Inquisitie en contra-reformatie
Dit boek van M. Hroch en A. Skybova, historici aan de Karelsuniversiteit te Praag, (uitg. Atrium - Alphen aan den Rijn, 276 blz. ƒ 39,90) is een rustige beschrijving van het boeiende verschijnsel van de Inquisitie, geplaatst tegen de achtergrond van de geschiedenis, vooral van de contra-reformatie.
Zakelijk
Het boek bevat een uitvoerige literatuurlijst en vele foto's en ook afdrukken van belangrijke dokumenten.
Het doet weldadig aan, dat de schrijvers dit, emotioneel zozeer geladen, onderwerp niet behandelen vanuit een anti-roomse hetze. Ze proberen niet de R.-K. Kerk koste wat het kost zoveel mogelijk zwart te maken door ernaar te gooien met het roet van de lijken van de brandstapels. Ze proberen integendeel de R.-K. Kerk van toen te begrijpen vanuit de historische context van die tijd.
Daartegenover zeggen ze: "Wij willen de gruwelijkheid van de Inquisitie niet verzwijgen. Ze vormt voor immer een symbool van geestelijke onderdrukking en onverdraagzaamheid" (263).
Misleid
Toch moet ik erkennen dat er in mij opnieuw een boosheid opkwam nl. vanwege het feit dat ook ik zo lang door de r.-k. propaganda bij de neus ben genomen. Bij onze theologische opleiding, met name tijdens de colleges van de kerkgeschiedenis, werd de R.-K. Kerk volkomen anders voorgesteld, nl. niet als de vervolgster, maar als de arme, zielige, onschuldige vervolgde. (Dat doet kard. Hans Urs von Balthasar ook nu nog in zijn boek "Maria Nú"; zie in dit nummer p. 23).
Over de folteringen waarmee de inquisiteurs (priesters die door de r.-k. leer als Christus op aarde moeten worden beschouwd: "sacerdos alter Christus") hun slachtoffers tot "bekentenissen" trachtten te dwingen, hoorden wij zo goed als niets.
De Heilige Geest niet tegen ketterverbranding?
De verantwoordelijkheid voor de verbranding van de ketters werd op de burgerlijke overheid geschoven. De kerk leverde hen "slechts" over aan de wereldlijke rechter, die hen dan ter dood veroordeelde, omdat ketterij tevens als opstand tegen de staat werd beschouwd.
Maar men wees er ons niet op, dat de kerk zelf de wereldlijke overheid voorhield: "Het verbranden van ketters is niet tegen de wil van de Heilige Geest" (aldus Leo X in zijn bul "Exsurge Domine" tegen Maarten Luther, Denzinger's Enchiridion nr. 773).
Je vraagt je af: Is dit niet de zonde tegen de Heilige Geest, wanneer men aan Hem toeschrijft dat Hij achter die gruwelijke martelingen zou hebben gestaan, die werden aangedaan aan hen die met de Reformatie beleden dat ze zich gerechtvaardigd wisten door genade en geloof in Christus alleen en in wier harten deze Geest getuigde dat zij kinderen Gods waren? Immers reeds in het Oude Testament werd deze tegenstelling gemaakt: "Niet door kracht noch door geweld, maar door Mijn Geest (zal het geschieden)" (Zach. 4:6). Lastert de paus dan niet de Heilige Geest, wanneer hij aan Hem toeschrijft dat Hij achter het gruwelijke geweld van de Inquisitie zou staan?
Bovendien, de inquisiteurs wisten heel goed: "De wereldlijke rechtbank nam -zonder nader onderzoek - de veroordeling van de kerkelijke inquisitierechtbank over en ging in geval van excommunicatie tot de terechtstelling van de schuldige over" (38).
Schijnheilig
Diezelfde huichelarij signaleren de schrijvers wanneer het gaat over de aard van de folteringen: "De Kerk nam het schijnheilige standpunt in, dat bij het folteren geen bloed mocht vloeien en dat op het lichaam van de verdachte geen zichtbare sporen mochten achterblijven."
