BEPERKING GODSDIENSTVRIJHEID IN GRIEKENLAND
Nu binnen afzienbare tijd beslist zal worden of Griekenland zal worden toegelaten tot de EEG, is het goed dat zoveel mogelijk publiciteit wordt gegeven aan de ernstige belemmering van de godsdienstvrijheid zoals die in de Griekse grondwet is vastgelegd. Een evangelische Griek, die ons persoonlijk bekend is, heeft ons verzocht ruchtbaarheid te geven aan zijn gedocumenteerd verslag. Juist vanwege deze belemmering van de godsdienstvrijheid in zijn vaderland is het voor hem niet gewenst dat zijn naam vermeld wordt. Dat is ook niet nodig, want de artikelen, die hij citeert uit de Griekse grondwet, zijn door iedereen te kontroleren.
Na de beëindiging van de diktatuur in Griekenland is de grondwet wel herzien, maar de beperkende bepalingen over de godsdienstvrijheid zijn gebleven.
Wet nr. 1672/1939
Art. 1. — Voor de oprichting of het gebruik van een gebouw dat bedoeld is voor het houden van godsdienstoefeningen van welke religie ook, is nodig de toestemming van de betreffende erkende kerkelijke overheid (daarmee is bedoeld de bisschop van de Grieks Orthodoxe kerk, in wiens bisdom de plaats ligt, waar dat gebouw zich bevindt) en van het Ministerie van Godsdienst en Nationale Opvoeding. Degenen die godsdienstoefeningen houden in een daartoe bestemd gebouw, zonder die toestemming gevraagd te hebben, zullen beboet worden met een boete van 50.000 drachmen (één drachme - 7,5 cent), en met een gevangenisstraf van twee tot zes maanden. Die gevangenisstraf kan niet vervangen worden door het afdragen van een som gelds. Het gebouw, waar die godsdienstoefening werd gehouden, zal gesloten en verzegeld worden door de plaatselijke politie.
Art. 2. — Ieder die zich schuldig maakt aan proselytisme (de poging om iemand over te halen tot een bepaalde godsdienstige overtuiging), zal veroordeeld worden tot gevangenisstraf en tot een boete van 1.000 tot 50.000 drachmen, alsmede tot politiecontrole, die kan duren van zes maanden tot één jaar. Deze gevangenisstraf kan niet omgezet worden in het betalen van een som gelds.
Proselytisme is een indirekte of direkte poging om binnen te dringen in de gods-dienstige overtuiging van een andersdenkende met de bedoeling om die overtuiging te veranderen. Zulk een poging kan de vorm aannemen van giften of beloften, van het gebruik maken van de onervarenheid of van het vertrouwen dat iemand in een ander gesteld heeft, van het gebruik maken van de geestelijke beïnvloedbaarheid van bepaalde personen in bepaalde omstandigheden.
Dit proselytisme moet des te ernstiger worden beschouwd, wanneer ze plaats heeft in scholen of instellingen van menslievendheid of van opvoeding.
Art. 3. — Vreemdelingen die zich daaraan schuldig maken, zullen uit het land gezet worden.
Art. 4. — Drukwerken (o.a. boeken en tijdschriften), waarin geschreven wordt over godsdienst, moeten zowel op de omslag als op de eerste pagina van de binnenzijde met grote letters de godsdienst of de ketterij vermelden, die zij verkondigen. Dit alles onder straf van 1.000 tot 100.000 drachmen alsmede van een onvervangbare gevangenisstraf van maximaal zes maanden.
Van deze bepaling zijn uitgezonderd de boeken, die de leer van de Grieks Orthodoxe Kerk bevatten alsmede de boeken, die gebruikt worden tijdens de godsdienstoefeningen van de verschillende religies.
Art. 5. — Leiders van godsdiensten of ketterijen, die niet de Griekse nationaliteit bezitten, mogen slechts het land binnen komen met toestemming van de Minister van de Godsdienst en van Buitenlandse Zaken.
