IN CHRISTUS VOND IK ALLES
Anthony Pezzota wilde missionaris worden. Toen hij elf jaar was, trad hij in het seminarie. Na de gebruikelijke studies van de filosofie en de theologie werd hij naar Engeland, Duitsland en Spanje gezonden om zijn doctorstitel in de theologie te behalen. Teruggekeerd in zijn vaderland Italië werd hij priester gewijd. Meteen daarna werd hij naar de Philippijnen gezonden. Hieronder volgt het verhaal van zijn bekering.
Toen ik theologie studeerde in Engeland, kreeg ik moeilijkheden met verschillende leerstukken van de R.-K. Kerk, die ik maar niet in overeenstemming kon brengen met de Schrift. Deze twijfels bleven mij lastig vallen, ook na mijn priesterwijding. Maar ik probeerde al die vragen weg te drukken door mij, na mijn aankomst in de Philippijnen, in allerlei drukke werkzaamheden te storten. Ik hield maar weinig tijd over voor gebed.
Maar na tien jaren van harde arbeid moest ik terugkeren naar Italië voor het periodieke verlof. Dat was dus een tijd van rust. Maar juist daardoor kwamen de twijfels in verhevigde mate terug. Ik kon ze nu niet meer ontvluchten door mij te begraven in het vele werk.
Daarom besloot ik „de koe bij de horens te pakken". Ik nam er alle tijd voor om mij te verdiepen in de uitspraken van de pausen en de geschriften van de r.-k.theologen. Maar het hielp niet. De twijfels namen toe.
Met geen mogelijkheid kon ik allerlei dogma's in de Bijbel terugvinden zoals: de leer van de sakramenten als overdragers van de genade krachtens eigen werkzaamheid, de leer over de priesters als een aparte kaste, de bemiddeling van gestorven mensen zoals Maria en de heiligen, het gebruik van de beelden, de pauselijke onfeilbaarheid, de onbevlekte ontvangenis en de ten-hemel-opname van Maria, het verplichte celibaat van de priesters, de leer over het geloof als een aannemen van waarheden in plaats van het gelovig vertrouwen in Christus, enz. Toen ik in 1972 terug was gekeerd in de Philippijnen, besloot ik om mij slechts te concentreren op één Boek, de Bijbel. De Bijbel werd sindsdien de bron van mijn overdenking, mijn onderwijs en mijn prediking. En in betrekkelijk korte tijd gaf de Bijbel het antwoord op al mijn vragen, met name ook antwoord op de vraag Df de kerk en de traditie een gezag bezitten over het Woord Gods als onfeilbare verklaring daarvan. Het antwoord vond ik duidelijk bij Paulus:
,Doch al ware het ook dat wij of een engel uit de hemel u een Evangelie verkondigden buiten hetgeen wij u verkondigd hebben, die zij vervloekt. Gelijk wij evoren gezegd hebben, zo zeg ik ook nu weer: Indien u iemand een Evangelie verkondigt buiten hetgeen gij ontvangen hebt, die zij vervloekt" (Gal. 1:8-9). regen het einde van januari 1974 bevond ik mij in Santa Cruz, waar pas een vriendelijk-aandoende kerk van de baptisten was gebouwd. Ik had nog nooit een protestantse kerk van binnen gezien. Ik was nieuwsgierig en stapte er binnen, /rijwel onmiddellijk werd ik begroet door een evangelisch christen, die mij vriendelijk voorstelde om een gesprek te hebben met de predikant, ds. E. vlontalegre.
Het werd een vriendelijke gedachtenwisseling, die een hele tijd in beslag nam. Ik erdedigde de traditionele r.-k. leer en hij antwoordde mij vanuit de Bijbel.
Toen brak er een verschrikkelijke tijd voor mij aan: slapeloze nachten, folterende iveifelingen en een voortdurend terugdeinzen voor de laatste beslissing: het olgen van de waarheid zoals de Bijbel die mij voorhield.
Op zekere nacht toen ik de brief aan Titus las, viel mijn aandacht op dit vers: „Hij leeft ons zalig gemaakt, niet uit werken der rechtvaardigheid die wij gedaan ïadden, maar naar Zijn barmhartigheid" (3 : 5).
Toen realiseerde ik mij dat ik tot nog toe al mijn vertrouwen had gesteld op wat ik iad gedaan. Ik hoopte het eeuwige leven te beërven (ik was er niet zeker van), omdat ik steeds mijn plichten vervuld had, omdat ik trouw Gods geboden, mijn :loostergeloften en andere verordeningen van mijn kerk was nagekomen,
k zag ineens in dat ik aldus meer op mijzelf had gebouwd dan op Christus. Angst overviel me. Ik vroeg me af: Ben ik dan wel een christen in de betekenis die de iijbel daaraan geeft?
