Geestelijke warmte?
Ja, maar welke?
In ons blad vertellen we u graag over de zegeningen die we in ons werk mogen ondervinden, opdat u daarvoor met ons de Heere zoudt willen danken. We vragen ook geregeld uw gebed voor de mogelijkheden die zich voor ons openen, voor de moeilijkheden die zich daarbij voordoen. De Heere wil immers gebeden zijn. Maar wij willen u ook niet de teleurstellingen verhelen die wij in ons werk tegenkomen. Zo is het nu eenmaal in de geweldige geestelijke strijd, waarin wij allen gewikkeld zijn. Het front golft soms op en neer. Daarom willen wij u ook in kennis stellen van het volgende:
Geschiedenis van een zwerver
In ons juli-augustusnummer 1976 publiceerden wij brieven van een Spaanse priester met daaraan aansluitend „Laatste berichten", waarin wij vermeldden dat hij intussen was uitgetreden en in Engeland zou gaan studeren. We vonden het toen echter raadzaam om de naam van deze priester en zelfs niet zijn initialen te noemen.
Hij is inderdaad naar Velp gekomen en verbleef tijdens onze vakantie in L'Abri in Eek en Wiel. Eind augustus ben ik toen met hem naar M. teruggekeerd om daar aan de in zijn brief genoemde jongeren Bijbelstudie te geven. Hij kwam echter weer in aanraking met r.-k. priesters en hij bezweek onder hun argumentatie. Hij schreef mij dat hij terug wilde keren naar de r.-k. kerk om daar binnen die kerk het Evangelie te verkondigen dat hij gevonden had.
In mei van dit jaar schreef hij echter dat het hem gebleken was dat het onmogelijk is om het echte Evangelie in zijn kerk te prediken. Hij zei: „Elke poging om dat te doen is verloren tijd".
Hij trad opnieuw uit en ging naar de Bijbelschool in Watford (Engeland). Omdat de cursus daar bijna afgelopen was, verbleef hij bij twee predikanten die hem partikulier verder Bijbelonderricht gaven.
Hij kwam echter weer in aanraking met r.-k. priesters en bezweek opnieuw voor hun argumentatie en schreef dat hij teruggekeerd was, omdat hij meende dat de r.-k. kerk toch de bruid van Christus is.
ONS KOMMENTAAR:
Natuurlijk zullen we ook een psychologische verklaring moeten geven van dit herhaalde „boompje-verwisselen". Vermoedelijk heeft deze priester een zeer labiel karakter. Anders verander je niet binnen zo korte tijd vier keer van kerk.
Van de andere kant zullen we toch ook moeten konkluderen dat de r.-k. theologen nog altijd over heel wat drogredenen beschikken dat ze een priester toch telkens weer tot hun kerk kunnen doen terugkeren.
En misschien blijkt uit het geheel nog sterker hoezeer een rooms-katholiek, vooral een priester, psychologisch aan zijn kerk gebonden kan zijn. Maar … zien we ook bij de protestantse kerken niet een heel sterke binding aan het eigen kerkinstituut? Ook voor leden van de protestantse kerken is het heel moeilijk om naar een ander kerkverband van dezelfde gereformeerde gezindte met dezelfde belijdenis over te gaan.
Als we dat bedenken, dan zullen we misschien meer begrip krijgen voor de zielestrijd van deze priester die zijn eigen kerkverband ook maar zo moeilijk kan loslaten.
Liever kil in de waarheid dan warm in de dwaling
Deze priester was, zoals hij in zijn brieven schreef, op zoek naar geestelijke warmte. Hnj meende die enigszins gevonden te hebben in de charismatische beweging, hoewel hij van de andere kant toch ook wel heel wat bezwaren had tegen allerlei excessen van sommige pinkstergroepen. Hij voelde toch ook wel wat voor de vastigheid van de leer van de reformatorische kerken.
Maar in die reformatorische kerken miste hij telkens de geestelijke warmte. De kerkdiensten vond hij daar te strak, te schematisch, te weinig spontaan en levend. Hij vergeleek die kerkdiensten met wat hij in de Bijbel las over de eerste gemeenten en hij vond een groot verschil tussen die beiden in levensuiting en onderlinge gemeenschap.
Ik kan daar wel inkomen. Maar … liever in een koude reformatorische kerk mét de zuivere leer van de rechtvaardigmaking van de goddeloze door genade en geloof alleen, dan in een andere kerk of kring of beweging, waar deze leer van de reformatie ofwel niet verkondigd ofwel verminkt wordt. In zulk een koude reformatorische kerk kan ik mij misschien eenzaam voelen temidden van de andere kerkleden, maar daar ontvang ik in elk geval het voedsel voor mijn gemeenschap met de levende God in Christus. En op grond van het zuivere Woord Gods kan ik zulk een kerk altijd weer aanspreken en wijzen op het levende beeld van de gemeente van Christus zoals we daarover lezen in het Nieuwe Testament.
Gelooft niet iedere geest!
Blijkbaar heeft deze priester niet voldoende deze waarschuwing van Johannes op zich laten inwerken: „Geliefden, gelooft niet iedere geest, maar beproeft de geesten of zij uit God zijn; want vele valse profeten zijn uitgegaan in de wereld" (1 Joh. 4:1).
Of de geesten die ons tegemoet treden, uit God zijn ja of nee, kunnen we niet te wteen komen door bij ons gevoel te rade te gaan. Iedereen die ons een gevoel van christelijke warmte geeft, is daardoor nog niet bezield van de Geest van God.
De vreselijkste dwaling kan ingebed worden in warmte.
Of de geesten uit God zijn, kunnen we alleen te weten komen, wanneer wij ze toetsen aan Gods Woord, wanneer wij wat zij verkondigen, vergelijken met wat de Bijbel verkondigt. En wanneer daar een duidelijke tegenspraak is tussen hen en de Bijbel, dan kunnen ze nóg zo weldadig en warm aandoen, maar dan moeten we ons van hen afscheiden, want dan zijn ze alleen maar vervuld van de verleidelijke warmte van de boze geesten. Ook in de hel is het erg warm. Daar brandt zelfs een „onuitblusbaar vuur".
Charismatische beweging
Dat is ook mijn grote bezwaar tegen de charismatische beweging. Hoe kunnen priesters die de typische r.-k. dwalingen blijven aanhangen, vervuld zijn met de Heilige Geest? Hoe kan men dan de paus blijven erkennen als de plaatsbekleder van Christus op aarde, terwijl Jezus juist de Heilige Geest als Zijn plaatsvervanger heeft aangewezen (Joh. 14:16)? Hoe kan men blijven geloven dat Christus aan de r.-k. kerk, met name aan de pausen, Zijn onfeilbare bijstand zou hebben gegeven voor het juist verklaren van de Bijbel, terwijl het concilie van Trente de vervloeking heeft uitgesproken over de leer van de rechtvaardigmaking door genade, door geloof, door Christus alleen? Grenst dit niet aan lastering van de Heilige Geest doordat men Hem nl. toeschrijft een dwaling die Christus ontluistert als enige en volkomen Zaligmaker? Enzovoort.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 1977
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 september 1977
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
