BIDDEN TOT DE HEILIGE GEEST
Ons antwoord:
1. Eerst moet mij van het hart dat er nog al eens briefschrijvers zijn, die het woord Heilige Geest aldus afkorten: H. Geest. Dat komt bij mij altijd over als oneerbiedig. Het doet mij een beetje pijn. Mag ik u vragen dit niet te doen. We kunnen wel tegenover elkaar afkortingen gebruiken bv. „aan mevr. of mej. X". Maar ik vind het niet gepast om te schrijven over „de H. Geest". Zijn heiligheid is zó groot dat je er beslist wel de tijd voor moet afnemen om dat woord „Heilig" voluit te schrijven.
2. Ik ben het er mee eens dat we ons, ook bij ons gebedsleven, moeten laten leiden door wat de Bijbel zegt En daarin vinden we bv. slechts één keer een gebed tot de Heere Jezus nL: ,Ja, kom, Heere Jezus" (Openb. 22 : 20). En een rechtstreeks gebed tot de Heilige Geest treffen we in de Bijbel niet aan.
Ik heb er echter bezwaar tegen, wanneer we het nu als een wet aan elkaar willen opleggen dat je nooit mag bidden tot de Heilige Geest en bijna nooit tot Christus. Juist van de Heilige Geest zegt Paulus: „Waar de Geest des Heeren is, daar is vrijheid" (2 Kor. 3:17).
Bovendien spreekt de Heilige Geest soms heel persoonlijk en direkt tot iemand Een paar voorbeelden: „En de Geest zeide tot Philippus: ga toe en voeg u bij deze wagen" (Hand. 8 : 29). Wie zou dan Philippus kunnen veroordelen, wanneer die ook rechtstreeks aan die Geest zou hebben geantwoord:, Ja, Heilige Geest, ik zal dat meteen doen"?
„En toen Petrus over dat gezicht dacht, zeide de Geest tot hem: Zie, drie mannen zoeken u; daarom sta op, ga af en reis met hen, niet twijfelende, want Ik heb hen gezonden" (Hand 10 : 19 - 20). Zou het niet eerder vreemd zijn geweest, wanneer Petrus niets tot die Heilige Geest zou hebben teruggezegd' Wat ligt er meer voor de hand dan dat hij op dat rechtstreeks spreken van de Geest tot hem eveneens zou gereageerd hebben met iets in deze trant „Natuurlijk, Heilige Geest, ik zal U meteen gehoorzamen"?
Persoonlijk bid ik ook zelden of nooit uit mijzelf tot de Heilige Geest Maar ik kan mij soms zo intens met Hem verbonden weten, dat er in elk geval een direkt bidden is in mij vanuit Hem.
Maar hoe het ook zij, wij moeten elkaar altijd de ruimte gunnen en de vrijheid laten. En in elk geval mag men het nooit zo voorstellen alsof het een belediging van de Vader zou zijn, wanneer men zich rechtstreeks tot de Heilige Geest zou wenden. Het lijkt mij dat we dan de leer van de Drieënige God verlaten en ons een drie-godendom voorstellen. De Vader, de Zoon en de Heilige Geest zijn wél drie onderscheiden Personen, doch maar één God De kerk der eeuwen zegt: Zij hebben één goddelijke natuur.
Overigens zou ik ook nog willen wijzen op wat de „Synopsis purioris theologiae" (een theologisch handboek, dat geschreven is door een team van gereformeerde theologen en in 1625 verscheen) hierover zegt, zoals we daarover lezen in „De Biddende Kerk" op p. 56:
Wel stelt de Schrift in het gebed de naam van de Vader dikwijls op de voorgrond, omdat de ovPersonen uit Hem hun oorsprong hebben, en omdat Hij in het werk van onze verlossing de plaats inneemt; maar toch laten bepaalde uitspraken en voorbeelden in de Schrift ons otuigend zien, dat ook de overige (tweej Personen afzonderlijk kunnen worden aangebeden. de aanbidding van de Zoon noemt de Synopsis onder meer Hebr. 1:6, Filip. 2:10; Han9:14; 1 Cor. 1:2; Rom. 1: 7; 2 Cor. 1:2; Gal. 1:3; 2 Joh.: 3; Openb. 1:5. Dat ook Heilige Geest afzonderlijk kan worden aangeroepen, bewijzen niet alleen alle eigenschappvoor de ware aanbidding vereist zijn, maar ook het voorbeeld van de apostelen en de kerk eerste eeuw, cf. 2 Cor. 13 :13; Openb. 1:4; Hand. 4:24 vergeleken met Hebr. 3: 7; Hand. 25 vergeleken met Jes. 6:3 enz.
