EVANGELISATIE ONDER DE UNIVERSITEITS-STUDENTEN VAN LATIJNS AMERIKA
De universiteiten van Latijns Amerika
Er zit veel waars in het gezegde dat wie generaliseert, wie alles over één kam scheert, gewoonlijk ernaast is. Dat is ook het geval, wanneer men over Latijns Amerika spreekt en het dan doet voorkomen alsof dit continent één monoliet is, een volkomen duidelijke eenheid, die je kunt karakteriseren met enkele kenmerken zoals onderdrukking, afhankelijkheid en onderontwikkeling.
Ongetwijfeld zijn dat bittere en harde werkelijkheden in Latijns Amerika, maar daarmee is niet alles gezegd. Het is toch immers duidelijk dat onze republieken niet ontstaan zijn uit een imperialistische druk van de U.S.A.; wij zijn produkten van velerlei soorten kolonialismen, die elkander opvolgden: Spaans, Portugees, Frans en Engels kolonialisme; die hebben allemaal hun stempel op de landen van ons continent gedrukt.
Het is goed om dat voor ogen te houden. Dat betekent nl. dat onze universiteiten geen eilandjes zijn, en dat je het gistende leven van die universiteiten niet kunt begrijpen zonder tevens inzicht te hebben in de beroeringen van het land, waar die universiteiten gevestigd zijn. Ook zij zijn produkten van een historische en kulturele erfenis, die ze hebben gekregen vanuit hun verbondenheid met het Iberische Schiereiland (Spanje en Portugal) gedurende meer dan 400 jaar, maar ze hebben tevens de invloed ondergaan van een meer recent kultureel en economisch kolonialisme.
Een algemene gevolgtrekking uit die gegevens moet dan ook wel zijn dat onze landen van Latijns Amerika meerdere karaktertrekken met elkaar gemeen hebben, en dat dit ook geldt van de instellingen en met name van de universiteiten.
Wat zijn die gemeenschappelijke kenmerken? Een groeiend besef van de afhankelijkheid van de grote buitenlandse machten, dat samengaat met een sterk verlangen naar vrijheid, zodat wijzelf de lijnen van onze eigen toekomst kunnen trekken en dat zich bij velen heeft gekonkretiseerd in een ideologie van bevrijding en in een nieuw nationalistisch sentiment.
In sommige landen heeft dit verlangen naar onafhankelijkheid en de cultus van de eigen natie zijn uitdrukking gevonden in het militaire apparaat met behulp waarvan de desbetreffende regeringen streven naar een diepe, radikale en snelle omvorming van hun landen. In andere landen echter wordt het leger juist gebruikt om oude onrechtvaardige toestanden te bestendigen, om overleefde instellingen nieuw leven in te blazen; zo proberen zij met alle mogelijke middelen het verlangen van onze volkeren naar vrijheid en gerechtigheid tegen te gaan.
Vanzelfsprekend heeft dit alles zijn weerslag in de universiteiten. Daar vinden de verschillende stromingen hun uitdrukking, vooral in marxistisch getinte groepen. Ze zijn meestal zeer aktief en militant. Ze vinden gemakkelijk aanhang, omdat zij een menswaardig bestaan voorspiegelen aan zovele havelozen. Maar ze zijn niet de enige groepen en ze vormen niet eens de meerderheid. Dat blijkt uit een onpartijdig onderzoek.
Ook in de protestantse kerken van Latijns Amerika tekenen zich twee richtingen af. De ene richting wil de zending van de kerk weergeven in termen van de revolutie, de andere in termen van de evangelisatie.
De ene richting verheerlijkt de revolutie als de enige weg van behoud en van heil voor de gemeenschap en voor de afzonderlijke mens in Latijns Amerika. Zij menen dat zo goed als alle universiteitsstudenten niets anders doen dan de revolutie najagen en dat alleen de revolutie het ware menszijn kan verwezenlijken. Met strenge aristotelische logica redeneren ze verder: God wil het ware menszijn van iedereen; welnu, in Latijns Amerika is de revolutie de enige manier om het ware menszijn mogelijk te maken; dus kun je als christen alleen maar kiezen voor de revolutie.
Het andere uiterste vinden we bij hen, die zich opwerpen als winnaars van zielen zonder lichaam. Zij menen dat men de mens kan beschouwen en behandelen als een ziel, een individu dat helemaal gesteriliseerd kan worden van de hem omringende wereld en daaruit kan worden losgepeld.
Zoals de vorige groep zich grotelijks vergist, wanneer zij meent dat de universiteit slechts een broeinest is van revolutionaire bewegingen, zo slaan deze „blote zieltjeswinnaars" de plank mis, wanneer ze beweren dat er aan de universiteit een algemene en diepe dorst naar God is. En om dat te bewijzen goochelen ze met verbazingwekkende statistieken over 'bekeringen'. Zij hebben geen oog voor „de opstand tegen het Koninkrijk", die zich genesteld heeft in allerlei vormen van humanisme, existentialisme en atheïstisch nihilisme. Ze gaan voorbij aan de vlucht van veel studenten in de verslaving aan drugs. Ze duiken niet in de achtergronden, waarom steeds meer studenten een uitweg zoeken in de oosterse mystiek en in de yoga. Zoals de anderen zweren bij slechts één woord: „revolutie", zo willen zij slechts weten van één opdracht: „evangelisatie".
(wordt vervolgd)
Lima (Peru)
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1976
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 oktober 1976
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
