In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

De wil

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

De wil

10 minuten leestijd

De wil is het vermogen van de zelfbepaling. Een dier mist een wil. Een dier kan zich alleen maar laten drijven door zijn instinkten. Het leeft eigenlijk niet, maar wordt geleefd. De mens kan echter boven de stroom van zijn instinktieve neigingen uitrijzen door middel van zijn wil.

Die wil is sinds de erfzonde niet meer vrij. We zijn gedoemd tot de slavernij van de zonde als een macht in ons. We kunnen niet anders dan uiteindelijk, vaak achter mooie en idealistische wierookgordijnen, onszelf beogen.

Binnen die slavernij, die gebondenheid aan de zonde, bestaat er nog wél enige vrijheid. Zo kan bv. iemand die besloten heeft tot overspel, wikken en wegen wanneer het volgens hem de beste gelegenheid is met het minste risico om ontdekt te worden en dan de beslissing nemen: ik doe het vanavond, morgen of overmorgen; ik doe het niet hier, maar daar, in een hotel, ergens in het bos enz. Uit die mogelijkheden kan de zondige mens nog steeds kiezen.

Maar ook de hogere diersoorten beschikken over de, zij het wat meer beperkte, mogelijkheid van dergelijke keuzen.

Vrij door Christus

Sinds de zondeval moet de mens door God Zelf vrij gemaakt worden. "Werkt uws zelfs zaligheid met vreze en beven, want het is God die in u werkt beide het willen en het werken, naar Zijn welbehagen" (Fil. 2:12-13).

En hoe doet God dat? Door Christus! "Indien dan de Zoon u vrijgemaakt zal hebben, zo zult gij waarlijk vrij zijn" (Joh. 8:36). Elke andere vrijheid is dus slechts schijn.

En hoe maakt Christus ons vrij? Door ons de waarheid te openbaren: "Indien gij in Mijn woord blijft, zo zijt gij waarlijk Mijn discipelen; en gij zult de waarheid verstaan en de waarheid zal u vrijmaken" (Joh. 8:31-32).

Hoe was Christus vrij?

Als Christus de grote Bevrijder is die ook óns wil vrijmaken, dan is het van groot belang na te gaan hoe Christus Zelf Zijn vrijheid beleefde.

Eerst moeten we dan vaststellen dat ook Hij het soms moeilijk had om uit te rijzen boven allerlei gevoelens. De brief aan de Hebreeën laat daarover geen twijfel bestaan: "(Christus) die in de dagen van Zijn vlees gebeden en smekingen tot Hem die Hem uit de dood kon verlossen, met sterke roeping en tranen geofferd hebbende en verhoord zijnde uit de vrees, hoewel Hij de Zoon was, (nochtans) gehoorzaamheid geleerd heeft uit hetgeen Hij geleden heeft" (Hebr. 5:7-8). Christus, de grote Leermeester, was dus ook Zelf een leerling in de leerschool van het lijden met zijn pijnlijke lessen.

We kennen ook Zijn gebedsworsteling in Gethsemané vanuit een dodelijke angst en droefheid, waarbij Hij water en bloed zweette. Hij wist Zich daar bovenuit te werken, zodat Hij tenslotte kon zeggen: "Doch niet wat Ik wil, maar wat Gij wilt" (Mk. 14:36). Hoe heeft Hij dat klaargespeeld?

Christus was gemotiveerd

Dat lezen we in Hebr. 12:2. "Jezus die voor de vreugde welke Hem voorgesteld was het kruis heeft verdragen en schande veracht".

Dat was ook reeds in het O.T. voorspeld: "Als Hij Zich (tot) een schuldoffer gesteld zal hebben, zo zal Hij zaad zien. Hij zal de dagen verlengen; en het welbehagen des Heeren zal door Zijn hand gelukkig voortgaan. Om de arbeid van Zijn ziel zal Hij het zien (en) verzadigd worden" (Jes. 53:10-11).

Zo kunnen ook wij slechts vrij worden en vrij blijven door de motieven, die Gods Woord ons aanreikt: "Indien gij in Mijn woord blijft… en de waarheid zal u vrijmaken".

