TRANSCENDENTE MEDITATIE
Dat is een meditatietechniek, een methode van bezinning, die tot doel heeft om uit te stijgen uit en boven jezelf (transcendere (Latijn) =overstijgen), om jezelf te kunnen verlaten en te vertoeven aan de stille wateren van een oneindige rust. Wat moeten we daarover denken? Wij zijn van oordeel dat we de levende God slechts kunnen ontmoeten in en door Jezus Christus. Buiten Hem vinden we slechts de afgoden, al of niet verhuld in dromerige wolken van mystiek, van ervaring van het absolute, het oneindige.
Paulus vermaant Timotheüs om onbevlekt en onberispelijk te wachten op „de verschijning van onze Heere Jezus Christus, die te Zijner tijd vertonen zal de zalige en alleen machtige Heere, de Koning der koningen en Heere der heren, die alleen onsterfelijkheid heeft en een ontoegankelijk licht bewoont, die geen mens gezien heeft noch zien kan; aan Wie zij eer en eeuwige kracht" (1 Tim. 6: 14-16).
Ervaring van het absolute.
In „Extra" van 19 jan. 1979 keert ds. dr. W. Cramer zich fel tegen de EO, die tegenover de leer van de T(ranscendente) M(editatie) in een brochure (van drs. Henk van Rhee) poneert dat Christus alleen „de weg, de waarheid en het leven" is. Dr. Cramer is het daar niet mee eens. Je hebt Christus niet nodig om tot de waarachtige innerlijke rust te komen, zo zegt hij.
Hij keert zich tegen het hele christendom: „Het christendom heeft zijn recht verspeeld om alleen-genoegzaam te zijn. De historie wijst helaas uit dat het christendom op een onbegrijpelijke en treurige manier te kort schiet". „Ik vrees, hoe hard het ook klinkt, dat het christendom van nu grotendeels neerkomt op een machteloze woordenbrij, waar iedere echte beleving van Gods werkelijkheid onder schuilgaat. Als predikant heb ik heel sterk ervaren, hoe machteloos onze woorden zijn. Je bouwt doorgaans een muur op van begrippen, van theologische redenaties, maar de werkelijkheid Gods wordt daardoor niet ervaarbaar".
En daartegenover stelt hij dan de TM: „TM verschaft ervaring van absoluut, oneindig zijn, van een peilloze diepte van de werkelijkheid. Dat zaait een unieke, mateloze rust in ons uit, een nieuwe bezieling. Voor christenen levert het ervaring op, die hun verdorrend geloven vernieuwt, bezielt en bevestigt'.
33>Geen heil buiten Christus
Hoe moet onze reaktip zijn tegenover mensen als dr. Cramer die de TM aldus verdedigen? Vanzelfsprekend houden wij zonder meer vast aan onze diepste geloofsovertuiging: alle waarachtige heil is alleen te vinden in Jezus Christus en in niets of niemand buiten Hem.
Maar dan? Kunnen we dan de kritiek van. ds. Cramer op het historische christendom zo maar naast ons neerleggen?
I>Heeft ds. C. niet eek geloof niet dat dit bijbels is. De Bijbel vermaant ons om altijd in onszelf te keren en dus ook om in dit geval ons af te vragen of er toch niet iets waars zit in dat verwijt van C. aan het christendom. De ootmoed vergt zulk een zelfbezinning, maar ook de liefde voor hen die nu vluchten in de TM om daar vergeefs hun heil te zoeken.
pn beetje gelijk dat het christendom vaak de indruk geeft van één grote woordenbrij te zijn. Lees eens de kerkelijke bladen kritisch door. Hoe weinig parelt dan in de artikelen de „onuitsprekelijke en heerlijke vreugde" in Christus (1 Petr. 1:8). Het is er allemaal zo zwaar en zo gewichtig. Je zou de indruk krijgen dat wij, mensen, vooral ook wij, predikanten, erg belangrijk zijn. We maken alles graag heel ingewikkeld. We kunnen maar moeilijk eenvoudig zijn, worden als een kind.
