De pausen en de Romeinse keizers
In de kerstdag en hebben wij herdacht, dat Jezus geboren werd in de stal van Bethlehem, uit heel arme ouders.
Het kerstverhaal begint aldus: „En het geschiedde in diezelfde dagen, dat er een gebod uitging van de keizer Augustus, dat de gehele wereld beschreven zou worden".
Tegenover deze geweldige macht van de keizer, die de gehele wereld in beweging zet met zijn bevel, lijkt dat gebeuren in de stal volkomen weg te zinken.
Maar ook van Christus geldt: „Neen, wat voor de wereld dwaas is, heeft God uitverkoren om de wijzen te beschamen; wat voor de wereld zwak is, heeft God uitverkoren om het sterke te beschamen ; wat voor de wereld van geringe afkomst is en onbeduidend, heeft God uitverkoren; wat niets is om teniet te doen wat iets is, opdat tegenover God geen mens zou roemen" (1 Kor. 1 : 27 - 29).
Maar Christus heeft zich vrijwillig ontledigd tot de gelijkheid met wat niets is: „Hij die bestond in goddelijke majesteit heeft zich niet willen vastklampen aan de gelijkheid met God. Hij heeft zichzelf ontledigd door het bestaan van een dienstknecht op zich te nemen en aan de mensen gelijk te worden. En als mens verschenen heeft Hij zich vernederd door gehoorzaam te worden tot de dood, tot de dood op het kruis" (Fil. 2:6 8). RKVert.)
Opvolgers van de keizers
Het is uit de geschiedenis duidelijk, dat de pausen gemeend hebben de positie van de keizers van Rome te moeten overnemen, maar dan als christelijke heersers over heel de wereld. Het is te begrijpen, dat, toen het machtige Romeinse keizerrijk in elkaar stortte, deze gedachte kon opkomen. Maar het is vreemd, dat iemand die in geloofsgehoorzaamheid naar de Schrift luistert, aan zulk een gedachte kan toegeven. Want de Bijbel toont ons het christendom voortdurend als een innerlijke kracht, die alles doordringen en hervormen moet, maar niet als een uiterlijke macht die zich met uiterlijke middelen aan de mensen opdringt. Wij laten hier enkele feiten en beschouwingen van r.k. schrijvers volgen. Dan kan ieder zelf beoordelen of Paulus VI meer overeenkomst heeft met de Romeinse keizers en hun droom van volstrekte macht of met Jezus Christus, waarvan de paus zegt de plaatsbekleder te zijn.
Paulus VI klampt zich vast aan zijn pauselijke macht
Terwijl het concilie met overgrote meerderheid het schema over de collegialiteit van de bisschoppen goedkeurde, voegt Paulus VI er zo maar een „verklarende noot" aan toe, omdat hij blijkbaar bang was, dat door het schema van het concilie zijn pauselijke macht misschien enigszins zou verzwakt worden. Christus echter, die inderdaad God was, „heeft zich niet willen vastklampen aan de gelijkheid met God" (Fil. 2 : 6 ).
En toch aanvaardt men dat maar weer-.„Paulus VI heeft Maria tot Moeder van de Kerk uitgeroepen. De Heilige Vader wist heel goed, dat de meeste vaders daartegen waren Wanneer wij beleven, dat de Paus een daad stelt, die men niet van hem verwacht had, dan is het wel zeker, dat de Heilige Geest hem geleid heeft". Aldus pater P. M. M. van Es in De Tijd van 5 dec. 1964.
Ik kan niet nalaten om tegenover zulk een blinde onderwerping aan het pauselijk gezag te wijzen op :
„Op een vastgestelde dag hield Herodes, gekleed in koninklijk ornaat en gezeten op zijn troon, een redevoering tot hen. Het volk juichte hem toe en riep: Dat is de taal van een god en niet van een mens. Terstond sloeg hem een engel van de Heer, omdat hij aan God niet de verschuldigde eer had gegeven; en door wormen verteerd stierf hij" (Hand. 12:21-23 RKV). Ter waarschuwing.
