DE KLACHT VAN EEN EX-ROOMS-KATHOLIEK
De schrijver van „Geen geloof zonder bewijs" is rooms-katholiek geweest. Ik ken hem al heel lang. En het verwonderde mij dan ook niet dat zijn boek een klacht bevat over de verdeeldheid van de protestantse kerken. Voor ons is de ontdekking daarvan een diepe teleurstelling, die we moeilijk verwerken kunnen, omdat juist de kerken van de Reformatie zo krachtig belijden: „Alleen de Schrift, dus geen menselijke toevoegselen". Pé de Bruin schrijft:
U zegt dat de bediening van dat woord u, kerken, is toevertrouwd. Indien dat zo is, waar klinkt dan vanuit uw mond de vertolking van dat woord? Nee, niet een woordverkondiging via de veilige kanalen die gevormd worden door de kolommen van uw kerkbladen en ook niet een woordverkondiging via de komfortabele studio van uw omroep, maar een woordverkondiging middenin de voor u zo ruige wereld.
Paulus deed dat toch ook en een Petrus en een Johannes en die vele anderen die u met elkaar ziet als uw voorgangers. Wel volg dan eens hun voorbeeld! En dan niet een woordverkondiging, die getoonzet is op preekstoelhoogte, want voor die klank is de wereld doof. Kom met een woord dat de vrucht is van een gelovig hart en een goed verstand.
Maar ach, u weet dat zelfs het orthodoxe christendom zich heeft teruggetrokken binnen de eigen veilige behuizing en daar veroordelende woorden spreekt over „de wereld", maar tegenover die wereld zwijgt.
Het begeeft zich zondags naar de veilige beslotenheid, die ommuurd wordt door de wanden van de eigen kerk. Terwijl Jezus bad: „Ik bid niet dat Gij ze uit de wereld wegneemt, maar dat Gij hen bewaart van den boze", heeft dat christendom zichzelf uit de wereld weggenomen. Daarbij heeft het, heel eigenmachtig, de Heiland der wereld opgesloten binnen de nauwe kring van de eigen heilsverwachting en zegt: als ik maar weet dat…! Als ik maar weet dat mijn Verlosser leeft, dat mijn schuld tegenover God is verzoend en dat op mij wacht een eeuwig gelukzalig leven. De naaste, die niet weet dat ook zijn Verlosser leeft, die mag dan - wat u betreft - voor eeuwig tenonder gaan? Dat is nogal wat!
Nou ja, die naaste wil toch niet luisteren, denkt u; of zegt u. In zekere zin zult u daarin wel gelijk hebben. Uw naaste zal niet naar u luisteren als u hem benadert vanuit uw traditie, vanuit uw ligging; vanuit een overtuiging die voornamelijk gevoed wordt door de leer der vaderen. Die naaste zal eveneens niet naar u luisteren, als u hem benadert met de tongval van de nogal uitgesleten „tale Kanaans". Mogelijk dat hij wél naar u zal luisteren als u hem aanspreekt op een geloofwaardige wijze. Als u hem aanspreekt vanuit de geweldige kracht van het heilige woord van God. Maar, dan moet u natuurlijk wel kunnen komen met een kennis van dat woord, die hecht- en weldoortimmerd is. Wat weet uw naaste van het woord van God; wat weet hij van God? Wanneer zou hij dan op een werkelijk geloofwaardige wijze over God hebben horen spreken? Men heeft hem verteld dat God dood is en verschillende theologen(!) hebben hem verteld dat de Schrift een onbetrouwbaar boek is. Die Schrift, zo hebben ze hem verteld, is een boek waarin niet God tot de mens spreekt, maar waarin de mens over God spreekt. Ze hebben hem ook gezegd dat de Schrift historisch onbetrouwbaar is en dat daarin verhalen staan, die niet uitkomen boven het niveau van een legende of een mythe. Ze hebben hem zelfs geleerd dat er in de Schrift teksten voorkomen die met elkaar in tegenspraak zijn. U, kerken, die de Schrift wél erkent als het onfeilbare woord van God, brengt u, bijvoorbeeld door uw onderlinge verdeeldheid, die leugens over de Schrift niet zelf in beeld? Je zou toch bijna kunnen zeggen: zoveel hoofden, zoveel kerken. Kerken die, ieder voor zich, als met hun hoofden in de wolken lopen; menen met hun leer Gode het meest nabij te zijn. Ieder van die hoofden ziet al die andere kerkelijke hoofden als inferieur aan het zijne. Het bestaan van iedere kerk is in tegenspraak met het bestaansrecht van de andere kerken. Desondanks bestaan alle kerken met verwijzing naar het woord van God en iedere kerk noemt dat woord de hoeksteen van haar bestaan. Het is dan wel een hoeksteen, die voor iedere andere kerk moet zijn: een steen des aanstoots.