Ze vermelden verder: "Al klinkt het paradoxaal, toch waren de Spaanse inquisitierechtbanken op dit punt lankmoediger dan het Roomse Sanctum Officium."
En hun objektiviteit blijkt weer uit deze mededeling: "In het algemeen blijkt dat de inquisitiefolteringen in de 16de eeuw niet zo gruwelijk waren als die van de wereldlijke rechtbanken."
Dat desondanks "de martelkamers van de inquisitie in ons historisch gevoel toch een bijzonder afschrikwekkende plaats innemen", heeft volgens hen als oorzaak:
"Men trachtte door deze fysieke pijn de verdachte niet te dwingen criminele vergrijpen toe te geven, maar uit te komen voor zijn godsdienstige overtuiging en de opvattingen van zijn vrienden te verraden" (154).
En dit laatste doet ons, ouderen, weer terugdenken aan de Gestapo-methoden van de oorlog, die datzelfde doel hadden: de slachtoffers door de folteringen te pressen de namen van andere illegale medewerkers te verklikken.
De foltermethoden worden geïllustreerd met tekeningen uit die tijd. Zie ook ons artikel "De foltering van een Jodin".
Ook achter de dood door de brandstapel verschool de kerk zich met dezelfde veinzerij: "De brandstapel - sinds de 13de eeuw voor ter door veroordeelde ketters de gebruikelijke vorm van terechtstelling - was een bijzonder gruwelijke dood, die echter een symbolische betekenis had en de bewering leek te staven dat de Kerk met een dergelijke straf geen bloed vergoot" (41).
Aantal slachtoffers?
Dat is moeilijk te achterhalen, omdat er te weinig dokumentatie bewaard is gebleven. "Het eerste land waar de inquisitierechtbanken van hun bevoegdheden gebruik maakten, was Frankrijk. "Het fanatisme van de inquisiteurs kende er geen grenzen. In de jaren twintig van de 13de eeuw … werden hier in de loop van slechts enkele jaren tienduizenden mensen door de inquisitie veroordeeld, van wie er duizenden op de brandstapel ter dood werden gebracht. De bevolking begon geleidelijk te wennen aan iets dat voordien onvoorstelbaar had geleken en de mensen sloten hun ogen voor de rokende brandstapels. De besluiten van het concilie van Toulouse in 1229 maakten de ketterjacht tot een bijna algemeen verschijnsel" (42).
"De aktiviteiten van de Spaanse dominicanen M. Morillo en J. Martin die op 17 september 1480 tot inquisiteurs waren benoemd, richtten zich op de stad en het bisdom Sevilla. Zonder genade werd iedereen die zij van de geringste "onoprechtheid" in het geloof verdachten, tot de brandstapel veroordeeld" (48).
"In totaal zijn door de "rechtspraak van de pater dominicaan Tomas Torquemada zo'n honderdduizend mensen veroordeeld, een schrikbarend aantal, vooral als men bedenkt dat hij aan het begin van zijn taak als inquisiteur-generaal nog maar achttien jaar oud was" (49).
Over de Nederlanden: "Met directe militaire steun begonnen inquisiteurs in de Nederlandse steden huis te houden. Het aantal slachtoffers bereikte binnen een paar jaar de achtduizend" (140).
Ketterverbranding om de "heb"
Over het algemeen krijgen we de indruk dat de inquisiteurs eerlijk meenden dat ze in dienst van de paus en dus van God hun vreselijke werk moesten verrichten. Maar ook dit kwam voor:
"De inspekteurs van de inquisiteurs in Catalonië ontdekten in 1544 dat alle inquisitieambtenaren steekpenningen aannamen, en op twee na alle ambtenaren verboden geslachtsverkeer met vrouwen hadden. Een inquisiteur had eigenmachtig aflaten gegeven voor de kruistocht en het geld in eigen zak gestoken. Bij een volgende inspektie in 1566 bleek dat de inquisiteurs tegen vergoeding bereid waren processen tegen elke willekeurige persoon te voeren, eigenmachtig arrestaties verrichtten en buiten proporties staande geldboetes uitdeelden om zich te verrijken" (137).
