In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

Mag dat niet?

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Mag dat niet?

3 minuten leestijd

Ds. Velema maakt in „Koers" bezwaar tegen het feit dat ik in „Zij is Mijn bruid" en in „Het zwaard over de herder", wat ik wilde zeggen in die boeken, tevens heb weergegeven in de vorm van een droom (die ik ook werkelijk heb gehad). Wat is daar voor bezwaar tegen ? Bunvan heeft wat hij wilde zeggen ingekleed in een hele allegorie nl. „De christen- en de christinnereis". En dr. H. F. Kohlbrugge heeft iets dergelijks gedaan in „De taal Kanaans". Zou het niet beter zijn elkaar in de stijl en vorm waarin we een boek menen te moeten gieten, vrij te laten? Mits men natuurlijk geen aparte waarde aan die vorm, in dit geval: aan een droom, gaat hechten.

Was Kohlbrugge niet reformatorisch?

Ds. Velema schrijft: „Ook in een vorig boek vertelt Hegger over een droom in verband met de kerkelijke verdeeldheid. Als we een volgend boek in handen krijgen, zeg je onwillekeurig: daar komt de meester-dromer weer aan. Het lijkt me voor een reformatorisch christen zaak om geen subjectieve dromen te verhalen".

Maar dr. H. F. Kohlbrugge schrijft: „Lange tijd had ik mij ingespannen om voor onze gemeente een eigen kerkhof te krijgen, daar alle kerkhoven eigendom van de kerkelijke gemeenten waren. Ik kon echter geen geschikte plaats daarvoor vinden. Eindelijk werd mij 's nachts in de droom een mooie plaats voor het kerkhof zo duidelijk aangewezen, dat ik mij de volgende dag direkt opmaakte om naar een eenvoudige man uit onze gemeente te gaan, die Elberfeld goed kende". En precies op die plek waarover hij gedroomd had, kreeg Kohlbrugge dat kerkhof. Zie H. F. Kohlbrugge, door H. Klugkist Hesse, vertaling ds. J. van der Haar, p 306-308.

VRAAG:

Was Kolbrugge dus niet reformatorisch en zegt ds. V. telkens wanneer hij een preek van Kohlbrugge inziet: „Daar komt de meester-dromer weer aan"? En is dus de Stichting Vrienden van dr Kohlbrugge een zeer onreformatorische club en moeten we dus hun Kerkblaadje maar niet meer lezen? Op de pinksterdag zegt Petrus dat van nu af aan de profetie van Joel in vervulling zal gaan: „Uw ouden zullen dromen dromen". Maar moet men iemand meteen een onreformatorische meester-dromer noemen, wanneer hij, zoals bij Kohlbrugge het geval was, zo iets ervaart en bovendien zulk een droom, zoals bij de meester-dromer Jozef die later onderkoning van Egypte werd, later in vervulling gaat?

Vertrouw niet op het mensenkind (ps. 146:3).

Sinds ik in het protestantisme terecht ben gekomen, heb ik van links en van rechts draaien om de oren gekregen. Dezer dagen ontving ik een brief van W.v.W. te D. die mij vroeg of ik het boek kende van J. C. Buijs, verschenen in 1974, waarin deze mij verwijt dat ik tegenover het pausdom een halfslachtige en zoetsappige houding aanneem. Hij besteedt er een heel hoofdstuk aan om dat verwijt te kunnen staven. Inderdaad heb ik dat boek.

In „Koers" verwijt ds. J. H. Velema mij precies het tegenovergestelde nl. dat ik in het eerste deel van mijn nieuwe boek „Het zwaard over de herder" „op het onfatsoenlijke af' ben geweest in mijn schrijven aan deze paus.

Ik heb echter grote troost gevonden in deze tekst: „En uw oren zullen horen het woord (van hem die) achter u is, zeggende: Dit is de weg, wandelt daarin; als gij zoudt afwijken ter rechter- of ter linkerhand" (Jes. 30:21).

Paulus was ontzettend scherp tegenover Petrus, toen hij hem openlijk veinzerij, huichelarij, verweet. (Gal. 2: 11-14). Was dat onfatsoenlijk van Paulus? Zelfben ik in mijn boek zover niet gegaan. Meerdere keren heb ik uitgesproken dat ik geen oordeel wil vellen over het hart van deze paus.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

Mag dat niet?

Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1982

In de Rechte Straat | 32 Pagina's