Hoofdzaken en bijzaken
n "De Kandelaar" las ik een pittig stukje van Joke Scholten onder bovenstaande titel, k dacht dat wij dat ons allemaal kunnen aantrekken. We lopen immers allemaal evaar onze tijd en energie te verliezen aan bijzaken.
Maar de hoofdzaak formuleert Paulus aldus: "Jaagt de liefde na en ijvert naar de geestelijke (gaven), maar meest dat gij moogt profeteren" (1 Kor. 14:1).
En wat is profeteren? "Wie profeteert, spreekt de mensen stichting en vermaning en vertroosting" (v. 3).
Wij moeten onszelf eerst de vraag stellen: Is mijn leven een uitstraling van liefde? Betekent mijn gedrag en mijn hele houding stichting voor de gemeente waartoe ik behoor? Worden de anderen daardoor vermaand en vertroost? Pas daarna kunnen we ook enige tijd en energie besteden aan vragen zoals over de wijze waarop we gekleed moeten gaan, of we al of niet een hoed(je) moeten dragen.
Maar we laten nu Joke Scholten aan het woord:
Pinksteren!
De Geest is uitgestort!
De Heilige Geest is zeer belangrijk. Zo belangrijk zelfs, dat de Heere Jezus Zijn discipelen gebood - een bevel dus - in Jeruzalem te blijven wachten, totdat ze aangedaan zouden worden met kracht van Omhoog.
De Heilige Geest is dus: KRACHT UIT DE HOGE!
Goddelijke kracht! En deze kracht ontvingen de discipelen op de eerste pinksterdag (Hand. 2).
U ziet dat je al een discipel van Jezus kunt zijnen toch nog Kracht moet ontvangen. De Heilige Geest wordt in de Bijbel wel eens vergeleken met olie en dan denk ik aan een auto. Daar moet ook olie in. De olie is zo belangrijk, dat, als er te weinig of geen olie in zit - maakt niet uit welk merk - je zo'n auto binnen de kortste keren in de prak rijdt.
Behalve als je zo'n auto maar stil voor de deur laat staan, dan doet het er niet toe of er wel of geen olie in zit. Maar als de eigenaar de auto wil gebruiken, en er mee vooruit wil komen, dan moet er toch beslist olie in zitten.
Met voldoende olie loopt zo'n auto gesmeerd. Zo is het ook met de kinderen Gods. Het oliepijl mag niet te ver zakken, anders gaan wij stroef lopen of komen zelfs helemaal tot stilstand.
Olie, daar draait alles om!
Mensen kunnen zich overal druk over maken, maar ondertussen vergeten ze olie bij te vullen. Net als de Farizeeën. Ze zeiden: "Heer, uw discipelen wassen hun handen niet voor het eten". Triomfantelijk keken ze de Heere aan, zo van: Dit kunt U toch niet gedogen, maar het gebod: "Wordt vervuld met de Geest", daar gingen deze Farizeeën geheel aan voorbij.
Bijzaken waren voor hun hoofdzaken en hoofdzaken bijzaken. Zo kan men zich in sommige kringen druk maken over het feit dat de vrouw een hoed draagt. Er wordt op gelet, een hoed of een muts, als het hoofd maar is bedekt.
Maar nu staat er in 1 Cor. 11:5: "Maar iedere vrouw die bidt of profeteert met ongedekten hoofde, onteert haar eigen hoofd…".
Nu kijkt men nauwgezet of het hoofd wel bedekt is, maar of de vrouw wel bidt of profeteert, daar hoor ik ze nooit over, terwijl er toch duidelijk staat: "De vrouw die profeteert, moet zich het hoofd dekken".
Zou het zo gespitst zijn op bijzaken niet komen, doordat men niet vervuld is met de Geest? Het hart blijft eng en men is maar met de buitenkant bezig. Het handen wassen of de juiste kleren of het juiste hoofddeksel.
Wie maakt zich druk om de grote opdracht: "Wordt vervuld met de Geest!" (Epheze 5:18)?
Het is niet voor niets Pinksteren geweest. De Geest is uitgestort maar wie komt er om. Bij velen is het oliepijl te laag en dan komt men aan het kibbelen over bijzaken en legt accenten verkeerd. Men let te veel op de buitenkant. Zoals een klant tegen mij zei: "Bij ons in de kerk draagt niemand van de vrouwen een pantalon", waarop ik antwoordde: "Jammer, dat God niet naar de benen kijkt".
Toen de farizeeën bij de Heere Jezus kwamen klagen over de ongewassen handen van Zijn discipelen zei de Heere Jezus:
"Dit volk eert Mij met de lippen, maar hun hart houdt zich verre van Mij. Doch tevergeefs eren zij Mij, lerende leringen die geboden zijn der mensen. Want nalatende het gebod Gods, houdt gij de inzettingen der mensen, (als namelijk) wassingen der kannen en drinkbekers, en andere dergelijke dingen doet gij vele. En Hij zeide tot hen: Gij doet (zeker) Gods gebod we) te niet, opdat gij uw inzettingen zoudt onderhouden" (Mt. 7:6-9)
Hoe waar! Hoe waar! Hoevelen, die zondag aan zondag in kerken en kringen zitten, stellen het gebod "wordt vervuld met de Geest" buiten werking.
Hoevele vrouwen dragen, volgens overlevering keurig een hoed, maar stellen het gebod "jaagt de liefde na en streeft naar de gaven des Geestes, doch vooral naar het profeteren" buiten werking. Men is maar bezig met de buitenkant van de beker te reinigen, maar van binnen verandert er weinig of niets.
Sommige dames letten er op dat ze toch steeds een hoed hebben die min of meer in de mode is. Ze vernieuwen hun hoed in plaats van hun hart.
In Handelingen lezen we dat de discipelen steeds weer opnieuw vervuld werden met de Heilige Geest. Dit is de vernieuwing die we nodig hebben. Iedere keer weer op-nieuw. Let op de hoofdzaken, dan komt het met de bijzaken ook wel in orde, want de Geest leidt in alle waarheid.
KRUIS EN GRATIE
CALVIJN over de rechtvaardiging, het kruisdragen en het gebed
Van harte bevelen we dit boek van drs. A. de Reuver (uitg. v.d. Tol-Dordrecht, 167 blz. f 19,50) bij u aan. Op een boeiende wijze leidt de schrijver ons binnen in de rijke gedachtenwereld van Calvijn.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 september 1987
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 september 1987
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