Het belangrijkste feest is kerstmis. De Philippinen zijn er trots op dat zij de langste kerstviering van de wereld hebben. Van 16 dec. tot 6 januari, dus 22 dagen lang, wordt er feest gevierd.
Ze zingen over een witte kerstmis, ofschoon niemand daar ooit sneeuw heeft gezien. En ondanks het tropische klimaat moet men een kunst-denneboom hebben. En er zijn allerlei kerststallen en kerststalletjes, soms gemaakt van kunstzinnig houtsnijwerk.
De Philippijnse filosoof-dichter Benito Reyes heeft gezegd: „Wij zijn alleen maar christenen op bepaalde dagen van het jaar. We zijn kalenderchristenen".
4. Mariaverering
Die is uitbundig in de Philippinen. De eenvoudigen verwachten alles van haar. Een zendeling zei eens: „De Philippijnse Drieëenheid is God, Maria en Jozef'. Dat alles is in strijd met de officiële leer van Rome, die Maria altijd is blijven zien als een schepsel. Maar in die officiële leer wordt er zoveel aan Maria toegeschreven dat het niet te verwonderen is dat de eenvoudigen in de Philippinen in Maria een goddelijke figuur zijn gaan zien. Zo wordt Maria door de R.K. Kerk genoemd de Moeder van God, de deur van de hemel, de middelares van alle genaden, de smekende almacht, de moeder van de genade, de koningin des hemels.
5. De dode Christus van de Philippijnen
Maria is voorwerp van een aanhankelijke devotie en van kinderlijk vertrouwen. Christus is echter de strenge rechter. Men is bang voor Hem. Maar Maria is haar kinderen nabij en zij is de voorspreekster bij haar Zoon om Zijn toorn te stillen. Daarnaast wordt Christus in de Philippijnen gezien als een tragisch slachtoffer. Hij is er niet de Overwinnaar, die getriomfeerd heeft over de machten van de dood en de duisternis. Hij is de Christus van de Spaanse traditie.
Christus wordt gewoonlijk afgebeeld als de dode Christus aan het kruis of op de schoot van Maria na de afname van het kruis. Zijn gelaat is smartelijk verwrongen. Hij is er de incarnatie van de hulpeloosheid en de ondergang. Christus wordt in de Philippijnen gewoonlijk gezien als een baby, het Kindje Jezus in de kribbe, ofwel als een lijk, de gestorven Christus van Golgotha.
De Filipino's vereenzelvigen zichzelf, vooral gedurende de lijdenstijd, met deze verslagen en vernederde Christus. Velen leven immers ver beneden de uiterste armoedegrens.
Op Goede Vrijdag wordt er een grote processie gehouden. Het centrum daarvan bestaat uit drie rouw-wagens. In de eerste ligt opgebaard de gestorven Christus. Daarna een rouwwagen met het beeld van Johannes, de evangelist; vervolgens Maria, de moeder van Jezus, in zware rouwkleding.
De meest bizarre vertoning in de Goede Week is het optreden van de flagellanten (mensen die zichzelf geselen en zich door anderen laten geselen). De kerk heeft deze praktijken veroordeeld, maar desondanks stoort men zich daar niet aan en dit barbaarse schouwspel trekt nog altijd massa's kijkers. De flagellanten geselen zichzelf met koorden, waarin glasscherven zijn verwerkt Spoedig is hun rug dan ook één bloederige massa. Elk jaar zijn er die sterven aan de verwondingen of ook wel aan de uitputting van het dragen van een zwaar, houten kruis in de tropische hitte.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 februari 1980
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 februari 1980
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
