CHRISTUS
Veel lezers van IRS zullen wel eens de leuze hebben gehoord, die door Abraham Kuvper werd gelanceerd: „Christus, Koning op alle terreinen des levens". Ik heb altijd bezwaren gehad tegen die leus, maar ik wist niet precies waarom. Ik had het gevoel: er is iets mis met die slogan, maar kon het niet onder woorden brengen. Dezer dagen dacht ik ineens: Is deze leuze niet in strijd met Gods heilsbedeling? Is dit niet een vooruitlopen op wat eenmaal komen zal, maar wat vóór de wederkomst van Christus nog niet werkelijkheid is?
Mogen wij koninkje spelen?
Voor Pilatus heeft Christus verklaard: „Mijn Koninkrijk is niet van deze wereld". Hij heeft daar toen niet bij gezegd: Maar als Ik straks van de doden zal zijn opgestaan, dan zal Ik wél Koning worden op alle terreinen des levens.
Christus heeft de gestalte van de dienstknecht aangenomen (Fil. 2:7). Wél is Christus daarna verhoogd door Zijn opstanding uit de doden en door de uitstorting van de Geest. Maar de tijd dat „alle knie zich voor Hem zal buigen" (zie Fil. 2 : 1 0 ) , moet nog aanbreken namelijk bij de voleinding der tijden.
Het gevaarlijke van deze leus: „Christus, Koning op alle terreinen des levens" is dat wij dan gaan menen ook geroepen te zijn om een beetje, in Zijn Naam natuurlijk, zo vroom zijn we wel, koning te gaan spelen, dat wil zeggen: macht uit te oefenen in deze wereld.
Christus, de Dienaar des Woords
Christus heeft gezegd: „De Zoon des mensen is niet gekomen om gediend te worden, maar om te dienen" (Matth. 20-28). Dat dienen van Christus gaat nog altijd voort, totdat Hij wederkomt. Hij dient de Zijnen door Zijn Woord en Geest. Hij is de grote, de eigenlijke Dienaar des Woords.
Christus is de godsdienst in geest en in waarheid komen brengen (Joh. 4). Dat is de vervulling van de profetie: „Niet door kracht noch door geweld, maar door Mijn Geest zal het geschieden, zegt de Heere der heirscharen" (Zach. 4:6). Paulus zegt niet: „Ik vul aan, wat ontbreekt aan het koningschap van Christus, maar: „Ik vervul in mijn vlees de overblijfselen van de verdrukkingen van Christus" (Kol. 1:24).
Christus wil nog altijd voortlijden in de Zijnen. Hij zei tegen Paulus op de weg naar Damascus: „Waarom vervolgt gij Mij?" Hij heeft niet gezegd: Wie Mijn discipel wil zijn, zette Mijn koningskroon op zijn hoofd, maar: „Zo iemand achter Mij wil komen, die verloochene zichzelf en neme zijn kruis dagelijks op en volge Mij" (Luk. 9:23).
De dwaasheid van het kruis
Wanneer je die leuze van Kuyper overneemt, heb je nauwelijks een weerwoord tegenover de puur politieke prediking of althans bezwijk je heel gemakkelijk aan de verzoeking daarvan. Het is immers veel en veel interessanter als je denkt, samen met Christus, aardse macht te kunnen uitoefenen op allerlei terreinen des levens. Wanneer je wat presteert op politiek, sociaal, wetenschappelijk of kultureel gebied, dan ziet men naar je op. Maar als je met zo'n dwaze boodschap komt van een Man, die aan een hout werd gehangen en in deze schijnbare mislukking zijn leven eindigde; wanneer je anderen verkondigt dat ze tot bekering moeten komen en zich in kinderlijk geloof moeten overgeven aan die Gekruisigde, en dat ze anders voor eeuwig verloren gaan; dan haalt men verachtelijk de schouders op of hoort je alleen met neerbuigende vriendelijkheid aan, vol verwondering over zoveel naïviteit.
„Ga heen en boycot de Amrobank" (Mark. 16:21)?
Als we de opdracht van Christus lezen: „Gaat heen in de gehele wereld, predikt het Evangelie aan alle kreaturen" (Mark. 16:15), dan voel je meteen al aan dat het bovenstaande nooit uit de mond van Christus zou gekomen zijn. Hij heeft nooit Zijn macht om in te grijpen in de aardse verhoudingen, gebruikt om een politiek of sociaal doel te forceren. Hij zei: „Indien Mijn Koninkrijk van deze wereld was, zo zouden Mijn dienaren gestreden hebben, opdat Ik niet aan de Joden overgeleverd zou worden; maar nu is Mijn Koninkrijk niet van hier" (Joh. 18:36).
