Koninkrijk Gods" (Lk. 18:16).

kon alleen maar bidden

Soms had ik de indruk dat ik deze eenvoudige zielen die mij waren toevertrouwd, dicht bij de Heere bracht. Maar ach, ikzelf was nog zo ver van Hem vandaan.

Ik liep op de verkeerde weg en ik kon de goede weg maar niet vinden, de weg die mij naar Hem zou leiden.

Er bleef voor mij maar één ding over: bidden. Ik maakte er een gewoonte van mij terug te trekken in de lege kerk. Daar kon ik alleen met de Heere zijn.

Dat deed ik 's morgens vroeg, wanneer nog niemand er aan dacht om naar de kerk te gaan; of 's avonds laat, wanneer het maanlicht door de gebrandschilderde ramen viel en de duisternis verdreef. Dan viel ik op mijn knieën en smeekte, ja schreeuwde het uit voor de Heere: "O, God, wijs mij de weg uit deze duisternis!

Leid mij naar U toe! Leer mij wat waar en wat niet waar is. Ik kom er zelf niet meer uit. O help mij!"

Lichtstralen

Zo bad ik jarenlang zonder zichtbare verandering. Mijn worsteling duurde al maar voort.

Van tijd tot tijd gaf de Heere me blijken van Zijn liefde en ervoer ik dat Hij tóch naar mij luisterde. Dan zond Hij stralen van Zijn wonderbare licht in mijn ziel. Dan liet Hij Zijn Woord voor mij opklaren en dan zag ik even wat de waarheid is, want dan kreeg ik zicht op de vaste rots van Gods Woord. Dan zag ik ook dat onze kerk gebouwd was op het losse zand van menselijke verzinsels en tradities. Dan was het alsof heel dat kerkelijke stelsel veroordeeld werd voor Gods

rechterstoel.

Het lijkt mij goed om dit nader toe te lichten met enkele voorbeelden. Dan begrijpt men beter wat ik bedoel. (wordt vervolgd)

DIT NUMMER KAN WORDEN BIJBESTELD

We hebben van dit nummer 1.500 ex. extra laten drukken voor verspreiding. We menen nl. dat de inhoud van dit nummer in staat is om argeloze protestanten, die zoals br. Vanhuysse dat uitdrukt, lonken naar Rome, de ogen te openen.

Graag zouden we ook dit nummer gratis ter beschikking stellen, maar financieel is dat niet haalbaar. Daarom zien we ons genoodzaakt per exemplaar 50 cent te vragen. (Dan zitten we nog onder de reële kosten) Wie zou niet twee kwartjes over hebben voor de bestrijding van een rampzalige dwaling?

EED VAN TROUW AAN ROME

Deze paus heeft van alle priesters geëist dat ze vanaf 1 april 1989 bij hun ambtsaanvaarding met de hand op het Evangelie zweren dat ze zich geheel en al stellen achter de officiële leer van Rome, dus ook achter de vervloekingen die het concilie van Trente heeft uitgesproken over hen die de leer van de Reformatie belijden. Meer daarover in ons volgende nummer.

Een gevaarlijke paus

In een interview van Rex Brico (Elsevier 18 februari) lazen we: "Hans Kling zoekt de pauselijke motivatie meer in het slavische messianisme, dat vooral in de vorige eeuw opgeld deed en waarvan paus Woytila sterk in de ban zou zijn".

Hans Kúng: "Deze paus meent dat hij door God geroepen is om de redder van de kerk en misschien zelfs van de wereld te zijn in een tijd dat de ondergang dreigt. En iemand die zo'n ideologie aanhangt, kan heel gevaarlijk zijn, want zelfs weerstand van buiten af ziet hij als bevestiging van het eigen gelijk".

Opvoeding (4)

In Opvoeding 2 schreef u: "de beste stuurlui staan aan wal". Dat kunt u in elk geval niet op uzelf toepassen, want u hebt zeven kinderen grootgebracht. Dat moest mij eerst van het hart.

Met uw antwoord kon ik het eens zijn. Ik had de zaak te serieus opgevat. Dat wist ik toen ook al, maar op dat moment kun je er niet overheen kijken.