Maar, of die verwijzing is een leugen, of de Schrift is een leugen. Wanneer de zo verdeelde kerk kan bestaan met verwijzing naar de bijbel, dan is die bijbel een boek dat de verdeeldheid zaait, terwijl het de eenheid predikt. Dan zou die bijbel zijn als een bron, waaruit tegelijkertijd zoet en zout water opborrelt en dat is dus brak water. Dat is water dat de dood schenkt in plaats van het leven. Een dergelijke bron kun je maar het beste mijden.
Als je eens kijkt naar die verdeeldheid der kerken én als je eens een blik werpt in de geschiedenis en leest wat er zoal in de naam van de bijbel is gebeurd, dan kun je je eigenlijk alleen maar afwenden van het beeld dat dan opdoemt. Want, waar je een beeld zou moeten verwachten, dat gesierd is met de nobele trekken van liefde, eenvoud, zachtmoedigheid, barmhartigheid, geloof en van eenheid, zie je een beeld verrijzen dat getekend is door de onaangename trekken van liefdeloosheid, hoogmoed, hardheid, ongeloof en verdeeldheid.
Indien het werkmodel van de kerk, zowel in het heden als in het verleden, het vertaalwerk zou zijn van de bijbel, wat moet je dan met zo'n boek? Wat moet je dan met zo'n boek, dat de mensen zou hebben geleerd om van vrije mensen slaven te maken, om mensen met een andere huidskleur te verachten, de armen te minachten en de joden te vervolgen? Wat te doen met zo'n boek dat er oorzaak van zou zijn, dat mensen zo in verdeeldheid tegenover elkaar kunnen staan?
Wat te doen met zo'n boek, dat de pretentie heeft de openbaring van God te zijn, maar dat, zoals men beweert, iedere ketter zijn eigen letter schenkt? Wat te doen met dat boek, waarvan vele theologen zeggen, dat het een onbetrouwbaar boek is? Dat boek, dat nu al zo veel eeuwen de oorzaak zou zijn van strijd, verdeeldheid, enzovoort, dat kun je - als dat zo zou zijn - maar het beste zover mogelijk van je werpen.
Maar de mens, die voelt dat er achter de materiële werkelijkheid een andere schuilgaat, die voelt dat er wél een God is, staat dan met lege handen in het leven. Handen die hij hooguit nog kan laten vullen met wat Oosters religieus speelgoed, of met een atheïstische ideologie. Zo'n ideologie als het marxisme heeft tenminste nog in haar vaandel staan het Vrijheid, Gelijkheid en Broederschap. Idealen waarvan overigens ook maar weinig terecht komt. Maar, daarvoor is dat dan ook erkend mensenwerk.
Sola Scriptura
Wanneer de kerken die zeggen in gehoorzaamheid aan het woord van God te willen leven - een woord dat bepaald niet de verdeeldheid zaait - eens zouden tonen daarin de waarheid te spreken; dat ze eens door hun daden zouden bewijzen, dat hun woorden oprecht zijn. Begin dan kerken, die ergernis gevende en zeer onbijbelse verdeeldheid eens op te ruimen. Gij die beweert dat het woord van God u als een kostbaar pand is toevertrouwd, handel dan eens in overeenstemming met die bewering en wordt eindelijk één in waarheid. Waarom niet alle historische ballast op non actief gezet en met elkaar rond de tafel gaan zitten?
De Schrift verbiedt u bepaald niet om dat te doen. Waarom dan niet eindelijk eens het Sola Scriptura in beeld gebracht? In Gods Naam, doe het!
In het licht van dat geweldige woord van God, is uw onderling verschil van ligging en uw historische achtergrond, toch een lachertje; of een vloek?
Maar terwijl u, verdeelde kerken, zo ijverig bezig was de klok te luiden voor uw eigen gemeenteleden, heeft men buiten de kerken de mens het doemdenken bijgebracht.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1983
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1983
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
