DE VROUW MET HET BOEK
In 1 Kor. 12:9 noemt Paulus onder de charismata, de bijzondere gaven van de Heilige Geest ook het geloof. Het is duidelijk dat hij dan niet het zaligmakende geloof bedoelt, maar het geloof, waardoor de mens in staat wordt gesteld tot wonderbare verrichtingen en tot een bovenmenselijk uithoudingsvermogen. Dat geloof wordt ook niet aan allen gegeven. En degenen die het ontvangen, krijgen dat ook niet in dezelfde mate.
Maar het is wel een heerlijk schouwspel, wanneer je in het leven van Gods kinderen die bijzondere gave van het geloof werkzaam ziet. Daarom lees je met grote vreugde „De vrouw met het boek", geschreven door de bekende mevr. M. A. Mijnders-van Woerden (uitg. Den Hertog te Utrecht). Mevr. Mijnders is een boeiende vertelster, die je helemaal meeneemt naar die historische gebeurtenissen.
De „vrouw met het boek" is de Engelse zendelinge, Glady Aylward, die in 1970 stierf. Het begint al meteen met haar spannende tocht naar China, eerst met de trein tot aan de grens van Mantsjoerije. Dan te voet verder, wan Rusland was toen in oorlog met Mantsjoerije. Vervolgens bereikt ze met een Japanse boot langs een omweg haar doel, haar roeping, China.
Ontzettend veel heeft Glady moeten doormaken. De Japanners loofden een grote som geld uit voor wie haar levend of dood gevangen kon nemen, omdat zij in haar een spion voor China zagen. Later ging ook over haar het leed van de communistische verovering van Mao Tse Tung.
We willen hieronder een episode uit het boek overnemen. Het verhaal van de 200 universiteitsstudenten in een Tibetaans stadje, die na drie maanden van foltering en vernedering toch stand hielden en de marteldood stierven.
Aan het eind van de drie maanden worden alle Chinese vluchtelingen en inwoners van het Tibetaanse stadje gedwongen naar het marktplein te komen. Daar zien ze onder bewaking van leden van de „rode garde" en politiepatrouilles de 200 christenstudenten het plein op marcheren. In een getuigenbank staat een man van de partij met een naamlijst. Hij roept de eerste naam.
Een meisje van ongeveer 17 jaar stapt uit de rij gevangenen naar voren. Een beeldschoon meisje met verfijnde gelaatstrekken; al haar bewegingen zijn vol Oosterse gratie. Zij is opgegroeid in een oud-adellijke Chinese familie van hoge beschaving, in het rijke Peking van voor de tweede wereldoorlog. Haar ouders hadden haar voor haar veiligheid naar Tibet gezonden, om de communistische revolutie in China te ontlopen. Nu staat zij daar in Tibet voor haar aanklagers!
„Welke houding heb je nu tegenover de partij?" brult de man in de getuigenbank. Het meisje loopt naar voren, naar het podium vóór de beklaagden; zij wankelt. De toeschouwers denken dat zij zal vallen. Waarom laat die sluwe aanklager juist dit broze, zwakke meisje het eerste naar voren komen? denken de omstanders.
Arm kind, hoe kan zij zich verdedigen?
Dan klinkt haar stem plotseling helder en duidelijk: „Mijnheer, toen men drie maanden geleden begon mij te isoleren en geestelijk te beproeven, toch dacht ik dat Jezus Christus de Waarheid was; ik dacht dat de Bijbel betrouwbaar was."
Zij wacht even, haar ademhaling gaat snel; ze wankelt, probeert zich ergens aan vast te grijpen, maar er is niets om op te steunen. Ze staat daar alleen, omringd door honderden toeschouwers die haar niet kunnen helpen. Ze sluit haar handen als in gebed; haar ogen richten zich naar Boven, naar het oneindige, naar het eeuwige. Dit duurt slechts enkele seconden, dan glijdt een wondere glimlach van vrede en vreugde over haar gelaat.
Haar friele figuurtje schijnt doorstroomd te worden met kracht. Fier en statig wordt haar houding nu, en zij herhaalt: „Toen dacht ik het…" ze wacht weer, kijkt haar aanklager aan en laat even haar blik langs de medestudenten en toeschouwers gaan. Velen van hen bemerken een bovenaardse gloed van Liefde, die uit haar ogen straalt en dan… dan jubelt haar stem als een lofzang over het plein: „Maar nu ben ik verzekerd, dat Jezus Christus mijn Koning en Verlosser is; nu weet ik zéker dat Zijn Woord de Waarheid is!"
Een doodse stilte valt over het plein.
