Is God niet soeverein ?
Meer dan een bedevaart
In De Havenloods van 10 nov. 1966 stond een artikel van dr. K. J. Kraan, getiteld: „Bezoek aan Rome werd meer dan 'n pelgrimage".
Ds. Kraan_schrijft vol geestdrift over deze reis van protestanten en r. katholieken onder leiding van priesters. Hij juicht aldus:
„Het wordt een diepe en existentiële beleving van wat Rome voor je eigen geloof betekent gespiegeld aan die van reisgenoten met een heel andere geestelijke achtergrond".
Luther vond er geen vrede
Ds Kraan vervolgt:
„Je staat b.v. samen voor de z.g. Pilatustrap. De legende wil dat kruisvaarders het marmer van de trap, waarop Jezus voor Pilatus in Jeruzalem zou hebben terechtgestaan, naar Rome hebben gesleept. Men achtte het in katholieke kring een daad van hoge piëteit die trap onder het zeggen van gebeden te bestijgen.
Protestanten kennen deze trap alleen maar uit de zielsgeschiedenis van Luther. Hij zocht op alle manieren vrede voor zijn ziel, o.a. ook door een pelgrimagereis naar Rome en hij probeerde met dat bekruipen van die treden vergeving voor zijn zonden te verdienen. Maar hij ging even wanhopig heen als hij gekomen was. Zo vertoont deze trap voor een protestants-opgevoede alleen maar het „image" van roomse werkheiligheid".
Ds Kraan voelt er echter wel voor
„Maar dan zie je als protestant opeens een van je katholieke reisgenoten heel vredig en toegewijd diezelfde trap al knielende opgaan. Je kan haar niet van krampachtige „werkheiligheid" verdenken. Je voelt aan dat ze het alleen doet uit piëteit jegens onze Heer, als middel om dieper met zijn heilig lijden en bloedvergieten voor ons allen verbonden te worden. Je vindt het eigenlijk helemaal niet vreemd, dat je het zelf als evangelisch christen ook eens een keer zou doen. Maar je voelt ook: dat kan een protestant niet zo maar opeens".
Diep in het mensenhart
Ik kan heel goed begrijpen, dat ds Kraan het niet zo vreemd vindt om het ook eens te doen. Want de neiging tot beeldenverering, tot de aanbidding van God via uiterlijke vormen, zit heel diep in het mensenhart.
Dat is duidelijk gebleken uit de aanbidding van het gouden kalf. Het was nog maar pas geleden, dat de Here onder bliksem en donder de tien geboden had afgekondigd. Maar als Mozes wat lang weg blijft op de berg Sinaï, gaan ze zich een gouden kalf maken.
O neen, het was helemaal niet hun bedoeling om een heidense afgod te aanbidden. Neen, ze blijven trouw aan Jahweh, de God van het Verbond. Maar ze willen Hem zichtbaar voor zich hebben. In het stierkalf stellen ze Gods eeuwig-jonge kracht voor en met het goud willen, ze de majesteit van Jahweh uitbeelden. En in de aanbidding van dat gouden kalf willen ze de voorgestelde persoon nl. de God van het Verbond, Jahweh in Zijn kracht en heerlijkheid, aanbidden. O het was zo goed en zo vroom bedoeld.
En de profeten: ze hebben de eeuwen door moeten fulmineren tegen de telkens weer opkomende beeldenverering, met name ook tegen, de cultus van het gouden kalf in Dan en Bethel.
Met een beetje verharding lukt het wel
Ik begrijp ook, dat ds Kraan zegt, dat een protestant dat niet ineens kan. Zeker niet een gereformeerd predikant, die elke zondag het tweede gebod aan de gemeente moet voorhouden, waar de beeldenverering zo streng in veroordeeld wordt.
Dat woord blijft lang als een vermaning in je ziel hangen. Voordat je daar helemaal geen last meer van hebt, moet er eerst een tijd van verharding tegen dat Woord Gods aan vooraf zijn gegaan.
Waarom is beeldenverering zo erg?
Niet vanwege de vreselijke misbruiken die daaruit zijn voortgevloeid in de loop van de geschiedenis, maar omdat ze een uiting is van de eigenwillige godsdienst. In deze zaak spitst zich de vraag toe, of de mens aan God gehoorzamen wil ja of neen. Men kan dezelfde vraag stellen omtrent het eten van die vrucht in het paradijs. Was dat nou zo erg? Ja! Waarom? Omdat de Here er de vertrouwenskwestie aan had verbonden. Daardoor werd het eten van die vrucht een daad van harde ongehoorzaamheid en een motie van vertrouwen in de Boze en van wantrouwen jegens God.
Mag God uitmaken hoe Hij gediend wil worden?
Dat is de zaak, waar alles om draait. Mogen wijzelf uitmaken hoe wij God willen dienen, of heeft God dat te beslissen?
