In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

WE MAKEN ER EEN

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

WE MAKEN ER EEN

3 minuten leestijd

In het „Maandblad van Scouting Nederland" stond een artikel over: „Pinksteren, wat zegt het je?", dat aldus eindigt: „Misschien zal het pinksterfeest in ons de hoop wakker maken dat alle mensen — en dus wij ook! — gegrepen mogen worden door die goede Geest, zodat wij er samen een fijne wereld van maken".

Waarom ik dat citeer? Niet om een aanval te doen op dat blad, dat immers principieel neutraal, a-christelijk (is iets anders dan on-christelijk) is. Maar wél omdat ik in dit zinnetje heel scherp de totaal andere geest van de humanistische levensbeschouwing geformuleerd zag, een geest die zo geheel verschilt van het gedachtenklimaat van de Bijbel, het Woord Gods dat door de Heilige Geest is geïnspireerd. Een paar opmerkingen:

1. Wij kunnen er nooit samen een fijne wereld van maken. Wanneer pinksteren die hoop bij iemand wekt, dan is dat een valse hoop. De geschiedenis is er om dat te bewijzen. De fijne wereld komt alleen tot stand via de ondergang van deze wereld, wanneer daarna de nieuwe hemel op de nieuwe aarde neerdaalt, dus NIET als het resultaat van wat wij samen gemaakt hebben. Dat zegt de Bijbel. Dat is van de ene kant een pessimistische en van de andere kant een optimistische levensbeschouwing; pessimistisch, omdat we van te voren weten dat, ondanks al ons streven, die fijne wereld er nooit komen zal door ons; optimistisch, omdat we door het geloof zeker weten dat die fijne wereld er eenmaal toch komt, maar dan door Jezus Christus alleen, wanneer Hij wederkomt.

2. Uit dat zinnetje (en overigens uit heel dat artikel) blijkt opnieuw, hoe een mens nooit echt neutraal kan zijn. J e moet nu eenmaal kiezen. En in dit artikel wordt duidelijk gekozen vóór de humanistische levensbeschouwing: „Wij, mensen, zullen het wel voor elkaar fiksen". En die beschouwing staat lijnrecht tegenover de boven geschetste christelijke overtuiging.

3. Daaruit blijkt opnieuw het gevaar van zogenaamde neutrale verenigingen, die niet neutraal kunnen zijn; én de verantwoordelijkheid voor ons, vaders en moeders; het is een waarschuwing voor ons, dat we niet zo licht moeten denken over de vraag, waar onze kinderen hun ontspanning genieten.

4. Helaas is deze humanistische levensbeschouwing doorgedrongen in allerlei kerken en verenigingen, die zich wel als christelijk aandienen; alsook in de „nieuwe" protestantse en rooms-katholieke theologie. En dat is veel erger, want dan wordt deze humanistische levensbeschouwing onder het kerkvolk ingedragen onder een valse christelijke vlag, onder christelijke termen die echter een heel andere lading dekken dan de Bijbel ermee bedoelt. Dat is leugenachtige volksmisleiding.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 1973

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

WE MAKEN ER EEN

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 november 1973

In de Rechte Straat | 32 Pagina's