Ook wij moeten het kruis op ons nemen en achter Jezus aandragen om wille van de vreugde, die ons daarbij in het vooruitzicht wordt gesteld, nu reeds gedeeltelijk, later volkomen. "In Hem verheugt gij u met een onuitsprekelijke en heerlijke vreugde" (1 Petr. 1:8). "Ga in in de vreugde van uw heer" (Mat. 25:21). "Het lijden van de tegenwoordige tijd is niet te waarderen tegen de heerlijkheid, die aan ons zal geopenbaard worden" (Rom. 8:18).

Gesterkt door de Geest

Al was Christus volkomen gemotiveerd, toch had Hij bovendien de steun van de Heilige Geest nodig.

We zien dat bij het begin van Zijn openbare leven. "En (het geschiedde) dat de Heilige Geest op Hem neerdaalde in lichamelijke gestalte gelijk een duif' (Lk. 3:22). "En Jezus, vol van de Heilige Geest, keerde weer van de Jordaan en werd door de Geest geleid in de woestijn". "En Jezus keerde weer door de kracht des Geestes naar Galilea". "En Hem werd gegeven het boek van de profeet Jesaja; en toen Hij het boek opengedaan had, vond Hij de plaats waar geschreven was: De Geest des Heeren is op Mij, daarom dat Hij Mij gezalfd heeft". "En Hij begon tot hen te zeggen: Heden is deze Schrift in uw oren vervuld" (Lk. 4:1, 14, 17-18, 21).

Die Heilige Geest heeft Hem echter ook de kracht gegeven om Zichzelf als een offerande aan de Vader op te dragen voor de verzoening van onze zonden: "Christus die door de eeuwige Geest Zichzelf Gode onbestraffelijk opgeofferd heeft" (Hebr. 9:14).

Zo is het ook voor ons niet voldoende dat wij ons de prachtigste bijbelse motieven voor de geest halen. Pas als de Heilige Geest die motieven doorgloeit met Zijn kracht, kunnen wij onszelf opheffen tot de vrijheid van Christus: "Waar de Geest des Heeren is, aldaar is vrijheid".

Een geestelijk huwelijk

Christus wil ons door Zijn Woord en Geest brengen tot de eenheid met de wil van Zijn Vader. Hij heeft van Zichzelf gezegd: "Mijn spijs is dat Ik doe de wil van Hem die Mij gezonden heeft en Zijn werk volbreng" (Joh. 4:34). Hij wil ook ons dat geheim leren, zodat de wil van de Vader voor ons eten en drinken wordt, dé grote vreugde van elke dag en elk uur.

Kent u al die verborgenheid? Ze is als een geestelijk huwelijk. Dan zegje heel diep en in het meest heldere bewustzijn 'ja' tegen God. het ja van het geloof en de liefde. Dan zegje: "Uw wil is voortaan geheel en al mijn wil. Ik wil alleen maar wat U wilt. Ook al zou dat de meest pijnlijke gevolgen met zich meebrengen: verachting, vervolging, pijn of zelfs de dood, ik wil slechts wat U wil".

Je hecht jezelf dan helemaal vast aan die heilige wil van God. Je maakt er jezelf helemaal één mee. Je zegt er met je hart amen op. Je zingt van die wil. Je laat die wil reinigend door je heentrekken. Je verplaatst je buiten jezelf. Je gaat over naar en in die goddelijke wil. Je laat jezelf erop wiegen als op een machtige én zoete stroom. Je hebt er plezier in om telkens opnieuw ja te zeggen tegen die wil van God.

En je merkt hoe de Heilige Geest je dan door het Woord opneemt in die wil en je éénmaakt met de Eeuwige, de Schepper en Instandhouder van hemel en aarde. De vreugde van Christus wordt je deel, want je ziet hoe Hij er behagen in heeft dat Hij ons aldus brengt tot diezelfde volstrekte onderworpenheid aan de wil van Zijn Vader, waaruit Hijzelfheeft geleefd. Deze eenheid met de wil van de Vader is rust, reinheid, licht en liefde. Ze is het gevolg van de werkzaamheid van Christus aan ons: "Gij, mannen, hebt uw eigen vrouwen lief gelijk ook Christus de Gemeente liefgehad heeft en Zichzelf voor haar heeft overgegeven, opdat Hij haar heiligen zou, (haar) gereinigd hebbende met het bad des waters door het Woord; opdat Hij haar Zichzelf heerlijk zou voorstellen, een Gemeente die geen vlek of rimpel heeft of iets dergelijks, maardatzij heilig zou zijn en onberispelijk" (Ef. 5:25-27).

