HET ADRES VAN DE GEMEENTE
Ds. Dekker en ik zijn overeengekomen, dat we voorlopig punt voor punt verder bespreken. Dat betekent dus, dat we soms omwille van de bondigheid afzien van een wederwoord, ook al zou een van ons beiden nog graag een wederwoord laten horen. We kunnen dan altijd nog zien of we aan het slot van onze gedachtenwisseling nog eens op sommige punten terugkomen om die nog wat door te spreken. Eerst volgt nu nog een uiteenzetting van ds. Dekker die voor een gedeelte nog bij de vorige kwestie hoorde nl. over de kenbaarheid van de Gemeente of over haar zichtbaar en onzichtbaar aspekt.
Ds. Dekker schrijft:
Waar hebben we mee te maken?
Het geloof strekt zich niet alleen uit tot die éne, op een bepaalde tijd en plaats vergaderde Gemeente. Het omvat de onvoorzienbare kerk uit de gehele wereld en uit alle tijden. Maar het kent die kerk met blijdschap, juist ook in de bestaande plaatselijke Gemeente.
Graag wil ik wijzen op wat Calvijn over deze zaken schreef in zijn Institutie. Hij geeft het woord „kerk" in de geloofsartikelen twee betekenissen die ongedwongen samengaan. Wanneer wij belijden te geloven een kerk, zegt Colvijn, dan heeft dat niet alleen betrekking op de zichtbare kerk, waarover wij nu handelen, maar ook op alle uitverkorenen Gods, onder wier getal ook zij begrepen zijn die zijn gestorven. (Inst. IV, 1, 2; vert. Sizoo). Dat getal noemt hij dan de kerk, waarvan de kennis aan God alléén moet worden overgelaten, omdat haar fundament Zijn verborgen verkiezing is (IV, 1, 6).
Maar met alle nadruk wijst Calvijn erop, dat de naam „kerk" evenzeer slaat op de zichtbare Gemeente. En dat is dan de Gemeente, die „ten aanzien van de mensen" kerk genoemd wordt in de Schrift. Het onderscheid is duidelijk. Wil men spreken van een kerk die alle uitverkorenen omvat en die alléén — het zij zo, maar zij is alleen aan God bekend. En niet alleen zij is voorwerp van geloof, maar evenzeer wat Calvijn noemt de zichtbare kerk, ja juist die. Over haar wil Calvijn handelen, want met haar hebben wij in dit leven konkreet te maken. Haar moeten we hoogachten en met haar gemeenschap onderhouden. En dan volgt bladzij na bladzij, waarop Calvijn met tal van Bijbelplaatsen het adrés van die kerk omschrijft. De Here heeft haar aangewezen door bepaalde kenmerken (IV, I, 7 e.v.).
M.a.w.: wij moeten gelovig het adres van de kerk zoeken, en dan hebben we niet in de discussie in te dragen datgene wat Gód alleen weet, maar datgene wat de Here als kenmerk heeft gesteld voor Zijn kerk. Calvijn laat dan zien, dat het hele kenmerk is gelegen in de zuivere en trouwe bediening van het Woord en de Sakramenten.
ONS ANTWOORD:
Ik ben het bijna helemaal eens met deze uiteenzetting. Alleen niet met het slot: „… het hele kenmerk van de kerk is gelegen in…"
De Here heeft nl. Zelf één duidelijk kenmerk aangegeven: „Hieraan zullen zij al len bekennen dat gij Mijn discipelen zijt, zo gij liefde hebt onder elkander" (Joh 13:35).
De ontdekking van Calvijn van bovengenoemde twee kenmerken vind ik een geniale vondst. Ze zijn voor hem terecht een machtig wapen geweest in de strijd tegenover Rome, die aanspraak maakte op de vier kenmerken: één, heilig, algemeen en apostolisch. En het is te verstaan, dat hij vanuit de hitte van de polemiek enigszins dat éne kenmerk van de liefde dat door Jezus uitdrukkelijk aan de Zijnengegeven is, uit het oog heeft verloren. De door hem genoemde kenmerken zijn wel waar, maar we moeten ze toch uit het geheel van de Bijbel distilleren. Ze worden nergens uitdrukkelijk door Jezus genoemd, zoals dat wél het geval is met het kenmerk van de liefde.
Ds. Dekker antwoordde:
Het kenmerk van de liefde.
De ware kerk roept haar leden in de naam des Heren tot de ware liefde. Dat is de liefdedienst aan God en de naaste. Een liefdedienst die niet bestaat in wat ons liefhebbend hart ons ingeeft, maar in alles waartoe de Here ons in Zijn Woord vermaant en verplicht om dat te betrachten uit dankbaarheid.
De ware kerk pretendeert niet dat in haar midden die liefdedienst volmaakt is. Zij belijdt wel dat in haar midden in vele opzichten dagelijks gestruikeld wordt. Het feit dat in de kerk zonden geschieden, maakt haar niet tot een valse kerk. Niet meer verkondigen de eis der liefde, naar de norm van al Gods geboden, dát zou haar tot valse kerk maken.
Het feit dat er in de kerk vruchten van geloof opgemerkt worden, maakt haar niet tot de ware kerk. De verkondiging van het Woord des geloofs, waardoor de Geest zijn vruchten scheppen wil, die maakt haar tot ware kerk. Zo is de mate van de liefdedienst geen kenmerk voor het adres van de kerk (zie ook Calvijn, Inst. IV, I, 13 e. v.). Als de kerk zichzelf zou gaan presenteren met een „hier zijn de goede werken", dan zou ze inderdaad veel op de farizeërs gaan gelijken.
ONS ANTWOORD:
1) Christus heeft niet gezegd: Hieraan zal men erkennen dat gij Mijn discipelen zijt, omdat gij de liefde onder elkaar predikt, maar hebt.
2) Natuurlijk mag de kerk niet zelf op haar liefde wijzen. Die liefde straalt vanzelf naar buiten en wekt de aandacht in deze liefdeloze wereld.
3) Jezus heeft gezegd: Aan de vruchten kent men de boom. De liefde van de Gemeenteleden onderling is een specifieke vrucht die men elders niet vindt. Het is nl. een apart soort liefde, het is de liefde om Christus' wil. Deze liefde is dus wél een kenmerk van de Gemeente van Christus. Men vindt ze nergens anders. Ze is een vrucht van de inwonende Geest van Christus (Gal. 5:22).
4) Inderdaad is die liefde van de Gemeenteleden onderling niet volmaakt. Maar ze moet toch duidelijk aanwezig zijn. In de Gemeente mag niet dezelfde ruzie, tweedracht, twist, jaloersheid, achterdocht, kortom dezelfde liefdeloosheid heersen, die men elders aantreft. Juist op het punt van de liefde moet de Gemeente anders zijn. Zo zegt Jezus het.
(wordt vervolgd).
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 november 1970
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 november 1970
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