„Plechtige intocht van Sinterklaas"
Ook in r.k. kringen krijgt men steeds meer oog voor, althans de uiterlijke, overeenstemming van het pausdom met de Romeinse keizers. Zo lazen wij:
„De Kerk is na de eerste eeuwen van vervolging tot groot aanzien gekomen in het Romenise rijk. In de natijd van het Romeinse rijk lag het bestuurscentrum in Byzantium. Er ontstond toen een verhouding tussen kerk en staat die nog eeuiven daarna als de juiste verhouding werd beschouwd. Er was een innige samenwerking tussen kerk en staat. In zekere zin kon de kerk beschouwd worden als een staatsinstelling en zij voelde zich met de staat verantwoordelijk voor de geestelijke en bestuurlijke verhoudingen in het rijk. Nu werd het Byzantijnse hof gekenmerkt door een ingewikkeld en kostbaar ceremonieel en een verregaande bureaucratie, die vooral ten doel hadden de bijna goddelijke status van de keizer in stand te houden. Het kon haast niet anders of de toenmalige verhouding kerk en staat had tot gevolg dat dezelfde hofstijl en een soortgelijk ceremonieel ook in het kerkelijk bestuur ingang vonden.
Dit is zo gebleven in de middeleeuwen toen de plaats van de kerk in de wereld niet veel veranderde van wat zich in de Byzantijnse tijd had ontwikkeld. Met dit uiterlijk vertoon, deze show van pracht en praal, deze Byzantijnse ritus van uiterlijkheden, worden wij in onze totaal andere wereld steeds min of meer geconfronteerd. Er is nog altijd een rijkdom, een uitgebreid ceremonieel, een etikette, een kleding en een vertoon van titels, die misschien eeuwen geleden zin hadden maar die nu de kerk in haar uiterlijke verschijning maken tot een wat archaistisch aandoende instelling, een museum van historische bezienswaardigheden. Menige kerkelijke plechtigheid te Rome doet minder denken aan een waardig eerbetoon aan onze Heer dan aan de plechtige intocht van Sinterklaas te Amsterdam"
(De Bazuin, 28 november 1964).
„De goede koning met de slechte raadgevers"
Ook dit kritisdh geluid van De Nieuwe Linie is duidelijk genoeg:
„De piëteit heeft het maar al te dikwijls gewonnen van de waarachtigheid in de katholieke geschiedschrijving. Pausen, die tijdens hun leven met byzantijnse ijver werden bewierookt, werden na hun dood gecanoniseerd tot onaantastbaren, die aan het oordeel der geschiedenis ontheven leken. Het gelovige volk dat de H. Vaders in Rome leerde vereren als werkelijke heiligen, kon het niet verdragen van historici de „waarheid" over hun helden te vernemen. En zo men al toe moest geven, dat er zekere smetten kleefden aan het blanke papale gewaad, dan kon de schuldige altijd wel in 's pausen omgeving gevonden worden. Het onuitroeibare geloof in de goede koning met de slechte raadgevers gold evenzeer de souvereinen van de kerkelijke staat. Ook nu zijn er velen nog geneigd de schuld van wat zij in het optreden van Paulus VI betreuren, te werpen op het drijven van de curie".
(Drs. H. C. Michielse in „De Nieuwe Linie", 5 december 1964).
Pauselijke bombast in Bombay
Tot de honderden journalisten, die zijn bezoek aan Bombay hebben verslagen, richtte paus Paulus gisteravond het verzoek een boodschap van hem aan de gehele wereld door tc willen geven:
„Wij vertrouiven u een bijzondere boodschap aan de wereld toe. Zou het niet kunnen dat de landen hun bewapeningswedloop stopzetten en hun hulpbronnen en energie in plaats daarvan zouden besteden aan een broederlijke hulpverlening aan de ontwikkelingslanden(De Tijd, 5 dec.).
Natuurlijk weet Paulus VI, zoals elke politicus, dat je de sympathie van de massa krijgt, wanneer je voorstelt om over te gaan tot gehele of gedeeltelijke ontwapening ten bate van de welvaart in de wereld. Maar ieder die een beetje nadenkt, zal weten dat dergelijke woorden van de paus niets uithalen. Ook de leiders van het Kremlin hebben voortdurend gesproken over de noodzaak van ontwapening, terwijl ze er in hun hart niets van meenden. De paus zal het wel gemeend hebben, maar hij moet toch ook geweten hebben, dat die woorden van hem geen enkele politieke zode aan de dijk zetten. Het is louter propaganda, evenals de titel die hij zich zelf gaf: „pelgrim van de vrede". Het doet allemaal zo onwaarachtig aan. Neen, met dit soort christendom, dat het zoekt in politieke stunts en diplomatieke berekeningen moeten wij niets te maken willen hebben. Dit is mistekening van het eigenlijke, geestelijke, heilbrengende karakter van het Evangelie. Dit is het christendom niet. Het christendom is een boodschap van verlossing voor zondaars die zich bekeren.
