In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

ER IS NOG NIEMAND VAN DE DOOD TERUGGEKEERD

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

ER IS NOG NIEMAND VAN DE DOOD TERUGGEKEERD

4 minuten leestijd

De rups

Denk bijvoorbeeld maar aan de rups. Dat diertje dat aan het einde van zijn kruipend bestaan een fraai doodskistje voor zichzelf maakt, daarin vervolgens als rups sterft, maar daaruit na verloop van tijd weer tevoorschijn komt als een fraaie vlinder.

Wat een verschil in soort van leven, een vlinder of een rups. Zo'n vlinder zoals die daar luchtig dartelt in het zonlicht, vliegend van bloem naar bloem en de eigenlijk wel wat onappetijtelijke rups, die aan bladeren knagend aan de kost komt. Rups en vlinder: in feite één wezen, maar met twee verschillende levens.

De libel

Van een leven na een leven geeft ook de libel een opmerkelijk voorbeeld. Dat fraaie, kleurige insect heeft al een hele carrière achter de rug wanneer het als libel wordt geboren, of beter gezegd, wordt herboren.

Je zou eigenlijk kunnen zeggen dat iedere libel een vliegende grijsaard is. Het beestje heeft namelijk al een heel leven geleefd voordat het als libel zijn tweede leven binnenging.

Zijn eerste leven zag er bij lange na niet zo plezierig uit als zijn tweede leven. Dat eerste bestaan speelde zich namelijk af in de natte gewelven van bijvoorbeeld een boerensloot. Daar sleet het als een zeer roofzuchtig, keverachtig, diertje zijn donkere- en vochtige levensdagen.

De oppervlakte van het water vormde de absolute grens tussen leven en dood. Onder die grens, daar kon het zijn keverleven leiden en onder die grens daar bleef het dan ook. Daar bleef het totdat het einde van zijn keverleven zich aandiende. Wanneer zo'n moment aanbreekt, dan moet het diertje vertrekken uit de min of meer veilige beslotenheid van die boerensloot; een afscheid voorgoed.

Zou een dergelijk wezentje beschikken over emoties- en over een redelijk bewustzijn, dan zou het heel wat redenen hebben tot grote droefheid. Het kan niet anders of het moet zich wel uiterst ellendig voelen nu zijn lichaampje verdere dienst gaat weigeren. Het beseft: mijn einde is in zicht. Het is met mij gedaan. Het is afgelopen. Ik moet scheiden van mijn leven en van al hetgeen mij zo vertrouwd is en zo dierbaar. Een afscheid voorgoed van de natte werkelijkheid, waar het toch zo goed vertoeven was.

Zijn heengaan doet de anderen nog eens extra goed beseffen dat ook hun leven maar van korte duur is. Ach, ze worden er eigenlijk regelmatig aan herinnerd dat niet één van hen een blijvertje is. De een gaat weliswaar wat eerder dan de ander, maar gaan doen ze allemaal. Regelmatig zien ze er een verdwijnen door de oppervlakte van het water; zien ze hem gaan door die uiterste levensgrens. Het is een heengaan dat nimmer door een terugkeer werd gevolgd.

Ook zij zullen bepaald niet staan te dringen om degene te volgen, die voorgoed heenging. Afscheid nemen van het leven is dan ook wel een trieste zaak. Het betekent afscheid nemen van een leven dat goed was: de „tafel" altijd gedekt en een drankje, uit de aard der zaak, steeds onder bekbereik. Praatjes over een leven na dit leven kan zo'n beestje eigenlijk alleen maar afdoen met een schouder ophalen. Ach, er is toch nog nooit één teruggekeerd, niet één! Bovendien valt er van een eventueel volgend leven met zijn zintuigen niets waar te nemen. Ln zijn ervaringswereld doet zich geen verschijnsel voor dat wijst op een leven na dit leven. Maar desondanks zal het toch eens stervende worden gedreven naar de opervlakte van het water. En daar, op de grens van water en lucht, daar zal het als kever de geest geven, maar als libel worden herboren. Als het dan als libel met propellersnelle vleugelslag zich hemelwaarts verheft, dan is voor hem zijn eerste leven voorbij; voor altijd! Een weg terug is er voor hem niet.

Het is natuurlijk niet zo bijzonder dat het diertje tijdens zijn eerste leven met zijn zintuigen niets van een volgend leven heeft kunnen waarnemen, daarvan niets heeft kunnen ervaren. De zintuigen waarover het als waterkevertje de beschikking had waren slechts toereikend voor zijn eerste leven. Die zintuigen hadden geen andere bestemming dan het diertje het leven in het water mogelijk te maken. Daar, onder de oppervlaktespiegel van het water, moest het zich kunnen handhaven en daartoe waren zijn zintuigen dan ook toereikend. Tijdens zijn leven in het water heeft het dus niets kunnen ruiken, proeven, zien, horen, of voelen van een volgend leven. Het mechaniek van zijn lichaampje was bestemd om in het water te funktioneren; dat kantwerkje droeg niet de onnodige ballast van zintuigen waaraan het in het water niets zou hebben. De zintuigen die het tijdens zijn eerste leven had, waren toereikend tot op het moment dat het als libel herboren, zich zou verheffen boven de spiegel van het water.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1983

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

ER IS NOG NIEMAND VAN DE DOOD TERUGGEKEERD

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1983

In de Rechte Straat | 32 Pagina's