In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

PARFUM IN PAKISTAN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

PARFUM IN PAKISTAN

7 minuten leestijd

Een antwoord op de vraag die onze abonnee uit Thessaloniki stelde, is te vinden in het boek: „Parfum in Pakistan" (uig. Interlektuur-Arnhem, 171 blz., ƒ 15,90). Het bevat het aangrijpende verhaal van een Islamitische vrouw van adel, Bilquis Sheikh, van Pakistan. Ze werd verlaten door haar echtgenoot, een belangrijke ambassadeur, en trok zich toen terug op het familiegoed in het Himalayagebergte. Daar las ze de Koran naast de Bijbel.

In haar boek vertelt ze, hoe zij tot de overtuiging kwam dat de Bijbel alleen, en niet de KoraGods Woord is. Het geheel is een uitermate boeiend verhaal. Ze beschrijft hoe ze tot eontmoeting komt met God als de Vader. Ik citeer:

God de Vader

„Ik reikte naar het kastje naast mijn bed, waar ik de Bijbel en de Koran samen bewaarde. Ik pakte de boeken beet en nam er één in elke hand. „Welk is Uw boek?" zei ik.

Dan gebeurde er iets merkwaardigs. Er was in mijn leven nog nooit zoiets voorgevallen. Want ik hoorde een stem die zo duidelijk tegen me sprak alsof ik de woorden in mezelf herhaalde. Het klonk vrijmoedig en vriendelijk, maar tegelijkertijd ook autoritair.

„In welk boek ontmoet je Me als je Vader?"

Ik hoorde mezelf antwoorden: „In de Bijbel."

Meer was er niet nodig. Nu had ik er geen enkele twijfel meer over welk boek van Hem was. Ik keek op mijn horloge en stelde met verbazing vast dat er al drie uur waren voorbijgegaan. Toch was ik niet moe. Ik wilde verder gaan met bidden, ik wilde de Bijbel lezen, want ik wist nu dat mijn Vader erdoor zou spreken. Ik ging pas naar bed toen ik voelde dat dat noodzakelijk was voor mijn gezondheid. Maar diezelfde morgen drukte ik mijn bedienden op het hart dat niemand me mocht storen, nam mijn Bijbel en ging op de divan liggen. Beginnend bij Mattheus las ik het Nieuwe Testament woord voor woord.

Ik kwam onder de indruk van de manier waarop God in dromen tot Zijn volk sprak; in het eerste deel van Mattheus alleen al gebeurde dat vijf maal. Hij sprak tot Jozef over Maria. Hij waarschuwde de Wijzen voor Herodes en Hij richtte Zich nog drie keer tot Jozef betreffende de bescherming van het kindje Jezus.

Ik kon niet genoeg tijd vinden voor de Bijbel. Alles wat ik las, zo scheen het, spoorde me aan om nog dichter met God te wandelen.

Ik voelde dat ik op een groot kruispunt stond. Nu had ik God de Vader persoonlijk ontmoet. In mijn hart wist ik dat ik mezelf volledig aan Zijn Zoon Jezus moest geven, ofwel me volledig van Hem afkeren.

En ik was er zeker van dat iedereen waarvan ik hield me zou aanraden om Jezus de rug toe te keren.

God de Zoon

„O Heer," huilde ik, terwijl ik over het kiezelpad liep, kunt U echt van me verlangen dat ik mijn familie verlaat? Kan een God van liefde van me verlangen dat ik anderen pijn doe?" En in de duisternis van mijn wanhoop, waren Zijn woorden het enige wat ik horen kon, de woorden die ik pas in Mattheus had gelezen:

Wie vader of moeder liefheeft boven Mij, is Mij niet waardig; en wie zoon of dochter liefheeft boven Mij, is Mij niet waardig…. Mattheus 10:37-38.

Jezus sloot geen compromissen. Hij duldde geen enkele concurrentie. Zijn woorden waren hard, verontrustend, woorden die ik niet wilde horen.

Ik had al de Evangeliën en het Boek Handelingen doorgelezen, en die avond was ik bezig met het laatste boek in de Bijbel. Ik was gefascineerd door de Openbaring, alhoewel ik er erg weinig van begreep. Ik las alsof ik daartoe werd geleid, op een bijzondere manier vertrouwend. En dan kwam ik ineens aan een zin waardoor de kamer in het rond begon te draaien. Het was het twintigste vers van het derde hoofdstuk van de Openbaring.