Bovendien: ik had de hele dag hard gewerkt. Ik was moe en het was intussen laat geworden en ik zat nu net niet om zo iets verlegen. Het was ook wel raak wat u schreef, nl. dat hij een beetje last heeft van minderwaardigheidsgevoel.

Hij is de tweede en zijn broer is één jaar ouder. Die weet en kan dus net iets meer dan hij. Hij blijft 'de eeuwige tweede', altijd een stapje lager.

En dat zou nog wel gaan, als de oudste niet zo overtuigd op z'n strepen stond. Die gaat overal prat op: Hij weet net even méér, want alles wat de tweede doet, dat weet hij al lang en dat kan hij al lang enz. enz.

We proberen dat een beetje in te tomen, maar achter je rug, op de slaapkamer (vanwege ruimtegebrek moeten drie jongens op één kamer) gaat dat altijd zachtjes door.

Echt erg is het nu ook weer niet, want de tweede heeft zijn eigen kwaliteiten waar de oudste het nakijken bij heeft. Dus er is wel een tegenwicht.

Onze tweede is een fijne knul, resoluut en doortastend, ook als het een grapje betreft.

Het is waar, met humor vang je veel op. Dan is de last al gehalveerd. Alleen, het lukt niet altijd. En als je moe bent en het komt zo onverwachts, dan zakt de moed je even in de schoenen. Van de andere kant zat (zit) er ook iets leerzaams in. Je leert in alles je hulp van Boven verwachten.

Je ervaart datje het krijgt, soms anders dan je denkt, soms ook heel letterlijk en duidelijk. Het verrijkt je geestelijke en dagelijkse leven.

Antwoord

Ja, daar heb je volkomen gelijk in. Vermoeidheid kan veel negatieve uitwerkingen hebben.

Vaak voel je je dan terneergeslagen, verlamd, futloos, depressief. Dan zie je alles door een zwarte bril. Je hebt geen lust meer iets aan te pakken. Je wilt het liefst maar slapen, eindeloos slapen.

Het bijbelse voorbeeld daarvan is Elia in de woestijn na het hoogtepunt op de Karmel. "Hij bad dat zijn ziel zou sterven en zeide: Het is genoeg; neem nu, Heere, mijn ziel, want ik ben niet beterdan mijn vaderen. En hij legde zich neer en sliep"(I Kon. 19:4).

Een tweede uitwerking is datje dan geprikkeld bent. Je kunt niet veel hebben en je stuift meteen op.

En dat heeft weer tot gevolg: schuldgevoelens. Daardoor voel je je nog ellendiger, nog dieper in de put.

Zo voel je je dan als Jeremia totaal in de put zitten. "En Jeremia zonk in het slijk". Maar de Heere was barmhartig. Nog was het de tijd niet voor Jeremia om als martelaar te sterven. "En Ebed-Mélech, de Moorman, zei tot Jeremia: Leg nu deze oude verscheurde en versleten lompen onder de oksels van uw armen, van onder aan de zelen (=onder de touwen). En Jeremia deed alzo. En zij trokken Jeremia op" (Jer. 38).

Zo trekt de Heere ons - dat is de ervaring van jou, van mij en van alle gelovigen - te Zijner tijd, heel voorzichtig om ons geen pijn te doen, weer uit de put naar Hem omhoog.

Maar dat betekent wel dat wij het vierde gebod van onze hemelse Vader beter ter harte moeten nemen; niet alleen voor de zondag, maar ook voor door de week. Dat gebod heeft Hij uit bezorgdheid voor ons gegeven. Hij wil niet dat wij ons afbeulen en altijd maar zitten te zwoegen en te ploeteren. Hij wil geen knechten, maar kinderen.

Wat nu het minderwaardigheidsgevoel van je tweede zoon betreft dat is een schoolvoorbeeld van hoe zo'n geval ontstaat.

Alfred Adler van wie de uitdrukking "minderwaardigheidsgevoel" komt, noemt als een belangrijke oorzaak de plaats in het gezin. Alles hangt er dan van af hoe je die plaats ervaart.

Ook de positie als oudste kan oorzaak zijn van minderwaardigheidsgevoel. De ouders willen dan vaak een modelkind van je maken, die dan de anderen ten voorbeeld wordt gesteld.