We waarschuwen voor allerlei gevaren. We bestrijden eikaars meningen en vullen daar een groot gedeelte mee van onze kerkelijke bladen. Maar vergeten we aldus niet veel te vaak om te zingen van de machtige genade, die God ons injezus Christus bewezen heeft?
Begrijp me goed: ik bedoel dit niet als een aanklacht, maar wel als een klacht. Kan dat echt niet anders? Beseffen we dan niet dat we op deze manier buitenkerkelijken helemaal niet boeien, zeker ook niet de jeugd? Zijn wij dan niet mede verantwoordelijk, wanneer velen vluchten in de schijn-warmte van de TM en van andere vormen van oosterse mystiek?
Dey gloed van de Geest.
Lees nog eens na, wat de Bijbel zegt over de Nieuw-Testamentische gemeente. Dan krijg je de indruk dat de gemeente van Christus bedoeld is als een haard van heilige, geestelijke warmte: „een tempel van de Heilige Geest", „het lichaam van Christus".
Wanneer je op zondag zou binnenkomen in het gebouw waar de gemeente samenkomt, dan zou toch uit alles die geestelijke, onderlinge warmte je moeten tegenstralen als een heerlijke weldadig aandoende warmte, die helemaal in je binnendringt en je doet ontdooien. Precies zoals je nu in deze winterse kou het zo behaaglijk kunt vinden, wanneer je een lekker verwarmd vertrek binnenkomt. Laten we toch al onze gewichtigdoenerij, onze „oude mens", afleggen om ons te bekleden met het stralende bruiloftskleed van Zijn gerechtigheid dat Christus ons aanreikt.
De gemeenste truc van de duivel bestaat daarin dat hij ons ertoe brengt ons te verhovaardigen over ons eigen besef van zondigheid. Dan stinken we vanwege onze zonden en bovendien nog vanwege onze zelfvoldaanheid over ons zondebesef. Dan zijn we dubbel verachtenswaardig in de ogen van God.
Laten wij ons toch waarachtig verootmoedigen. Dat kunnen we alleen vanuit de eenheid met Christus. „Gelijkerwijs de rank geen vrucht kan dragen van zichzelf, zo zij niet in de wijnstok blijft, alzo ook gij niet, zo gij in Mij niet blijft" (Joh. 15:4). En één van die vruchten is de echte nederigheid. De wet kan die vrucht in ons niet voortbrengen. Dat kan Christus alleen, die daarbij wél de wet gebruikt om ons tot de verootmoediging te brengen. De ootmoed als vrucht van Christus is zuiver. Dan is er niets meer van onszelfbij, ook niet een stiekem zelfbehagen over onze vermeende ootmoed.
Woordenbrij of levende werkelijkheid?
De Bijbel zegt dat wij met Christus verbonden zijn als de ranken met de wijnstok. Wat een warmte van werkelijkheid zit er niet in die gelijkenis. En iemand die tot echt geloof in Christus is gekomen, zal dat ook in meerdere of mindere mate ervaren. Je ziet door het geloof Christus levend voor je en je drinkt Zijn heerlijkheid door dat geloof tot je. Zijn leven wordt dan jouw leven. Dat is geen „woordenbrij", maar dat ervaar je in jezelf.
En is het dan niet vreemd dat iemand die niet kan zwijgen van dit wonder en het op persoonlijke manier probeert uit te drukken, meteen op de vingers wordt getikt en zelfs wordt aangemaand „te herroepen in stof en as"? Hoe kunnen we dan ooit een licht op de kandelaar en een stad op de berg zijn, die zoekende wenkt: „Kom hier, want hier is het grote licht van God; hier is Christus, Gods eigen Zoon, die mens werd om ons te redden en om ons te vervullen met Zijn eeuwige Geest"? Laten wij worden als de kinderen, want Christus heeft gezegd: „Ik dank U, Vader, Heere des hemels en der aarde, dat Gij deze dingen voor de wijzen en verstandigen verborgen hebt en aan de kinderkens hebt geopenbaard" (Mat. 11:25).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 maart 1979
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 maart 1979
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
