Conferentie in Zúrich
Om twee redenen nam ik deel aan de Wereld Pinkster Conferentie in Zúrich. In de eerste plaats, omdat ook ex-priester Antiónio Aparício daar zou zijn. Ik zou dan nader met hem kunnen kennis maken. We sliepen in één hotelkamer. Dat maakt alles goedkoper. En elke afstand valt gemakkelijker weg, wanneer je elkaar in piama ziet.
Een tweede reden was na te gaan, waarom de pinksterbeweging zulk een enorme aantrekkingskracht uitoefent, vooral op rooms-katholieken. De pinksterbeweging is begonnen in 1907 en telt thans ongeveer 60 miljoen aanhangers. Alleen reeds Brazilië heeft 15 miljoen leden van pinkstergemeenten.
Nu kunnen wij, reformatorische christenen, ons daar met een schouderophalen van af zien te maken met de zelfvoldane verzekering: "Het is wel waar dat zij zo geweldig groeien en dat wij eerder afbrokkelen dan toenemen, maar wij hebben in elk geval de juiste leer."
Maar zijn we dan in overeenstemming met de vermaning van Paulus: "In ootmoedigheid achte de een de ander uitnemender dan zichzelf" (Fil. 2:3)? En met een grondbelijden van het reformatorische christendom nl. dat we onszélf moeten onderzoeken, eigen schuld moeten opsporen en niet allereerst met de vinger naar de ander moeten wijzen die het allemaal zo verkeerd doet?
Zeker, het grote getal is op zichzelf nog geen bewijs van de waarheid. Maar de verschillende gelijkenissen die de Heere uitsprak, tekenen ons het Woord Gods als een zaad met enorme kiemkracht, dat honderdvoudige vrucht voortbrengt. Wanneer wij moeten vaststellen dat onze gemeenten weinig vrucht voortbrengea zodat er nauwelijks nog buitenstaanders door het getuigenis en het leven van onze gemeenteleden tot bekering komen, dan is het niet bijbels om dat uitsluitend te wijten aan de Heere van de uitverkiezing.
Niemand komt tot bekering door de menselijke inspanning van een ander. Dat werd ook in Zúrich benadrukt. Op deze conferentie van de Pinksterbeweging werd - misschien had u dat niet verwacht - de soevereiniteit Gods duidelijk verkondigd.
Maar men trok daaruit de bijbelse konklusie: Dus moeten wij de Heere intens en aanhoudend bidden dat Hij arbeiders in de oogst moge uitzenden en dat Hij het uitgestrooide zaad van Het Woord tot ontkieming moge brengen.
Doen wij dat wel voldoende? Of vertrouwen wij op onze uitstekend georganiseerde evangelisatiecommissies en goed uitgeruste zendelingen? Op onze geregelde, jaarlijkse grote financiële bijdrage voor de evangelisatie en de zending?
Dat is niet de afhankelijkheid van de Heere van de oogst, die de Bijbel ons voorhoudt. Het echte gebed is altijd een worsteling, een ootmoedig, maar tegelijk vurig aandringen bij de Heere: "Breng mensen tot bekering, opdat ook zij Uw grote Naam gaan verkondigen.
En wanneer wij voortdurend als Abraham pleiten: "Heere, red de zondaars, breng hen tot geloof in Christus, want anders zult U hen voor eeuwig moeten verdoemen", dan kan het niet anders of wij zullen, zodra wij daartoe ergens de gelegenheid hebben, aan de zondaars de weg tot behoud uiteenzetten en het zaad van het Woord dat God ons heeft toevertrouwd, uitstrooien.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 september 1985
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 september 1985
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