De aanklager kijkt verbolgen, het tengere meisje voor hem wacht op haar vonnis. Met een rauwe kreet wijst hij haar naast de getuigenbank te gaan staan. Zij heeft haar eigen doodvonnis uitgesproken; zij heeft Jezus Christus beleden als haar Koning en Verlosser, boven de oppermacht van de communistische partij. Eén voor één worden de namen van de tweehonderd christenstudenten afgeroepen; één voor één komen ze met wankele stappen van zwakte naar het podium; één voor één krijgen ze gelegenheid hun geloofsbelijdenis te herroepen, maar niemand twijfelt met antwoorden.
Toch kennen zij allen de haat van hun vervolgers, en weten zij het zware lijden dat hen wacht.
Het verhoor duurt urenlang. De toeschouwers moeten blijven wachten, luisteren en kijken. Niemand mag weglopen.
Sommige oudere christenen en Glady Aylward staan daar biddend, hun ziel schreeuwt tot God om geloofsvolharding voor deze jongeren. Als de hele rij gevangenen langs de aanklager geweest is, wachten zij op het vonnis.
Een ondragelijke spanning hangt tussen de menigte op het plein. Het tribunaal, het volksgericht van „de partij" bespreekt de situatie. Er moet een radikale zuivering gehouden worden. Elke christen is een tegenstander van de partij, oordelen ze; daarom moet elke tegenstander onmiddellijk worden weggezuiverd. Elke dag gevangenschap, elke hap brood, elke slok water is teveel besteed aan dit soort hardnekkigen.
Het vonnis wordt uitgesproken. Nog deze zelfde middag zullen zij allen op het marktplein worden onthoofd.
Stilte…. ademloze stilte…. niemand spreekt, niemand beweegt. De beulen worden geroepen. De zwaarden gebracht. Nog eenmaal wordt aan elke gevangene de mogelijkheid gegeven het eerder gegeven getuigenis openlijk te herroepen.
De eerste naam wordt afgelezen. Hetzelfde meisje, dat als eerste haar geloof beleed, treedt naar voren. Zij wankelt nu niet. Haar gang is zo vast, zo zeker.
„U kunt nu kiezen, herroepen en leven… of… de partij verachten en sterven…" schreeuwt de volksrechter.
Zij keert zich om, kijkt haar vrienden aan. Haar blik is zo diep, indringend, zo rustig. Vanwaar komt die krachtige gloed in haar ogen? Vanwaar die geloofsmoed in haar stem, die plotseling als een trompetstoot over het plein galmt:
„Wie zal ons scheiden van de liefde van Christus?
Verdrukking, vervolging, of het zwaard…?
Wij gaan als schapen naar de slachting…maar wij zijn
meer dan overwinnaars…door Hem Die ons heeft liefgehad."
Op een wenk van de beul zwijgt ze en knielt neer. Ze buigt het hoofd.
Een enkele seconde van wachten… een zwaardslag valt…
Geen kreet wordt gehoord.
Haar bloed drenkt de aarde.
Glady Aylward kreunt, alsof de zwaardslag een diepe wond in haar ziel gehouwen heeft.
„Heere, — schreit haar ziel — Heere, hoe lang nog. Erbarm U over deze kinderen."
De namen worden afgeroepen, één voor één; niemand deinst terug, ze komen door geloofsmoed naar voren, één voor één. Het zwaard wordt geheven en slaat neer; keer op keer.
Eén jongeman huivert; twijfel en vrees spreken uit zijn gebaren. Dan roept een krachtige stem van een jonge gevangene achter hem: „Zijt getrouw tot de dood en Ik zal u geven de kroon des Levens!"
De jongen knielt, het zwaard wordt geheven en valt neer.
Zelfs de laatste gevangenen, die de gruwelijke vermoording van hun vrienden zo vlak voor zich zagen, ontwijken de dodelijke slag niet. Een wondere kracht houdt hen staande.
De laatste treedt naar voren, de laatste zwaardslag valt.
Tweehonderd jonge levens zijn gewelddadig weggenomen. Voor de ogen van honderden toeschouwers, die gedwongen werden daar te staan en te luisteren, en de gruwelijke slachting te zien, is het zegelied uit Romeinen 8:36 werkelijkheid geworden:
„Want om Uwentwil worden wij gedood, wij zijn
geworden als schapen ter slachting…"
Het is het jaar onzes Heeren 1949.
Een nieuwe martelaarsgeschiedenis kan worden geschreven.
(p. 254-256)
N.B. Dit boek kan ook bij ons besteld worden. Prijs ƒ 21,50 plus ƒ 4,—; is totaal ƒ 25,50. verzendkosten
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1978
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1978
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