Inquisitiemethoden
"Het pauselijke geloofsedict "Coena Domini" verplichtte onder bedreiging met strenge straffen iedere trouwe gelovige ertoe om met Pasen alle gevallen van ketterij te melden die hem bekend waren. Een stuwende kracht achter de aanklachten waren de biechtvaders" (147).
"In een van de "klassieken" uit de inquisitieliteratuur, het handboek "Directorium inquisitorum" van Nicolaus Eymericus, werd al in de 16de eeuw over de trucs van de inquisitie vermeld: "De inquisiteur dient zich vriendschappelijk te gedragen en te doen alsof hij alles al weet. Hij moet in de stukken bladeren en zeggen: "Het is duidelijk datje niet de waarheid spreekt". Of hij moet een beschreven blad papier in de hand nemen en de verdachte met een verbaasde uitdrukking toevoegen: "Hoe kun je zo liegen, terwijl alles hier duidelijk op schrift staat?" Waarna hij vervolgt met: "Je kunt beter bekennen, want je ziet dat ik alles weet". Als lichtere druk niet helpt, moet men overgaan tot hardere aanpak" (153). Heeft de Gestapo van Hitier deze methode van de Inquisitie overgenomen?
De heiligverklaarde (!) Pius V
"in vele opzichten keerde Pius V tot de methoden terug die hij in de jaren vijftig samen met Paulus IV had doorgevoerd en die daarna door Pius IV waren afgezwakt. Opnieuw kregen de inquisiteurs het recht iedereen te folteren die zij op goede gronden van ketterij verdachten" (93).
Met verbazing vraag je je af: Hoe kunnen dergelijke pausendie in de Bijbel iets hebben gelezen over de zachtmoedigheid van Christus, die, toen men kwam om Hem te arresteren zelfs het oor van Malchus dat door Petrus (de zogenaamde eerste paus) was afgeslagen, heelde, zich plaatsbekleders van Christus noemen? En hoe heeft men deze wrede Pius V heilig kunnen verklaren en hem aldus als een voorbeeld ter navolging aan de rooms-katholieken kunnen aanprijzen?
Reformatie van de R.-K. Kerk
De Reformatie van de 16de eeuw was een protest tegen de leer én tegen het leven van de r.-k. kerkleiders van toen.
De leer is door het concilie van Trente niet veranderd, maar integendeel helderder dan vroeger geformuleerd en onder vervloeking voor altijd vastgelegd.
Maar het openbare, verdorven leven van de priesters, de bisschoppen, de kardinalen en de pausen is wél gewijzigd, vooral door de disciplinaire maatregelen die het concilie van Trente heeft afgekondigd. Dat wordt in dit boek eveneens op boeiende wijze beschreven. Het trof mij dat sommige restauratiemiddelen ook door deze paus worden toegepast, bv. een toename van heiligverklaringen.
HET ZWAARD OVER DE HERDER
Dit boek van ds. Hegger over het pausdom is uitverkocht en zal niet meer worden herdrukt. Wij hebben op ons kantoor echter nog enkele exemplaren, prijs ƒ 24,50 plus verzendkosten.
PRIESTERBOORD VERPLICHT
Vanaf 1 maart is hel dragen van de priesterboord (de "Romeinse collaar") in het dagelijkse leven voor de Nederlandse priesters verplichtend gesteld; aldus kard. Simonis in een brief van 31 jan. 1989.
Ons kommentaar: Waar staat in de Bijbel dat de ambtsdragers een (Romeinse) halsband moeten dragen als teken van de slaafse onderworpenheid aan een ander mens, de paus van Rome?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 april 1989
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 april 1989
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