Uit de grondwet:
Art. 3. — De tekst van de Bijbel moet onveranderd blijven. De officiële uitgave in een andere vertaling is niet toegestaan zonder verlof van de Griekse Orthodoxe Kerk.
Uit de wet nr. 1363/1938
De godsdienstige leiders zijn verplicht aan het Ministerie van de Godsdienst op te geven het juiste aantal van hun aanhangers en van de families, waaruit hun sekte bestaat. Zij moeten verder opgeven de gebouwen, waar zij godsdienstoefeningen houden, als ook de partikuliere huizen van families, waar godsdienstige samenkomsten plaats vinden.
Het is verboden kinderen van Grieks Orthodoxe families op te nemen in weeshuizen of andere instellingen van liefdadigheid, die uitgaan van organisaties, die niet behoren tot de Grieks Orthodoxe Kerk.
Alle kinderen, die behoren tot de Grieks Orthodoxe godsdienst, van de lagere en middelbare school zijn verplicht 's zondags de dienst in de Grieks Orthodoxe Kerk te bezoeken onder leiding van de schoolleraren. Een niet nakomen van deze verplichting wordt beschouwd als een verzuim van de godsdienstles op school.
TOEPASSING VAN DEZE WETTEN
Deze wetten over het proselytisme kunnen door de rechter geheel naar eigen willekeur worden geïnterpreteerd. Een voorbeeld:
Een Griek in Sparta ging naar de bank om zijn check voor AOW te innen. Hij gaf een evangelisch traktaat aan de teller van de bank. De bankbediende zei niets. De volgende maand kwam hij terug. Nu gaf hij een ander traktaat aan de teller. Maar meteen trad een rechercheur in burgerkleding naar voren en arresteerde hem op beschuldiging van proselytisme. Hij werd veroordeeld tot vijf maanden gevangenisstraf.
Aan u de vraag: Kunnen wij een land dat zozeer de rechten van de mens schendt en godsdienstvrijheid weigert aan onze broeders en zusters in het geloof, een land dat slechts een Bijbelvertaling toestaat in het oude, niet meer verstaanbare Grieks, maar niet in een modern Grieks, het Grieks van de volkstaal, toelaten in de EEG?
Mijn zegsman (dat is iemand anders dan de predikant, over wie ds. Janse schrijft in zijn arikel op p..) verklaarde: Wij noemen onze vertaling niet officieel en zodoende glippen wij tussen de mazen van de wet door en kunnen heel wat Bijbels in modern Grieks verspreiden. Maar het blijft erg dat de Grieks-Orthodoxe Kerk alleen maar een Bijbel handhaaft in bet oude Grieks, dat door de eenvoudigen niet meer wordt verstaan, evenmin als de Spanjaarden, Portugezen, Italianen en Fransen nog het oude Latijn verstaan, waaruit hun talen zijn voortgekomen.
DE LEUGEN VAN DE (WERELD)RAAD VAN KERKEN
En intussen stuurt de wereldraad van kerken (en de raad van kerken van Nederland), waarvan deze Grieks-Orthodoxe Kerk (en de r.-k. kerk) lid is, boodschappen de wereld in, waarin ze zogenaamd willen opkomen voor de vrijheid in allerlei landen. Ze roepen op tot boycot tegen Zuid Afrika.
Maar… ze zwijgen in alle talen over deze inperking van de godsdienstvrijheid, die door één van hun eigen lid-kerken met behulp van de sterke arm van de politie in stand wordt gehouden (zoals ze ook zwijgen over de Russisch Orthodoxe Kerk, die heult met de communistische regering, die aan duizenden christenen de vrijheid onthoudt en laat wegkwijnen in gevangenissen en concentratiekampen). Hoe kunnen kerken, die lid zijn van deze Wereldraad van Kerken en de Raad van Kerken van Nederland en aldus meeheulen met de ongerechtigheid van hun medelidkerken, nog zegen verwachten van de Heere, voor wie de leugen een gruwel is?
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1977
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 april 1977
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
