In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

MARKUS XI

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

MARKUS XI

3 minuten leestijd

„Is er niet geschreven: Mijn huis zal een huis des gebeds genaamd worden voor alle volken? Maar gij hebt dat (tot) een kuil der moordenaars gemaakt" (v. 17).

Het Woord van God kan zulke diep-indringende vragen stellen aan ons. In dit vers lezen we dat, als de Heere niet met ons is, wanneer wij samenkomen, dan noemt de Heere die samenkomst niet „Mijn huis", maar uw huis, Uw kerk of wat hetzelfde is: een rovershol, een schuilplaats voor dieven en moordenaars.

Ja, dan zijn we inderdaad rovers, want dan stelen wij de ware betekenis van het Woord vandaan. Dan maken we ons meester van het Woord alsof het iets is van onszelf, terwijl het juist is „voor alle volken". Dan graveert u op ieder mens die naar u luistert, uw eigen beeltenis, zoals de Caesar zijn beeltenis liet graveren op de muntstukken (Mk. 12:16). Dan bent u een caesar, een keizer, in uw kerk. Is dat geen diefstal?

God is de Enige die er recht op heeft om de mens te vormen naar Zijn beeld en gelijkenis.

Daarom lezen we ook: „Want die Hij te voren gekend heeft, die heeft Hij ook te voren verordineerd, het beeld van Zijn Zoon gelijkvormig te zijn" (Rom. 8 : 29). Zij die God verloochenen, verloochenen hun eigen oer-bestemming. Zij die uitgaande van het Woord Gods, groepen om zich heen vormen naar eigen beeld en gelijkenis, loochenen de Zoon „Die de Zoon niet heeft; die heeft het leven niet" (1 Joh. 5 : 12).

Als u in het huis des Heeren wilt binnengaan, neemt dan het schild van het geloof. „Daarom zeg Ik u: Alle dingen die gij biddende begeert, gelooft dat gij ze ontvangen zult en zij zullen u geworden" (v. 24).

Maar er is één belangrijke voorwaarde voor ons gebed: „En wanneer gij staat om te bidden, vergeeft, indien gij iets hebt tegen iemand; opdat ook uw Vader die in de hemelen is, u uw misdaden vergeve" (v. 25).

Dat is de garantie van de gebedsverhoring: vergeven. Vandaaruit ontvangen we de zekerheid dat de Heere ook ons vergeeft.

Daarin ligt de macht vervat die de Heere aan elke gelovige geeft, de macht om te binden en te ontbinden (Mt. 18 : 18).

Dat is niet het voorrecht van enkelen. Iedereen die bidt tot de Vader, heeft dat voorrecht van het ontvangen van de vergeving, wanneer hijzelf vergeeft, maar dit vreselijke: dat hem niet zal vergeven worden, wanneer hijzelf niet vergeeft.

U hebt dus zelfde sleutels in handen om het huis des Heeren voor u te openen ofte sluiten. Waarom zoudt u dan die sleutels aan anderen geven?

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1982

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

MARKUS XI

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1982

In de Rechte Straat | 32 Pagina's