ZIE, IK MAAK ALLE DINGEN NIEUW!…
Ja, dat zegt deze Man, die stierf in uiterste pijn, verguizing en verlatenheid, van Wie geschreven stond: „Het behaagde de Heere Hem te verbrijzelen" (Jes. 53:10). Je schrikt daarvan. Het doet je pijn, als je dat leest: „Het behaagde de Heere.. .". Heeft de almachtige en heilige God er dan plezier in, als Hij iemand helemaal stuk kan maken? Is Hij een schepselen-kweller?
Het is te begrijpen dat door de eeuwen heen de mensen altijd weer in verzet zijn gekomen tegen zulk een God. Ze kunnen en willen zulk een God niet aanvaarden. Ze willen voor Hem niet neerknielen. Ze beleven in Hem alleen maar een wrede tyran.
Vaak zit achter dat verzet een psychisch complex. Ze hebben wellicht een harde vader gehad, door wie ze zich onrechtvaardig behandeld voelden. Ze hebben daardoor een uiterst negatief beeld gekregen van „de" vader en hebben dat overgebracht op God, die immers in de Bijbel ook zo vaak Vader wordt genoemd. Zoals ze zich in hun kinderjaren in machteloze woede kromden onder de slagen van hun eigen vader, zo gromt alles in hen opnieuw, wanneer ze zo iets lezen: „Het behaagde de Heere…".
En zulk een onbewust verzet tegen de eigen vader is ook vaak gemengd met religieuze gevoelens. Ze hebben zich een ander beeld van God gevormd. Ze strijden voor hun god, de god van hun gedachten, die alleen maar goed is, die op geen enkele wijze het lijden beschikt.
Maar juist zó halen ze de hoop weg bij de hopelozen, de troost bij de troostelozen. Er kan een ontzettend verdriet door me heentrekken, maar wanneer ik dan maar door mijn tranen heen mag opzien naar God, die ik niet begrijp, dan is daar diep in mijn ziel een stilte en een wijding, die nog dieper is dan het diepste leed.
En de Bijbel laat zien, waaróm het de Heere behaagde deze Geliefde, deze duldende Godsknecht, te verbrijzelen. „Door Zijn kennis zal Mijn Knecht, de Rechtvaardige, velen rechtvaardig maken; want Hij zal hun ongerechtigheden dragen". „Als Zijn ziel zich tot een schuldoffer gesteld zal hebben, zo zal Hij zaad zien".
Dáárom kan God toch rechtvaardig zijn (Rom. 3:23-26), ook als Hij de goddeloze om niet rechtvaardigt door de, toerekening van de gerechtigheid van deze Rechtvaardige (Rom. 4:5-8).
Daarom zegt nu Hij die op de troon gezeten is: „Zie, Ik maak alle dingen nieuw" (Openb. 21:5). Daarom mogen wij uitzien naar de nieuwe hemel, die op de nieuwe aarde zal neerdalen. Daarom is er voor ons, die in deze Man van smarten geloven, dit heerlijke weggelegd: „Zie, de tabernakel Gods is bij de mensen en Hij zal bij hen wonen en zij zullen Zijn volk zijn en God Zelf bij hen en hun God zijn. En God zal alle tranen van hun ogen afwissen; en de dood zal er niet meer zijn; noch rouw noch gekrijt, noch moeite zal er meer zijn" (vs. 3-4).
God zal alle tranen van onze ogen afwissen. Wat een teer beeld van zorgzame Vaderliefde. Hijzelf zal dat doen, heel persoonlijk. Voor altijd is dan ons schreien voorbij. We zijn dan opgenomen in het land van het licht, waar Hijzelf onze zon is en het Lam onze lamp (vs. 23).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1976
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 januari 1976
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
