HOE VOEREN WE ONZE STRIJD ?
Ik wilde graag nog wat toevoegen aan het artikel over de Geest op blz. 2 en 3. Daaruit volgt dat we dus niet rechtstreeks de strijd moeten aanbinden tegen het „vlees" in ons. We kunnen dat vlees nóg zo zeer bepreken, het trekt zich daar geen zier van aan. Het blíjft jagen naar de bevrediging van eigen begeerten; als het niet rechtstreeks en openlijk kan, dan maar via sluipwegen.
Alles komt erop aan om in Christus te blijven. „Ik ben de Wijnstok en gij de ranken; die in Mij blijft en Ik in hem, die draagt veel vrucht, want zonder Mij kunt gij niets doen" (Joh. 15:5).
Ik ben bang dat veel christenen dat niet reëel genoeg beleven. Ze spreken veel over de verantwoordelijkheid en het rentmeesterschap van de mens. Die woorden kunnen goed worden opgevat. Maar soms beluister ik er deze mentaliteit in: „Christus geeft ons de opdracht om op allerlei wijze te strijden voor de eer van Zijn Naam. Hij heeft ons veel toevertrouwd, waarover wij als goede rentmeesters het beheer moeten voeren. En dat zullen we doen in Zijn kracht". Maar dat „in Zijn kracht" wordt dan vaak beleefd in de zin van de r.-k. theologie nl. als een soort ingestorte bovennatuurlijke kracht, die wij van Christus uit genade hebben ontvangen en waarmee wij voortaan kunnen opereren; dus als een soort geestelijke injektie, waardoor wij bovennatuurlijke mensen, geestelijke supermensen, worden.
Maar dan plaatsen we onszelf weer onder de wet. Dan gaan we wéér met onze verstandelijke overwegingen, ook al hebben we die uit de Schrift geput, de strijd aanbinden tegen het vlees, tegen de macht van het kwade. En dan móéten we die strijd verliezen.
En zien we dat ook niet in veel kerkelijke discussies? Hoe bitter zijn vaak niet die onderlinge twisten. En ze hebben tot gevolgd: kerkscheuringen, die ontstaan en in stand worden gehouden. Heel wat strijd voor op zichzelf juiste bijbelse beginselen wordt „vleselijk" gevoerd.
Nee, Christus heeft gezegd dat we in Hem moeten blijven en dat we dan alleen echt vrucht dragen. Als we voortdurend opzien naar Hem, dan worden we vanzelf mild en vergevensgezind. Dan worden we wat minder beslist in ons theologisch en kerkelijk gelijk. Dan worden we nederig en zachtmoedig als Hij. Dan luisteren we oprecht naar de argumenten, die een medebroeder of medezuster vanuit de Bijbel ons voorhoudt.
En dat is ook zo heerlijk: dan weten we ons ook rein in Hem. Immers Hijzelf woont dan met Zijn zuivere Geest in ons. En daardoor is er iets anders in ons ontstaan nl. onze geest d.w.z. onze verbinding door het geloof met de in ons levende Christus. En in de kracht van die in ons wonende Christus zullen we wel kunnen gaan van overwinning tot overwinning… zonder dat we het zelf merken.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1981
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