Zie. Ik sta aan de deur en Ik klop. Indien iemand naar Mijn stem hoort en de deur opent, Ik zal bij hem binnenkomen en maaltijd met hem houden en hij met Mij.

En maaltijd met Hem houden, en Hij met mij!

Ik slikte en liet het boek in mijn schoot vallen.

Dit was mijn droom, de droom waarin Jezus met mij at. In die tijd wist ik nog niet dat er een boek als Openbaringen bestond. Ik sloot de ogen en opnieuw kon ik Jezus tegenover me aan tafel zien zitten. Ik kon Zijn warme glimlach voelen, Zijn bereidheid om mij te ontmoeten. En er was ook heerlijkheid! Zoals die er bij de Vader was geweest. Het was de heerlijkheid eigen aan Zijn Nabijheid!

Nu wist ik dat mijn droom door God was geïnspireerd. De reden was duidelijk. Ik kon de deur open doen en Hem vragen om voorgoed binnen te komen, of ik kon de deur sluiten. Ik zou mijn beslissing nu moeten nemen, hoe dan ook.

Ik nam mijn besluit en knielde neer voor het vuur.

„O God, wacht geen ogenblik langer. Kom alstublieft in mijn leven. Ik sta helemaal voor U open." Ik maakte me er niet bezorgd meer over wat er zou gebeuren. Ik had Ja gezegd. Christus was nu in mijn leven, en ik wist het. (p. 5054).

De Heilige Geest

Hoe verschrikkelijk mooi. Op enkele dagen tijd had ik God de Vader en God de Zoon ontmoet. Als in een roes stond ik recht en begon me klaar te maken om naar bed te gaan. Durfde ik nog een stap te zetten? Ik herinnerde me het Boek Handelingen dat Jezus met Pinksteren Zijn volgelingen gedoopt had met de Heilige Geest. Werd ik verondersteld om datzelfde patroon te volgen? „Heer," zei ik, terwijl ik mijn hoofd op het kussen legde.„Ik heb niemand om me te leiden, behalve U Zelf. Als U wilt dat ik dit Doopsel in de Heilige Geest ontvang, dan doe ik natuurlijk wat U wenst. Ik ben klaar." Wetende dat ik mezelf volledig in Zijn handen had gelegd, gaf ik me over aan de slaap.

Het was nog donker toen ik trillend van verwachting wakker werd op die ochtend van 24 december, 1966. Ik keek naar mijn lichtgevende klok waarvan de wijzers drie uur aanwezen. Het was bitter koud in de kamer, maar ik brandde van opwinding.

Ik kroop uit mijn bed en op het koude vloerkleed zonk ik op mijn knieën. Toen ik omhoog keek, leek het wel of ik een groot licht zag. Hete tranen stroomden over mijn gezicht terwijl ik mijn handen naar hem ophief en riep: „O Vader God, doop me met Uw Heilige Geest."

Ik nam mijn Bijbel en opende hem op de plaats waar de Heer zei: WantJohannes doopte met water, maar gij zult met de Heilige Geest gedoopt worden, niet vele dagen na deze. (Handelingen 1:5)

„Heer," riep ik, „als deze woorden van U waar zijn, geef me dit doopsel dan nu." Ik zakte in elkaar met mijn gezicht tegen de kille vloer en daar lag ik te huilen. „Heer," snikte ik, „ik wens nooit meer van deze plaats op te staan tot U me dit doopsel toegediend hebt." Plotseling werd ik vervuld met verwondering en ontzag. Want in die stille kamer voor zonsopgang zag ik Zijn gezicht. Er bruiste iets in me op, golven van een reinigende oceaanbranding die stroomden tot in de toppen van mijn vingers en mijn tenen, en die mijn ziel wasten. Dan namen de krachtige golvingen af, de hemelse oceaan bedaarde. Ik was volledig gezuiverd. Vreugde barstte in me los en ik begon hem luid te prijzen en te danken.

Slotopmerking:

Natuurrlijk is het niet nodig dat iedereen op zulk een ingrijpende manier tot het geloofin de Bijbel als Gods Woord komt. Maar van de andere kant moet van elk van ons van toepassing zijn: „Ik heb het zelf uit Zijne mond gehoord". Alleen wie Christus kent als zijn persoonlijke Zaligmaker, beeft de volle zekerheid: De Bijbel (en niet de Koran of een ander heilig boek) is Gods onfeilbare Woord.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 maart 1981

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

PARFUM IN PAKISTAN

Bekijk de hele uitgave van zondag 1 maart 1981

In de Rechte Straat | 32 Pagina's