Maar dan kun je het gevoel hebben datje voortdurend op je tenen moet lopen en toch altijd weer faalt. Je voelt aan dat de ouders heel veel van je verwachten. Je hebt het idee dat ze je opzwepen tot geweldige prestaties en dat alles in wezen om hun paradepaardje te zijn.

Dan kan het kind daardoor de indruk krijgen dat zijn ouders eigenlijk niet om hém geven, dat hij alleen maar een middel is voor de grootmaking van de ouders. Hij gaat de liefde missen. Hij wil echter gewoon zichzelf zijn. Hij wil aangehaald worden, ontspannen genieten van de warmte van het veilige nest.

En als hij die liefde toch niet krijgt, wordt hij rebels. Hij probeert de ouders te dwarsbomen. Hij weigert nog langer - overigens terecht - een koud middel te zijn voor hun pronkzucht. Hij gaat een surrogaat zoeken voor de liefde. Hij wil op allerlei wijze de aandacht op zichzelf vestigen, interessant zijn, desnoods door vervelend te doen en te 'pesten'.

De tweede heeft weer zijn eigen moeilijkheid. Hij moet altijd proberen de ander in te halen. Dat kan een Tantaluskwelling worden.

Dat wordt vaak versterkt, wanneer de oudste een meisje is. Jongens groeien op met de idee - gelukkig is dat nu wat minder - dat ze aan hun stand als mannelijk vertegenwoordiger van het menselijke ras verplicht zijn om in alles de meerdere van het meisje te zijn.

Maar in de schooljaren is het meisje, ook psychisch, eerder rijp dan een jongen, althans zo las ik ergens. Later wordt die voorsprong van het meisje minder.

Maar daardoor is hij als een trekpaard, die voortdurend de zweep achter en boven zich hoort knallen. De prestatiezucht wordt telkens in hem opgewekt. Hij kromt er zich onder en verschrompelt erdoor. Zijn blije jeugd wordt erdoor vergald.

Daarom is het een heel belangrijke stelregel voor een goede opvoeding: Wees heel voorzichtig met het aanwakkeren van de prestatiezucht in een kind.

Natuurlijk moet je een kind ook aanmoedigen. Je moet hem laten voelen hoe heerlijk het is om iets tot stand te brengen.

Maar vreugde om je scheppingsvermogen, vreugde vanwege het zien van de resultaten van je eigen arbeid, het je verlustigen in wat er uitje is voortgekomen, is heel iets anders dan het zoeken van de bevrediging van eerzucht.

Wanneer we plezier hebben in het werk van onze handen, van ons hart of van onze geest, geven we blijk geschapen te zijn naar het beeld van de Schepper: "En God zag al wat Hij gemaakt had en ziet, het was zeer goed" (Gen. 1:26, 31).

Terwijl ik dit alles zat op te typen, werd er gebeld. Ik keek door het raam en zag twee jongens weghollen zonder om te kijken. En zo kom ik weer op wat jij ook naar voren brengt: het belang van de humor.

Kinderen zijn speels en die speelsheid heeft een funktie. Dat kun je al zien in de dierenwereld. Spelenderwijs bereiden ze zich voor op en oefenen zich in hun taak als volwassenen. Dat is bij de dieren in elk geval het zoeken naar voedsel, soms het vangen van een prooi.

Dat belletje trekken (of iets dergelijks) hoort er een beetje bij. Het is een van de middelen om te groeien naar de volwassenheid. Daar zit een zich oefenen in om iets aan te durven, om zelfstandig beslissingen te nemen waaraan een risico verbonden is.

Veronderstel, de ouders van deze jongens zouden dat net gezien hebben. Volgens mij zou het dan onjuist zijn, wanneer ze zich daar erg boos over zouden maken. Natuurlijk kunnen ze het niet zonder meer goed keuren, maar in geen geval zou het gezond zijn om er een drama van te maken.

Iets anders zou het zijn, wanneer ze dat deden bij een ouder, gebrekkig iemand, die dan telkens naar de deur moet strompelen om uitgelachen te worden. Dan wordt het treiteren, sarren, misbruik maken van je overmacht. En zo iets moet natuurlijk wel streng bestraft worden.

Voor deze keer zullen we het hierbij maar laten. Graag tot een volgende keer.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1989

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

Licht over Polen (4)

Bekijk de hele uitgave van maandag 1 mei 1989

In de Rechte Straat | 32 Pagina's