Wat moest ik doen? Als ik voortaan zou gaan preken wat de Bijbel zegt, dan zou ik n konflikt komen met de kerkelijke overheid. De bisschop en de kloosteroverste :ouden mij voor de keus stellen: ofwel op te houden met de verkondiging van dit ivangelie van de vrije genade in Christus, ofwel mijn priesterambt neerleggen, klaar dan? Hoe vreselijk zou dat niet zijn voor mijn familieleden, voor mijn noeder vooral! Als priester-missionaris was ik hun trots.
n de nacht van 20 februari 1974, toen ik alleen op mijn kamer het Evangelie van ohannes las, gaf de Heere mij het antwoord:
,Nochtans geloofden ook zelfs velen uit de oversten in Hem; maar om de 'arizeeën beleden zij het niet; opdat zij niet uit de synagogen geworpen zouden vorden. Want zij hadden de eer van de mensen lief, meer dan de eer van God" 12:42-43).
Die laatste woorden drongen als een scherp zwaard in mij door, maar ze gaven mij ook moed en kracht. Ik besefte dat ik bezig was de goedkeuring van de mensen jelangrijker te vinden dan de waarheid Gods. Ik beleed daarover mijn schuld en iet was alsof een zware last van mij werd afgenomen.
Voor het eerst had ik een rustige nacht zonder die verscheurdheid en angsten van ie laatste weken, 's Morgens kleedde ik mij vlug aan en reed naar ds. Montalegre. Ve praatten wat samen en hij gaf mij enkele folders. Toen ik op het punt stond te vertrekken, vroeg ik hem ineens: „Veronderstel dat ik mijn kerk verlaat, mag ik dan naar u toekomen?". Glimlachend antwoordde hij: „We hebben hier een kamer voor u en de gemeenteleden zullen graag voor u zorgen".
Het duurde vijf dagen, voordat ik tot een beslissing kwam. Maar toen bemerkte ik dat ik een vergissing had begaan. Ek had gedacht dat alles nu verder van mij zou afhangen, van mijn beslissing. Maar toen het zo ver was, miste ik elke moed en voelde geen enkele kracht in mij om mijn beslissing om uit de kerk te treden ook ten uitvoer te brengen.
Op dinsdag, 26 februari, toen ik wakker werd en begon te bidden, drong het tot mij door dat de grootste moeilijkheid voor mij niet was het verlaten van de kerk, maar de gelovige overgave aan Christus alleen als de Zaligmaker van mij, zondaar. In die uiterste nood werd ik naar Hem toegetrokken. Vanuit mijn machteloosheid kon ik alleen maar mij aan Hem toevertrouwen en mijn gehele leven in Zijn handen geven. De genade van het geloof kwam over mij als de zegen van Gods barmhartigheid in Christus.
En tegelijk daarmee kwam ook de kracht. Ik zette mij neer en schreef een brief voor mijn bisschop en de kloosteroverste, waarin ik mijn beslissing meedeelde. Ik liet alles achter: mijn boeken, mijn auto, mijn verdere bezittingen. En zo ging ik op weg naar mijn nieuwe geestelijke familie in Santa Cruz.
En wat een verandering betekende dat! Eindelijk voelde ik mij bevrijd. Ik was nu vrij van de drukkende schuld van mijn zonden, want ik wist nu: Christus heeft voor mijn zonden betaald. Ik hoefde nu ook de mensen niet meer naar de ogen te zien. Ik zou voortaan slechts mogen preken wat God Zelf ons in Zijn Woord openbaart. Ik ervoer de waarheid van de woorden van Christus: , Jezus dan zeide tot de Joden die in Hem geloofden: Indien gij in Mijn woord blijft, zo zijt gij waarlijk Mijn discipelen; en gij zult de waarheid verstaan en de waarheid zal u vrijmaken" (Joh. 8:31- 32).
Op 3 maart om 12 uur deed ik openbare belijdenis van mijn geloof en werd gedoopt in de rivier, de Santa Cruz, die achter het kerkgebouw stroomt. Een overweldigende vreugde stroomde mijn ziel binnen.
Enkele dagen later kreeg ik bezoek van een priester. Hij vroeg mij:„ Anthony, hoe heb je toch zulk een beslissing durven nemen? Je hebt de Katholieke Kerk verlaten. Je hebt twintig eeuwen van kuituur, je hebt de pausen, de heiligen en je priesterschap prijsgegeven. Alles wat je tot nog toe geleerd en liefgehad hebt, ben je nu kwijt".
Ik gaf hem dit antwoord dat rechtstreeks uit mijn hart kwam: „In Christus heb ik i es gevonden".
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 april 1981
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van woensdag 1 april 1981
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
