In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

REVEIL IN VANCOUVER

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

REVEIL IN VANCOUVER

9 minuten leestijd

In Vancouver werden we begroet door de Sutera Tweeling. „Gisteren, zondagmiddag, waren er 3000 bezoekers in de samenkomst", zo vertelden zij ons vol geestdrift. „Maar", zo vervolgden ze, „de eerste avond dat we hier de campagne begonnen, leek het wel of de mensen telkens naar boven keken, alsof de opwekking ineens door het dak als een wonder naar beneden zou komen. We hebben hen duidelijk moeten maken, dat een opwekking inderdaad het werk van Boven is, van de Heilige Geest, en dat gebed daarom noodzakelijk is. De Heere wil gebeden zijn, ook om een opwekking. Maar de Heilige Geest werkt door het Woord heen. Daarom moet u nu voor u uit kijken, naar uw Bijbel. Lees daarin wat de Heere tot u, tot u heel persoonlijk, zeggen wil, en luister naar de verkondiging van het Evangelie door hen die de Heere daartoe roept. Luister naar wat de Geest tot de gemeenten zegt".

Wij vonden dat een zeer gezonde bijbelse instelling. Inderdaad, wij moeten niet in de eerste plaats naar tekenen zoeken. We moeten niet de hemel afturen in de verwachting van een of ander wonderbaar gebeuren, zoals dat op de pinksterdag plaats greep, een „geluid als van een geweldig gedreven wind" en „tongen als van vuur" (Hand. 2:2, 3). En we moeten evenmin naar binnen schouwen naar roerselen in onze ziel, die veroorzaakt zouden kunnen zijn door de Heilige Geest om dan op grond van dergelijke tekenen binnen in ons tot de zekerheid te komen dat we wedergeboren zijn.

Waar begon het?

Waar is die opwekking in Canada eigenlijk ontstaan? In Abbotsford op ongeveer dertig kilometer van Vancouver, ongeveer twee jaar geleden. Ds. M. R. Tohnson vertelde ons hierover: „Wij hadden de Sutera Tweeling uitgenodigd voor een gebruikelijke evangelisatiecampagne. We begonnen op zondagavond. Drie mensen kwamen naar voren en gaven te kennen dat ze voortaan hun leven op God wilden richten. Maandag-, dinsdag- en woensdagavond gebeurde er echter niets. De boodvan bekering werd wel duidelijk gebracht door de sprekers, maar direkte resultaten werden niet zichtbaar.

Op woensdagavond na de samenkomst werden de Sutera Tweelingen uitgenodigd om een tape te komen beluisteren, waar een Nederlander van Red Deer, dhr. Dick Oostra, sprak over Christus als zijn Zaligmaker én Heere, over de noodzaak van het sterven met Christus aan de zonde om ook met Hem te kunnen opstaan tot een nieuw leven.

De boodschap van deze Nederlandse emigrant maakte diepe indruk op de aanwezigen — ze waren met een tien mensen bij elkaar. En vanaf de volgende avond begonnen de Sutera's in deze geest te spreken. Sindsdien werd alles anders. De mensen werden verslagen bij het zien van hun zondige, op zichzelf gerichte en onvruchtbare leven. Gods Geest bewerkte een ongekende verbrokenheid des harten, en tegelijk daarmee een behoefte om ook openlijk schuld te belijden over de zonde.

Onze kerk heeft 400 zitplaatsen. Weldra werd die te klein. We moesten een televisie-circuit aanleggen, zodat de mensen de Sutera's in de zaal onder de kerk konden beluisteren en ook zien. Die zaal bevatte 350 zitplaatsen. Maar avond aan avond raakte ook die zaal vol, zodat we dus geregeld zo'n 750 bezoekers hadden.

De evangelisatiecampagne was aanvankelijk gepland voor slechts tien dagen. Maar meerdere keren hebben we de sluitingsdatum verschoven, zodat het alles bij elkaar vier weken heeft geduurd. Zeshonderd bezoekers getuigden dat ze door de opwekking diep waren aangegrepen en tot levensverandering waren gekomen". Tot zover ds. Johnson.

