In de Rechte Straat cookies

Voor optimale prestaties van de website gebruiken wij cookies. Overeenstemmig met de EU GDPR kunt u kiezen welke cookies u wilt toestaan.

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies

Noodzakelijke en wettelijk toegestane cookies zijn verplicht om de basisfunctionaliteit van In de Rechte Straat te kunnen gebruiken.

Optionele cookies

Onderstaande cookies zijn optioneel, maar verbeteren uw ervaring van In de Rechte Straat.

Bekijk het origineel

Nieuwere r.k opvattingen over het vloeken

Bekijk het origineel

+ Meer informatie

Nieuwere r.k opvattingen over het vloeken

2 minuten leestijd

Het is goed om ook eens te luisteren naar het nieuwste handboek van de r.k. moraal, nl. „De wet van Christus" van dr. B. Häring. Hij zegt o.a.:

„Het lichtvaardig gebruik van Gods naam is slechts een dagelijkse zonde. Maar deze theologische kwalifikatie mag geen aan leiding worden tot de konklusie dat het niet belangrijk zou zijn deze gewoonte te bestrijden. (-) Wanneer wij tot een heel innige en tevens cerbiedige omgang met God willen komen, mocten wij ieder misbruik van zijn naam geheel vermijden."

„Het onnadenkend uitspreken van Gods naam naar aanleiding van een onbeheerste opwelling van roorn is zeer zeker op zich slechts dagelijkse zonde. Misschien kan men ook het vrijwillige en bewnste uitspreken van Gods naam nog rot de dagelijkse zonde rekenen, verondersteld wederom dac het gebruik van deze naam juist niet bedoeld is om aan zijn ongeregelde gevoelens uirdrukking te geven. Alfonsus zegt: Het is een dagelijkse zonde van het ernstiger soort."

„De naam van God uitspreken met de bewuste bedoeling om zo aan het uiten van zijn zondige toorn kracht bij te zetten, is een zonde van veel ernstiger aard. Van de „vloek" in deze betekenis tot de godslastering is de afsrand niet groot meer. (-) Deze beschouwing verstetkt de stelling van die moraaltheologen welke van mening zijn, dar iedere gewoonte van vloeken op straffe van doodzonde moet bestreden worden." „Indien cvenwel iemand zijn gewoonte verafschuwt en a lthans in zekere mate begonnen is deze te bestrijden, kan men iedere afzonderlijkc akt niet meer als zwaar zondig beschouwen. Mensen van goede wil aan wie ten gevolge van een ingewortelde gewoonte of van het algemene gebruik van hun omgeving tot hun leedwezen bij een ongeregelde gemoedsbeweging telkens weer een vloekwoord ontvalt, behoeven zich hierdoor in het geheel niet van de veelvuldige communiete laten afhouden en behoeven voor de communie ook niet re biechten." (II, p. 289-291) N.B. „Communie" is het r.k. woord voor deelname aan de mis als Avondmaalsviering.

Ofschoon het minutieus uitrekenen van war dagelijkse en wat doodzonde is, in deze uiteenzetting van Häring nog een grote rol speelt, kunncn we daardoorheen toch een sterke eerbied beluisteren voor Gods heilige Naam. Zijn beschouwingen zijn sterker verwant aan de bijbelse geest, ze ademen minder de sfeer van politionele verordeningen met vermelding van maximum en minimum-straffen. Wij verblijden ons daarover.

Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen, vragen, informatie: contact.

Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing. Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this database. Terms of use.

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1968

In de Rechte Straat | 32 Pagina's

Nieuwere r.k opvattingen over het vloeken

Bekijk de hele uitgave van zaterdag 1 juni 1968

In de Rechte Straat | 32 Pagina's