LIJDEN
Naarmate ik ouder word, ervaar ik meer dat het lijden een wezenlijk element is van het (of althans mijn) christelijke leven.
Natuurlijk kon ik dat weten. Iedereen kan het in de Bijbel lezen. Christus voorspelt dat degenen die Hem volgen willen, een lijdensweg zullen moeten bewandelen achter Hem aan.
Zo de Meester, zo de discipel; zo de Heere, zo de knecht.
"Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme zijn kruis dagelijks op en volge Mij" (Lukas 9:23). Maar wij zijn hardleers. En dat is te begrijpen, want van nature schrikken we terug voor het lijden.
En toch is dat lijden nodig. Het reinigt en staalt ons.
Lijden in vele vormen, verschillend in intensiteit en kleur.
Teleurstelling. Je had zulke hoge verwachtingen van de gemeente waar je je bij aansloot. Je kende je eigen zelfzucht en al spoedig ontdekte je die zelfzucht ook bij de anderen.
Je merkte dat je in dit grote leven eigenlijk alleen staat. Zelf voel je je niet in staat om het huis van je eigen veilige 'ik' te verlaten om op zoek te gaan naar de ander. En je moet die machteloosheid ook bij de anderen konstateren. Naar elkaar hunkerende wezens die noodsignalen uitzenden, maar de code missen om die signalen te ontcijferen, of die, als zeer wel in geslaagd zijn die code te ontcijferen, slechts vermoeid vanuit de verte naar de ander kunnen wuiven.
Maar doordat je aldus telkens wordt teruggeworpen op jezelf, kom je ertoe om op den duur steeds meer je betraande ogen op te heffen naar de heilige Bergen vanwaar uw hulp komt (ps. 121). Dan zoek je zo lang totdatje ogen eindelijk rusten in die van de goede Herder. Dan weet je het weer, dan weet je het steeds zuiverder: "Ik ben de goede Herder en Ik ken de Mijnen en word door de Mijnen gekend" (Joh. 10:14).
Je leert Hem dan steeds meer kennen als de Gekruisigde, die Zijn leven gaf voor de schapen. Je wordt leerling in de school van Zijn lijden.
Aanvechtingen. Die dreigen soms je ziel stuk te vreten. Als een purperen verterende gloed kan de aanvechting je wezen opdrogen.
De twijfel slaatje neer, matje af en legt alles in je lam. Loom probeer je op te staan, maar je valt meteen weer terug, moedeloos, ellendig.
Soms kan die aanvechting in je gaan uitgroeien tot een orkaan. Dan loeit en huilt alles in je. Het schip van je ziel kraakt in zijn voegen. Zal de mast het houden? Zullen de touwen niet knappen?
Maar dan komt toch altijd weer Zijn lieflijke gestalte op je af, wandelend over de woeste golven, wandelend in de nacht… naar jou toe. En boven het bulderen van de winden uit klinkt dan Zijn stem: "Wees niet bevreesd! Ik ben met je".
Soms is er ook de opstandigheid: "Heere, moet dat nu zó? Hebt U er dan plezier in, dat ik zo gebeukt en gekneusd word?" En een volgend moment kus je de handen van deze Vader.
Demonische machten. Vergeet toch niet: naarmate u getuigt van Christus, zult u een mikpunt, een schietschijf, worden van de machten der duisternis. Dat kan niet uitblijven.
Ze proberen u in een hoek te drijven en klem te rijden, zodat u niet naar voren noch naar achteren kunt. Dan kan de benauwenis je naar de keel grijpen. Je kunt het uitschreeuwen van verlatenheid.
Maar als dan de Heere weer aan je verschijnt… wat een verrukking! Want dan weetje het, je ziet het: het was om Hem. Dan ervaar je die innige blik van verstandhouding tussen Hem en jou. Dan zingt het in je: Ik ben van Hem en Hij is van mij! Dan versta je iets van wat Paulus schreef: "… het Evangelie… van hetwelk ik, Paulus, een dienaar geworden ben; die mij nu verblijd in mijn lijden voor u en vervul in mijn vlees de overblijfselen van de verdrukkingen van Christus, voor Zijn lichaam hetwelk is de gemeente" (Kol. 1:24).
Je weet het dan dat Christus ook jouw lijden opneemt in het Zijne om het dienstbaar te maken aan Zijn plannen, om het in te schakelen in Zijn liefde voor de gemeente.
Teleurstellingen, aanvechtingen, het liggen in de vuurlinie van de duivel, drie vormen van lijden. Maar er zijn er veel meer. Elk huis heeft zijn kruis, elk hart heeft zijn smart.
"Maar in dit alles zijn wij meer dan overwinnaars door Hem die ons heeft liefgehad" (Rom. 8:39). Halleluja! Gods Naam zij geprezen voor altijd!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 juli 1987
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 juli 1987
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