Merkwaardig dat de Heere het getuigenis van een Nederlander die al jaren in Canada woont, heeft willen gebruiken om de opwekking op gang te brengen. Daarom zijn verschillende Nederlandse emigranten vast overtuigd dat de Heere ook zulk een opwekking wil geven aan Nederland. Zij bidden daarvoor en enkelen zijn ook bereid om in september naar Nederland te komen om te getuigen van wat de Heere aan hen heeft verricht.

De Sutera's zijn daarna weer terug gegaan naar de V.S., waar zij wonen. Enige maanden later hielden ze eenzelfde soort campagne in Prince George, eveneens in British Columbia in Canada. Weer behaagde het de Heere verschillenden tot verbrokenheid te brengen en tot de vreugde in de opstanding met Christus.

En in oktober vorig jaar kwamen enkelen van hen mee naar de campagne in Saskatoon; de berichten daarover hebt u reeds kunnen lezen in ons blad.

Hoe verlopen de samenkomsten?

De grote samenkomsten beginnen om acht uur en duren tot omstreeks half elf. Er is een zangkoor en meestal ook een solist. Men schermt echter niet met beroemde namen en de koorzangers zijn eenvoudig gekleed en dragen geen uniform.

Ondanks de ontzaggelijke ernst, waarmee de eeuwige waarheden verkondigd worden, is er vaak een sfeer van humoristische mildheid. Dat is gezond, want dat voorkomt al te grote psychische spanning. Dat betekent echter niet dat de leiders het zoeken in populariteit door moppentapperij.

Tijdens deze grote samenkomsten is er ook gelegenheid tot het geven van een getuigenis. Men moet echter wél daartoe van te voren een uitnodiging hebben gekregen van de leiders van de avond.

Aan het einde worden zij die dat wensen, uitgenodigd om naar een van de bijzalen of kamers te gaan, waar iemand bereid is met hen te bidden.

Deze „counsellers" (raadgevers — helpers) krijgen van te voren een training. Enkele grondbeginselen worden dan aan hen uiteengezet, die hun dan ook op een stencil worden uitgereikt. Het lijkt mij van belang om enkele van die beginselen hieronder te laten volgen.

Richtlijnen voor de raadgevers

„Raadgever (geefster), wees er zeker van dat u in de juiste verhouding tot God staat en dat u het getuigenis van Gods Geest in u hebt. Niemand heeft het recht anderen op geestelijk gebied raad te geven, wanneer Christus niet in hem leeft".

„Wanneer iemand gehoor heeft gegeven aan de oproep en tot u komt, kniel dan naast hem neer. Zeg niets, want die mens is niet gekomen om u, maar om God te ontmoeten in het gebed".

„Als de persoon behoefte heeft om te vertellen wat de Heere aan zijn ziel heeft gedaan, geef hem daar dan de gelegenheid voor en luister naar hem. Onderbreek hem niet".

„Spreek rustig en kalm. Vermijd elke emotie. — Luister naar de stem van de Heilige Geest. Vraag aan Hem dat Hij u moge leiden, want Hij is de grote Helper — Vraag de Heere om een groot geloof, ook om het geloof dat Hij het wonder verrichten wil van een totale ommekeer in degene met wie u bidt, de ommekeer van het sterven aan de zonde en het opstaan van het nieuwe leven met Christus". „Leg uzelf op geen enkele wijze op. Probeer geen beslissingen te forceren — Ga niet in op allerlei huwelijksproblemen. De nood van een mensenziel is zijn zonde, zijn op zichzelf gericht leven. Probeer hem voorzichtig tot het besef van die wezenlijke nood te brengen — Probeer niet indruk te maken met uw parate Bijbelkennis — Wanneer een geval voor u te moeilijk wordt, vraag gerust de hulp van een andere raadgever".

Draagt elkanders lasten

Voor ons, Nederlanders, is dat allemaal wel erg ongewoon. Toch zouden wij ons eens moeten afvragen: Beoefenen wij wel voldoende de gemeenschap der heiligen, vooral ook de gemeenschap der gebeden? Wat doen wij met de vermaning van Paulus: „Draagt elkanders lasten" (Gal. 6 : 2 )? Uit het voorafgaande vers blijkt toch wel dat Paulus daarmee bedoelt het dragen van eikaars geestelijke lasten, want hij schrijft: „Broeders, indien ook een mens overvallen ware door enige misdaad, gij die geestelijk zijt, brengt de zodanige terecht met de geest der zachtmoedigheid, ziende op uzelf, opdat ook gij niet verzocht wordt" (Gal. 6:1).

