Paus herdacht martelaren van Gorkum
Bij de foto (ANP) op p. 4
Tijdens de samenkomst met de zieken en gehandicapten op 13 mei in de Houtrusthallen van Den Haag memoreerde de paus de martelaren van Gorkum. Dat gebeurde eveneens in de liturgie van de mis, die hij opdroeg.
Op 9 juli 1572 zijn deze 19 priesters en kloosterlingen op bevel van De Lumey door de zogenaamde Watergeuzen gemarteld en ter dood gebracht; ondanks het bevel van Willem van Oranje om hen vrij te laten.
Elk jaar herdenkt de R.-K. Kerk van Nederland op 9 juli deze martelaren met een mis, waarvan het introïtus (het intreegebed) aldus luidt: "Moge het gekerm van de gevangenen komen voor Uw aanschijn, o Heere; vergeld het zevenvoudig aan onze buren; wreek het vergoten bloed van Uw heiligen" (ps. 78:11, 12 en 10, vertaling misboek van Prisma). (Ik weet niet of deze tekst ook in de huidige misviering op 9 juli is overgenomen).
Dat is een heenwijzing naar Openb. 6:9, waar Johannes schrijft'ik zag onder het altaar de zielen van hen die gedood waren om het Woord Gods en om het getuigenis dat zij hadden. En zij riepen met grote stem: Hoelang, o heilige en waarachtige Heerser, oordeelt en wreekt Gij ons bloed niet aan hen die op de aarde wonen?"
Volgens r.-k. voorschrift moet onder de altaarsteen de relikwie van een of meerdere martelaars worden aangebracht. (Relikwie = overblijfsel van het lichaam of van de kleren of gebruiksvoorwerpen van een heilige).
Onder het altaar waar de paus de mis opdroeg, was de kist met de relikwieën van de martelaren van Gorkum geplaatst, die men apart daarvoor uit Den Briel waar ze in de het r.-k. kerkgebouw worden vereerd, gehaald had. Aldus vertelde de omroepster.
Daarmee werd opnieuw aan de r.-katholieken gesuggereerd (wat ik ook vroeger zelf geloofd heb) dat de calvinisten in Nederland destijds de rooms-katholieken wreed vervolgd hebben, terwijl iedereen weten kan dat de Ned. Hervormde Kerk van toen part noch deel had aan die moord.
Daartegenover werd voorgesteld dat de duizenden protestantse geloofshelden op last van de koning van Spanje, buiten verantwoordelijkheid van de pausen, slechts vanwege rebellie en revolutie zijn gemarteld en ter dood gebracht.
Als de paus het nodig oordeelde om de geschiedenis op te rakelen, dan had hij toch minstens - hij zal de ware geschiedenis toch wel kennen, mogen we aannemen - zijn leedwezen kunnen uitspreken over de duizenden martelaren van de Reformatie, die destijds op last van de pauselijke Inquisitie zijn gefolterd en vermoord.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1985
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1985
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
