Johan Maasbach
Wij hebben ons in ons vorige nummer slechts indirekt gekeerd tegen Johan Maasbach, omdat hij nl. Osborn heeft uitgenodigd om op te treden in zijn Capitool in Den Haag.
Over wat Maasbach zelf momenteel leert, heb ik niet voldoende dokumentatie. Lang kreeg ik zijn blad „Nieuw leven" toegezonden. Maar eens heb ik in IRS geschreven over evangelisten, die voortdurend vele foto's van zichzelf laten afdrukken in het blad, waar ze zelf de eindredakteur van zijn. Foto's in allerlei standen, vooral van hun biddende houding. Ik verwees daarbij naar het verwijt van Christus aan het adres van hen, die op de hoeken der pleinen staan te bidden om zich aan de mensen te vertonen (Matth. 6:5). „Voorwaar, Ik zeg u dat zij hun loon reeds weg hebben".
Ik had daarin ook geschreven: Het lijkt wel of het bij dat soort mensen gaat om deze „heils"-orde: de foto van henzelf….dan de Geest. … en dan heel ergens achter aan ook nog het Woord. Ik bedoelde Osborn en Maasbach, maar had geen van beiden genoemd. Sindsdien kreeg ik echter „Nieuw leven" niet meer toegestuurd. Maasbach had het blijkbaar op zichzelf betrokken, echter zonder, naar ik vermoed, ook te stoppen met dat pronken met de foto's van zichzelf in zijn eigen blad.
Het vorig jaar kreeg ik nog een knipsel uit zijn blad toegestuurd, waarin hij de kinderdoop uit de duivel noemde, „een leugen uit de hel".
Nu is er geen haar op mijn hoofd, die eraan denkt om broeders die menen dat de doop de uitdrukking is van persoonlijk geloof en niet de bevestiging en bezegeling van Gods belofte, ook maar iets te verwijten. Immers de baptisten belijden met ons dat we alleen maar zalig worden op grond van het genadeverbond in het bloed van Gods Zoon, en wij belijden met hen, dat een mens die, hoewel hem het Evangelie is verkondigd, dit niet wil aanvaarden en niet tot persoonlijk geloof en bekering is gekomen, toch voor eeuwig verloren gaat, ook al is hij twee of meer keer gedoopt.
Maar wanneer de eer van Christus als enige en volkomen Middelaar wordt aangetast, dan meen ik niet te mogen zwijgen, overeenkomstig de vermaning van Paulus: „Ontmaskert ze (= de werken der duisternis) veeleer" (Ef. 5:11).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 1976
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juli 1976
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