In Canada heb ik bemerkt, hoeveel geestelijke nood er is bij de kerkmensen. Zou dat hier minder zijn? Maar wat een vreugde was het voor die velen om zich eens helemaal te kunnen uitspreken, om voor iemand „die geestelijk is", zijn schuld te belijden en zich eventueel te laten terechtwijzen in een geest van zachtmoedigheid1 Is er in onze kerken wel voldoende gelegenheid tot deze bevrijdende bijbelse biecht? Maken wij ons er misschien te gemakkelijk van af met een schouderophalen: „Ben ik mijns broeders hoeder?" Maar Gods Geest zegt door de mond van Paulus: „Draagt elkanders lasten!"

Open-Haard-Samenkomsten

Na de grote samenkomst is er nog gelegenheid om in een kleinere kring de gemeenschap der heiligen te beoefenen. Soms waren er een tachtig, soms honderd, soms honderd vijftig.

Dan was er meer vrijheid. Iedereen die dat wilde, kreeg daar de gelegenheid om te getuigen van wat de Heere aan zijn ziel gedaan had tijdens de campagne. Ook konden mensen vragen om gebed voor hun nood. Hun werd dan verzocht neer te knielen en als het om een jongen of man ging, dan werden enkele broeders — en als het om een meisje of vrouw ging, dan werden enkele zusters gevraagd om naast de persoon te knielen en voor hem of haar te bidden.

Ook dat is ongewoon voor ons, nuchtere Nederlanders, maar we zullen niet kunnen ontkennen dat wij uit het Nieuwe Testament de indruk krijgen dat de samenkomsten in de eerste gemeenten ook zulk een ongedwongen en open karakter droe gen. Wij, Nederlanders, kunnen wel erg voldaan zijn over onze rustige en bezadigde aard, maar de Heere heeft in Zijn Woord niet „de nuchtere Nederlander" tot voorbeeld gesteld voor alle christenen. Bovendien is het mogelijk dat wij „de nuchtere Nederlander" willen uithangen om daarmee ons gebrek aan ootmoed te kunnen verbergen. We worden misschien liever geprezen om ons scherpe theologische inzicht dan om ons eventuele kinderlijke geloof.

Ik zeg niet dat wij die gewoonten van de opwekkingscampagne in Canada zonder meer moeten overnemen, maar we mogen ze ook niet zonder meer afwijzen. We moeten alles toetsen aan Gods Woord. Dat moet steeds onze norm zijn en niet onze eigen volksaard.

Die samenkomsten in kleinere kring werden „afterglow-meetings" genoemd, letterlijk: „nagloei-samenkomsten". Ik heb gezocht naar een goed Nederlands woord. Ik meen dat het woord „Open-Haard-Samenkomst" misschien nog het beste weergeeft, wat met die nagloei-samenkomsten werd bedoeld. Een samenkomst rond de open haard duidt een sfeer aan van gemoedelijkheid, van onder ons te zijn. Iedereen kan een blok hout op het vuur werpen en dan vlamt het weer hoog op. Zo kon ook iedereen in die nagloei-samenkomst door een persoonlijke bijdrage, door een getuigenis vooral, de vlammen van de liefde tot God, van de aanbidding van Zijn grote Naam, opnieuw doen oplaaien.

In die „Open-Haard-Samenkomsten" werd verwezenlijkt wat we in 1 Kor. 14:20 lezen, dat wanneer men daar samenkwam, ieder iets had, zijn eigen bijdrage, al naar gelang de gave die hij van de Heere ontvangen had. En dat alles geschiedde tot stichting, omdat gehoor werd gegeven aan de oproep van Paulus: „Laat alle dingen eerlijk en met orde geschieden" (1 Kor. 14:40). N.B. Wellicht ten overvloede: „met orde" betekent hier niet: „overeenkomstig een of andere kerkorde", maar dat alles een ordelijk verloop moest hebben, ook al waren die bijdragen van ieder nog zo spontaan.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juni 1972

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

REVEIL IN VANCOUVER

Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 juni 1972

In de Rechte Straat | 32 Pagina's