De Bijbel verkondigt op elke bladzijde de soevereiniteit van God. En het licht van Gods Woord legt ook telkens de hoogmoed van ons hart bloot, ons hart dat zich niet aan God wil onderwerpen, en altijd weer eigen wegen zoekt te gaan.
Het enige gebod met een vervloeking
Zo kunnen wij ook begrijpen, dat alleen het tweede gebod met een vervloeking bekrachtigd wordt. Precies zoals ook het eten van de vrucht in het paradijs onder bedreiging van de dood wordt verboden, een doodstraf niet slechts voor Adam en Eva zelf, maar ook voor hun nakomelingen, — zo zegt ook de Here in het tweede gebod: „Gij zult u geen gesneden beeld maken (—). Gij zult u voor die niet buigen noch hen dienen; want Ik, de HERE uw God, ben een naijverig God, die de misdaad der vaderen bezoek aan de kinderen, aan het derde en het vierde geslacht dergenen die mij haten" (Ex. 20:5).
Zoals het eten van de verboden vrucht zo is ook de beeldenverering een testcase voor de gehoorzaamheid en het geloofsvertrouwen van de mens. Daarom kan God aan zulke ogenschijnlijk geringe zaken zulk een ontzettende straf verbinden.
De „engel des lichts"
Wij leven in zeer ernstige tijden. We naderen snel de periode waarvan Jezus zegt, dat, indien het mogelijk ware, zelfs de uitverkorenen zullen worden verleid.
Meer dan ooit doet de duivel zich voor in de gedaante van de engel des lichts. Hij spiegelt ons allerlei vrome motieven voor en wij trappen er zo gemakkelijk in.
Je hoort als het ware de duivel zelf door de mond van ds Kraan zeggen: „Kijk toch eens, hoe vredig en toegewijd die r.k. dame die trappen vereert! Ze doet het niet uit krampachtige werkheiligheid, zoals destijds Luther. Ze doet het uit piëit. Ze wil daardoor haar verbondenheid met de lijdende Christus nog dieper beleven".
Ja, het klinkt zeer mooi, zeer vroom, alleszins godsdienstig. Maar God zegt: Ik wil het niet! Ik wil het niet! Ik weiger om deze eigenwillige vorm van godsdienstigheid te aanvaarden. Het is een misdaad die ik straffen zal tot in het vierde geslacht. Mensen die dat doen, zijn, zonder dat zij het zich bewust zijn, haters van Mij.
Eigenwillige godsdienst
Wij kunnen het rooms-katholicisme het beste karakteriseren door het een eigenwillige godsdienst te noemen.
De r.k. kerk is zeer godsdienstig. Ze beveelt de mensen aan om elke dag naar de kerk te gaan, om lange bedevaartreizen te ondernemen, om alles en nog wat met wijwater te laten besprenkelen.
Het is een godsdienst vol vrome motieven en vol goede bedoelingen.. Maar het is een eigengemaakte godsdienst. Rome wil zelf uitmaken, hoe God gediend moet worden.
Zeer scherp heeft het Concilie het geformuleerd: „De Kerk put haar zekerheid niet slechts door de Schrift". Duidelijker kan men niet zeggen, dat men zich niet wil storen aan het geschreven Woord van God.
Nog eens: ook hiervoor haalt men zeer vrome motieven aan. Men zegt: het Woord Gods moet beschermd worden tegen willekeur. Daarom moet er een gezag zijn, dat uitmaakt wat God geopenbaard heeft. Dat gezag kan echter slechts zichzelf handhaven, wanneer het niet gebonden is aan de Bijbel. Het moet als uitwijkmogelijkheid hebben dat het zijn zekerheid ook uit iets anders kan putten, iets dus buiten de Bijbel.
God zegt: Ik wil het niet
Wanneer de paus vraagt dat de mensen voor hem neerknielen en zijn voeten kussen, dan worden daar zeer deugdzame beweegredenen voor aangegeven: Het is een oefening van nederigheid. En vooral: de paus is de plaatsbekleder van Christus op aarde. Wanneer men dus de paus vereert, dan vereert men Christus.
Het klinkt allemaal heel mooi en het zal subjektief ook wel goed bedoeld zijn. Maar de Bijbel zegnhet mag niet. God zegt: Ik wil het niet. Christus wil geen hulde ontvangen die Hem via verering van mensen zou moeten bereiken, zelfs niet via aanbidding van engelen (zie Openb. 22:8-9).
En zo zou ik dat met allerlei voorbeelden kunnen aantonen. En het is dan ook zeer bedroevend, dat een predikant in een krant die in Rotterdam huis aan huis wordt verspreid, deze eigenwillige godsdienst goedpraat en er zelfs begerig naar lonkt.
Het wordt donker over Nederland, donker over de wereld. Daarom: Bijbelgetrouwe christenen, laat uw onderlinge twisten varen. Schriftgelovigen van alle kerken, sluit u aaneen!
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van zondag 1 januari 1967
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
