Soli
Aan U alleen de eer, o hoog en heilig Wezen. Uw grootheid zij geprezen, want Gij alleen zijt Heer
Tu solus Dominus en louter glorie huist er en grondeloze luister in U, Altissimus.
Wij buigen voor U neer, U huldigend als Koning, want eeuwig is Uw woning van nu en van weleer.
Ik zucht naar waar Gij zit in blinkend witte lichten, in zuiv're vergezichten, opdat ik U aanbid.
Ik neig mij voor U neer, vernederd om mijn zonden en door mijn schuld geschonden. Wees mij genadig, Heer.
Maar wijl Gij liefde zijt, wilt Gij dat 'k U vertrouwe en op Uw goedheid bouwe, ondanks Uw heiligheid.
Ik loof Uw lieflijkheid, wanneer Gij mij wilt wekken, mij door Uw Geest gaat trekken, Uw armen om mij breidt.
Ik zoek U in Uw Zoon, want Gij hebt Hem gegeven, opdat wij in Hem leven. Hij is Uw liefdeloon.
O neem uit mij de doem naar eigen eer te jagen, opdat ik U behage en enkel in U roem.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 1984
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 mei 1984
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
