In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

Alles leek veranderd

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Alles leek veranderd

4 minuten leestijd

Enige tijd geleden schreef br. Rodricks van India ons, dat hij ons zijn getuigenis wilde sturen, als wij dat op prijs zouden stellen. We hebben dat intussen ontvangen. We hebben zijn verhaal sterk ingekort, omdat er nogal veel bezwaren in kwamen tegen de r.-k. leer, die niet erg persoonlijk geformuleerd waren. We hebben die gedeelten overgenomen, waaruit iets van zijn eigen zielestrijd spreekt, en laten dat hieronder volgen.

Mijn ouders waren Portugees-sprekende rooms-katholieken van Bombay. Reeds als jongen was ik vervuld van ontzetting bij de gedachte, dat ik voor eeuwig zou worden verdoemd door God Zelf; dat ik voor altijd zou verwezen worden naar de hel, waar de vlammen nooit gedoofd zullen worden en de worm die aan mijn ziel en lichaam knagen zou, nooit zou sterven. De enige manier om aan die hel te ontsnappen was: geen doodzonde doen. En ik dacht dat de beste manier om die doodzonde te vermijden zou zijn: priester worden.

Ik ging naar het seminarie. Maar daar begon ik steeds meer in te zien dat allerlei leerstukken van onze kerk volledig in tegenspraak zijn met de Bijbel. Daarom trok ik de stoute schoenen aan en deelde aan de direkteur van het seminarie mee dat ik mijn verlangen om priester te worden wilde opgeven.

Toen ik weer thuis kwam, en mijn familieleden en vrienden mij in gewone burgerkleding zagen en niet meer in de priestertoog, begonnen ze mij van alles naar het hoofd te slingeren en mij belachelijk te maken. Ik kreeg niets te eten en werd zelfs het huis uitgegooid. Zo stond ik op straat zonder geld en zonder werk. Maar de Heere zorgde voor mij en ik kreeg tóch een betrekking.

Intussen bleef ik echter de Bijbel bestuderen, maar er was geen vrede in mijn ziel en ik had geen zekerheid over mijn eeuwig heil.

Totdat…… eens op een avond in februari 1961 knielde ik voor mijn bed neer om de Heere vergeving te vragen over al mijn zonden en ik smeekte Hem om leiding en verlichting, opdat ik de Waarheid zou mogen leren kennen. En terwijl ik zo aan het bidden was, leek het ineens of de Heere al mijn zonden in chronologische volgorde voor mij uitschreef. De Heere overtuigde mij van mijn zonde; Hij verbrak mijn hart in schuldbesef, maar Hij toonde mij tevens het kostbare bloed van Zijn Zoon en wiste de gehele lijst van zonden, die Hij zo pas voor mij ontrold had, helemaal uit, zodat er niets meer van over bleef. Toen wist ik het voor goed: De Heere is mijn Zaligmaker. Zijn heilige Naam zij geprezen!

Bepaalde Schriftgedeelten zetten zich als een blij zegel in mijn gedachten vast, zoals: „Want ik weet in Wie ik geloofd heb" (2 Tim. 1:12); „En dit is het eeuwige leven, dat zij U kennen, de enige waarachtige God, en Jezus Christus die Gij gezonden hebt" (Joh. 17:3); „Die in Mij gelooft, heeft het eeuwige leven" (Joh. 6:47); „Dit is het werk Gods dat gij gelooft in Hem die Hij gezonden heeft" (Joh. 6:29); „Gij hebt Mij niet uitverkoren, maar Ik heb u uitverkoren" (Joh. 15:16); „Zo God vóór ons is, wie zal tegen ons zijn?" (Rom. 8:31).

Mijn schuld en de last van mijn zonden was voorbij. Ik bezat nu een vrede die door geen schepsel kan worden weggenomen, en vreugde en zekerheid des heils, die alleen door God kan geschonken worden. Prijs de Heere!

Die nacht sliep ik als nooit te voren. En toen ik de volgende morgen ontwaakte, voelde ik mij geheel veranderd. Het was alsof ik een nieuw mens geworden was. De alledaagse dingen om mij heen leken heel anders dan voorheen.

Ik begon te getuigen tegenover mijn vrienden en familieleden, hoe de Heere mij gered had en hoe de Heere eenieder die met verbroken hart tot Christus komt en in Hem gelooft, wil zalig maken.

Maar de vervolgingen braken los. Ik werd door mijn ouders onterfd. Een keer hebben ze mij voor een rooms kerkgebouw afgeranseld, toen ik traktaten en evangeliën uitdeelde en Gods boodschap van Zijn soevereine genade in het openbaar verkondigde.

Ik prijs en verheerlijk en dank mijn God en Zaligmaker Jezus Christus.

Ulhasnagar (India) 18-9-1973

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1974

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

Alles leek veranderd

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1974

In de Rechte Straat | 32 Pagina's