De strijd van het vlees tegen de geest

Zeker, uit de Bijbel en uit eigen ervaring weet ik heel goed dat de 'oude mens' in mij helemaal niet akkoord gaat met die volstrekte overgave aan Gods wil. Als ik daar in de hoogte, in de zuivere sferen van de geest, met mijn in de wedergeboorte vrijgemaakte wil mij hecht aan die wil van God en die wil in hevige intensiteit en in tedere innigheid omhels, zegt het 'vlees' in mij: Alles goed en wel, maar ik wil ook aan mijn trekken komen. Ik weiger om mij aan de wil van God te onderwerpen.

Dat is de strijd van het vlees (onze zondige natuur) tegen de geest, een strijd die heel ons leven duren zal, een soms zeer vermoeiende strijd. "Want het vlees begeert tegen de Geest en de Geest tegen het vlees; en deze staan tegen elkander" (Gal. 5:17).

Maar die strijd draagt bij de trouwe gelovige déze vrucht, dat hij steeds meer in de ootmoed komt te staan voor Gods aanschijn. Je geloof wordt erdoor gesterkt. Je weet je steeds sterker, wantje wordt door het besef van de eigen zondige zwakte in je steeds meer uit jezelf gedreven om al je vertrouwen te stellen in Christus alleen. Ook door ervaring kun je het dan Paulus nazeggen: "Want als ik zwak ben. dan ben ik machtig" (2 Kor. 12:10).

Je krijgt dan een steeds grotere afschuw van die donkere stroom in je. Je hebt er steeds meer verdriet over dat die 'oude mens' in je, die toch ook een deel van jezelf is, maar niet mee wil en maar blijft revolteren tegen de wil van God, die je met je geest liefhebt en met heel je hart aanhangt.

Maar daarom klamp je je ook met je geest des te hartstochtelijker vast aan die wil van God en vier je in grote zaligheid dat geestelijke huwelijk, die bruiloft waarbij je je geheel overgeeft aan God en aan Zijn wil.

Dan hef ik mijn ogen op naar de bergen vanwaar mijn hulp komt. Dan zing ik: "Ik hef tot U die in de hemel zit, mijn ogen op en bid. Gelijk een knecht ziet op de hand zijns heren om nooddruft te begeren en 't oog der maagd is op haar vrouw geslagen om hulp of gunst te vragen, zo slaan wij 't oog op onze Heer tot Hij ook ons genadig zij."

Dan wil ik al dat oude, dat zondige, in mij vergeten, er zo ver mogelijk van wegvluchten en alleen maar, daar in de hoogte, de ijlte en de stilte, de liefde van God vinden en ervaren, wegzinken in die liefde, genietend van de eenheid met Gods heilige wil.

Zie naar Christus

Laat uzelf voortdurend door Christus stoppen in het reinigende bruidsbad van Zijn Woord. Soms kan dat erg pijnlijk zijn. Zoals een sodabad wel kan bijten, maar tegelijk zuiverend en genezend inwerkt op een wond, die je hebt opgelopen. Zie dan naar Christus, naar Zijn dienende houding, naar deze Bruidegom met Zijn grote en nederige liefde. Laat u door Hem eenswillend maken met de wil van Zijn Vader. Vier de vreugde van de eenheid met de Wil van de Vader. Vier die vreugde met Hem, want ook Hij wil alleen maar die wil van de Vader. Laat u wegzinken in die eeuwige wil. Kus die wil. Omhels aldus de Vader Zelf die altijd weer de verloren zoon kussen en omhelzen wil.

Ja… de verloren zoon. Want helaas vallen wij zo gemakkelijk uit die hoge stemming en gaan eigen wegen op en dwalen weg van Gods wil. Kom dan tot verootmoediging. Blijf niet mokken, omdat u teleurgesteld bent in uzelf. Klop uzelf op de borst: "O God, wees mij, zondaar, genadig". En wéér, altijd wéér, zult u de liefdevolle vergevende genadige armen van de Vader om u heen voelen. 00000000000000000000000 Roem in Gods barmhartigheid!

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 oktober 1985

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

De wil

Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 oktober 1985

In de Rechte Straat | 32 Pagina's