„Paus Paulus stormachtig begroet in Rome"
„Paus Paulus VI is zaterdag in triomf uit India teruggekeerd in Rome, waar hij door honderdduizenden Romeinen werd begroet in een stad, die feestelijk verlicht was met toortsen eni schijnwerpers.
De Italianen en het stadsbestuur van Rome deden alles wat in hun vermogen lag om de terugkeer van de paus na een reis van bijna 13.000 km en een afwezigheid van vier dagen tot een waardige afsluiting te maken van de volkomen onverwachte triomfale ontvangst van de paus in het India van Hindoes en Moslems. Premier Moro ontving de kerkvorst op het vliegveld van Rome.
De zware klokken van de Sint Pieter jubelden een welkom en de paus, staande in een open auto, wuifde naar de menigte" (Trouw, 7 dec.).
Wet op de godsdienstvrijheid in Spanje uitgesteld
„De Spaanse regering heeft besloten de discussies over de wet op de godsdienstvrijheid (die vooral de protestanten en Joden in Spanje ten goede zal komen) uit te stellen tot na het Concilie......
De Spaanse regering volgt met grote belangstelling de houding, welke het concilie zal aannemen ten aanzien van de verklaring van de godsdienstvrijheid. De conservatieve leden voelen zich ten dele zeer opgelucht door het feit, dat de stemming van het Concilie over deze verklaring is uitgesteld tot de nog steeds niet bepaalde vierde zitting.
Tegenover het Spaanse episcopaat heeft de Paus tijdens de afgelopen zitting verklaard: „Weest niet bang voor de godsdienstvrijheid. Ik weet heel '.goed, dat Spanje onder zeer bijzondere omstandigheden leeft. En ik zal mij aan zijn zijde stellen". Uit: De Tijd, 27 nov.
We weten nu dus meteen, wat een verklaring over de godsdienstvrijheid, die het concilie eventueel zal goedkeuren, heeft te betekenen. De Paus matigt zich dus blijkbaar de macht aan ,om goed te keuren dat in bijzondere omstandigheden zoals b.v. in Spanje (en Columbia?) die godsdienstvrijheid aan niet-r. katholieken niet wordt gegeven. De Romeinse keizers bepaalden zelf ook, waar, wanneer en hoe de christenen vervolgd moesten worden.
ZONNEKLARE ONZIN
Op 21 nov. verscheen in Trouw een recensie van J. S. over „Brieven uit Vatikaanstad Van Rynne. Daarin schreef S.:
„Terwijl Serafian zeer teleurgesteld is over het feit, dat naar zijn mening Paulus VI heeft moeten zwichten voor de druk, die er vanuit de curie op hem werd uitgeoefend, zijn de verwachtingen van Rynne hooggestemd. We citeren enkele regels (p. 298): „En ondertussen ging paus Paulus na zijn terugkeer uit het Heilig Land voort met zijn hercules-taak, vastbesloten zijn plannen door te drukken ondanks de oppositie".
Naar onze bescheiden mening heeft de huidige derde zitting Rymne in het gelijk gesteld. Het is zonneklaar gebleken, dat de paus de nieuwe koers wil gaan varen, tegen alle oppositie in".
Deze recensie zal S. wel geruime tijd van te voren geschreven hebben, maar de ironie van het lot of een waarschuwing van Omhoog? heeft gewild, dat Trouw deze recensie pas publiceerde op 21 november, de dag waarop de derde zitting van het concilie werd gesloten na een week waarin het zonneklaar is geworden, dat paus Paulus vastbesloten was om zijn plannen door te drukken, ondanks de overgrote meerderheid van het concilie, en in volle overeenstemming met de intigrerende oppositie, die slechts een kleine minderheid vormde. Wij zouden willen vragen: "Wanneer men bescheiden meningen aan het grote lezerspubliek van Trouw wil doorgeven, laat men dan niet zulke termen als „Het is zonneklaar dat " gebruiken. Dat is een innerlijke tegenspraak. En als men werkelijk niet erg t'huis is in de problematiek Reformatie-Rome, laat men dan toch voorzichtig zijn met het geven van voorlichting aan een groot publiek. De zaken zijn daarvoor toch te ernstig en er staat te veel op het spel, dan dat men het met wa. amateurisme op dit gebied kan wagen.
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van vrijdag 1 januari 1965
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
