Krabbers… worden niet rijk
Een boertje kwam langs, terwijl ik bezig was in de tuin. Hij begon te lachen, hij en zijn vrouw, een onbedaarlijk lachen. Ik vroeg hem: "Wat is er aan de hand?". Toen kwam het er uit: "Krabbers worden niet rijk".
Was hij een beetje simpel? Of zag hij de tegenstelling tussen de prachtige Wartburg en de bewoner met schop, hark, schoffel en kruiwagen?
Ik keek later in Van Dale's groot woordenboek, maar vond dat gezegde daar niet. Was het misschien een uitdrukking, die in zijn streek gebezigd werd?
Dat gebeurt wel vaker dat volkswijsheden Van Dale niet bereiken. Zo hoorde ik in Roosendaal: "De geldbuidel en de bedelstaf hangen nooit langer dan honderd jaar boven dezelfde deur". Ook die uitdrukking vond ik niet bij Van Dale. Of had dat gezegde van dat boertje een diepere zin? Staat het misschien wel in het Woordenboek Gods? Is het goddelijke wijsheid? Is het iets dat ik van Gods wege moet doorgeven in IRS?
Hoe het ook zij, toen ik daar over bleef nadenken, meende ik er een bijbelse wijsheid in te ontdekken:
Het is waar dat de Bijbel ons vermaant te zien op onszelf. We zullen nooit behoefte krijgen aan een Verlosser, als we de nood niet hebben gezien, waarin we gezeten zijn. We zullen niet gaan schreeuwen om een Zaligmaker, zolang we onszelf niet zien als zondaars. Een koe die weggeleid wordt om geslacht te worden, heeft daar geen weet van en maakt zich niet ongerust. Zo zijn er vele "gerusten in Sion" (Amos 6:1).
Maar van de andere kant leert de Bijbel ook dat wij niet in onszelf moeten blijven krabben. Hoezeer we ook doorstoten naar de onderste lagen van ons zieleleven, we zullen er alleen maar duisternis en viezigheid ontdekken. Het is op geen enkele wijze opbeurend wanneer je zo bezig bent met het speuren naar de diepste motieven. De klop van het bloed in je innerlijk is alleen maar "ik, ik, ik".
Daarom is het niet verstandig, niet bijbels, om altijd maar in jezelf te blijven wroeten. Dan verkramp en verdor je. Je wordt er door en door somber en depressief van. De Heere Jezus vermaant ons: "Ziet omhoog en heft uw hoofden opwaarts, omdat uw verlossing nabij is" (Lk. 21:28). Hij zegt dat met het oog op de verdrukkingen van de eindtijd, maar dat gaat ook al meteen op voor ieder, die door de werking van het Woord en de Geest in de verdrukking is terecht gekomen, voor ieder die gebroken werd bij het zien van de ellendige toestand waarin hij door de zonde verzeild is geraakt.
KIJKERS WORDEN WEL RIJK
Zoals de Joden genezen werden van de dodelijke beet van de slangen, wanneer ze opzagen naar de koperen slang, zo zullen wij zonder medicijn genezen worden van de beet van de oude slang van het paradijs, de duivel, wanneer wij naar Jezus zien. Hij heeft het Zelf tot Nicodemus gezegd: "En gelijk Mozes de slang in de woestijn verhoogd heeft, alzo moet de Zoon des mensen verhoogd worden, opdat een ieder die in Hem gelooft, niet verderve, maar eeuwig leven hebbe" (Joh. 3:14).
Kijk naar Christus, en dan wordt u niet alleen bevrijd, maar ook rijk, oneindig rijk in Hem.
Vol verbazing zegt Paulus: "Mij, de allerminste van al de heiligen, is deze genade gegeven, om onder de heidenen door het Evangelie te verkondigen de onnaspeurlijke rijkdom van Christus" (Ef. 3:8).
Misschien is er onder de lezers van IRS iemand, die al jaren lang zit te krabben in zichzelf, zwoegend en zuchtend. Misschien mag ik hem/haar thans vertroostend toeroepen: "Heft uw hoofd omhoog, uw Verlosser is nabij. Kijk uzelf rijk aan Christus".
Laat het tot u doordringen: "Maar God die rijk is in barmhartigheid door Zijn grote liefde, waarmee Hij ons heeft liefgehad, ook toen wij dood waren door de misdaden, heeft (ons) levend gemaakt met Christus; (uit genade zijt gij zalig geworden)" (Ef. 2:4-5).
Misschien was deze boodschap die ik in de tuin kreeg, voor u bedoeld, voor u heel persoonlijk, en mag ik dat aan u doorgeven:
"Troost, troost Mijn volk, zal uw God zeggen. Spreekt naar het hart van Jeruzalem en roept haar toe dat haar strijd vervuld is, dat haar ongerechtigheid verzoend is. En de heerlijkheid des Heeren zal geopenbaard worden. Hij zal Zijn kudde weiden gelijk een herder; Hij zal de lammeren in Zijn armen vergaderen" (Jes. 40:1-11).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 mei 1988
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
