RODE en GROENE lichten
Een verpleegster heeft de nachtwacht. Ze zit daar voor een groot schakelbord. Daar zyn vele lichtjes aangebracht. En op die lichtjes staan nummers, de nummers van de ziekenkamers.
En als het belletje zoemt en een van die lichtjes rood gaat branden, dan weet ze: daar in die ziekenkamer is iemand die mij nodig heeft. Ze staat op en vraagt wat de zieke graag wil. Hulde aan haar zorgende liefde.
De Bijbel is een boek vol teksten. Daar zit wel een eenheid in. Het gehele boek is immers geïnspireerd door Gods Heilige Geest.
En toch kunnen we die vele teksten ook vergelijken met de lichtjes van een schakelbord. Ineens kan een tekst rood voor ons gaan gloeien. We hadden er altijd overheen gelezen. En nu is het plotseling of de Here ons rechtstreeks door dat woord, door die ene tekst, aankijkt. We staan van aangezicht tot aangezicht voor de Heilige. We zien de toornende blik in Zijn ogen. We horen de dreiging: Als je niet tot bekering komt, zal Ik je eenmaal voor eeuwig moeten vervloeken.
Maar als Gods ons zo aanspreekt is dat nooit louter toorn. Dan is dat tegelijk vermaning, oproep tot het heil. Dan klinkt zijn barmhartigheid daarin door, die smeekt: Kom toch tot geloof! Mijn wil is dat allen zalig worden. Ik heb geen behagen in de eeuwige dood van de zondaar. Aanvaard toch het verzoenende bloed van Mijn Zoon, opdat dit bloed u niet eenmaal voor eeuwig tot vervloeking, tot aanklacht en schande zij. „Komt dan en laat ons samen rechten, zegt de HERE; al waren uw zonden als scharlaken, zij zullen wit worden als sneeuw; al waren zij rood als karmozijn, zij zullen worden als witte wol" (Jes. 1:18).
Soms kan een tekst ineens groen voor ons oplichten. We zaten maar en zuchtten om de zekerheid van de vergeving van onze zonden. We durfden ons het heil niet toeëigenen. We vonden dat vermetel. We kenden immers de diepe zondigheid van ons wezen. Hoe zou God ooit barmhartig kunnen zijn voor mij, voor mij? Hoe zou Hij ooit die vele en gemene zonden kunnen vergeven?
En dan ineens: dat Woord van God, die tekst. Ineens zie je Gods vriendelijke aangezicht daardoor heen en je hoort Zijn vaderlijke stem, die je nodigt, dwingend in de kracht van Zijn liefde. Zijn grote goddelijke hand neemt dan onze bevende, tegenstribbelende hand en legt die op het woord der belofte, bezegeld met het bloed van Zijn Zoon.
En dan zien we het. Dan verwonderen we ons er alleen maar over dat we dat niet eerder hebben gezien en dat die tekst ons niet eerder heeft aangesproken. Gods liefdewil staat daarin toch immers te stralen, groot en glanzend, onontwijkbaar.
Dan zien we dat menselijke theorieën ons zo vaak verre van Gods barmhartigheid hebben vandaan gehouden. We zijn daar echter niet verbitterd over. We zijn bereid om alles aan iedereen te vergeven, want de Here heeft ons immers alles vergeven. En dat weten we nu met zekerheid. En nu kunnen we alleen maar danken en aanbidden. Natuurlijk kan ook het geheel van de Bijbel, en dan niet plotseling, maar in een groeiproces, ons tot de zekerheid des heils brengen. Ik wilde slechts aantonen dat het ook kan door één tekst, ook plotseling. Gods wegen zijn onnaspeurbaar.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 februari 1971
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van maandag 1 februari 1971
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