Christus erkende wel dat Hij Koning was en is, maar om getuigenis te geven van de waarheid. Hij regeert niet door aardse machtsmiddelen, maar door de macht van Zijn Woord. Daarom is Zijn regeren een dienen. Hij dient degenen die in Hem geloven, met de waarheid en die waarheid is in Hem verschenen. Hij is vleesgeworden Waarheid.
Maar de Gemeente van Christus ontaardt tot een werelds machtsinstituut, wanneer zij niet meer tevreden is met de dienende houding. Dan wil zij méér zijn dan de Bruidegom. Dan heeft zij geen vreugde meer in de stille en verborgen omgang met haar Heere. Dan loopt ze haar minnaars na (Hosea 2:4) en pleegt geestelijk overspel met de machten van deze wereld.
Ja, dan is het heerlijk als je eigen kerk lid is van een Raad van Kerken van Nederland en nog mooier: van de Wereldraad van Kerken. Die is voortdurend in het nieuws. Daar luistert ook de wereld naar, want ze weten dat achter die Wereldraad van Kerken miljoenen kerkleden staan, die gedwee de politieke gedragslijnen opvolgen, die ze van bovenaf ontvangen. De Amrobank merkt het in haar eigen geldlaadje, wanneer ze het waagt om niet zonder meer naar de nieuwe paus te luisteren. (U weet dat vroeger de paus van Rome aan keizers en koningen voorschreef, hoe ze politiek moesten handelen. Dat wordt nu door de Wereldraad van Kerken overgenomen).
Zij is Mijn vrouw niet!
Een van de verzoekingen van Christus in de woestijn was, toen de duivel „Hem toonde al de koninkrijken der wereld en hun heerlijkheid" (Matth. 4:8).
Christus is niet aan die verzoeking bezweken, helaas Zijn bruid vaak genoeg. De r.-k. kerk is daarin voorgegaan. De paus is het hoofd van een wereldse staat (nog maar vier jaar geleden is in Vatikaanstaat de doodstraf afgeschaft, die overigens al lang niet meer werd toegepast) en ontvangt de ambassadeurs, ook van puur goddeloze staten, zoals van Rusland en van andere landen achter het IJzeren Gordijn, waar Gods kinderen zuchten in gevangenissen en concentratiekampen.
Maar de protestantse kerken gaan de r.-k. kerk hard achterna via de Wereldraad van Kerken. En ze zijn maar wat tuk op het lidmaatschap van Rome, want dan zou dat hun wereldse macht nog veel meer vergroten.
Zo verwordt de Gemeente van Christus tot machtsinstituut, zodat Christus van haar moet zeggen wat God van het oude verbondsvolk zei: „Zij is Mijn vrouw niet en Ik ben haar Man niet" (Hosea 2:1).
Natuurlijk zeg ik niet dat christenen niet aan politiek zouden moeten doen, maar dat is niet de roeping van de Gemeente van Christus en vervolgens zullen ook christenen in de politiek herkenbaar moeten zijn als mensen, die zoals hun Meester dienend tegenover de anderen staan en die evenals Hij onverbiddelijk de waarheid liefhebben en zich niet laten verleiden tot politieke leugens of intriges.
Bewaar ons in Uw trouw
Wat is de reden dat Gods volk in het Oude en Nieuwe Testament altijd weer tot dit geestelijk overspel komt en ontrouw wordt aan haar hemelse Man?
De reden moet wel zijn dat velen onder dat volk de heerlijkheid van de liefde van die hemelse Man nooit gekend hebben of daarin verflauwd zijn. En dat laatste komt voor een groot gedeelte, omdat de heerlijkheid van Christus niet of nauwelijks nog aan de Gemeente wordt voorgesteld. Dan móét het hart van de kerkmensen wel uitgaan naar andere minnaars. Uit onszelf hebben we immers allemaal de neiging om de wereld na te lopen. Het is alleen Christus, die ons daarvan weerhouden kan. Alleen als wij onder Zijn aantrekkingskracht komen, kunnen we weerstand bieden aan de verlokkingen van het aardse. En we komen alleen onder Zijn aantrekkingskracht door het Woord, waarin Hij Zichzelf openbaart.
„Hoor, o dochter, en zie en neig uw oor; en vergeet uw volk en uws vaders huis. Zo zal de Koning lust hebben aan uw schoonheid; omdat Hij uw Heere is, zo buig u voor Hem neder" (Ps. 45:11-12).
ANNE v.d. BIJL
Wij hebben ons niet gerealiseerd dat door de zijdelingse opmerking van de briefschrijfster op p. 16 van ons januarinummer schade zou kunnen berokkend worden aan het mooie werk van „Kruistochten". Ook al vinden wij het niet verstandig dat Anne v.d. Bijl bij die gelegenheid als vertaler optrad, dat is echter geen reden om zijn prachtige werk minder te steunen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 februari 1977
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van dinsdag 1 februari 1977
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
