GEDURFDE geluiden bij Rome
Over het celibaat
Het juli-augustusnummer 1964 van Te Elfder Ure handelt geheel over het celibaat. De r.k. priester, Drs R. J. Bunnik, wil door dit artikel de diskussie over dat onderwerp ordenen. En hij doet dat op voortreffelijke en eerlijke wijze.
Hij durft zelfs de vraag te stellen of de r.k. kerk het recht wel heeft om aan een priester, die zijn ambt heeft neergelegd, toch een eventueel huwelijk van zulk een priester ongeldig te verklaren, daar immers het recht om te huwen een recht is dat op grond van de menselijke natuur en van de Schrift in beginsel aan iedereen gegeven is.
Hij schrijft: „Een duidelijk antwoord op deze vraag is van uitzonderlijk belang. Want wanneer geconstateerd zou moeten worden dat de competentie van de Kerk inderdaad niet zo ver gaat, zou dit betekenen dat deze ongeldigheidsbepaling geen rechtskracht heeft", (p. 291)
Het zou nog veel meer betekenen
Dat zou echter, naar wij menen, veel meer betekenen, n.l. dat de r.k. kerk gedurende eeuwen zidh een diepingrijpend recht zou hebben aangematigd, dat zij niet blijkt te bezitten, en door deze aanmatiging heeft deze r.k. kerk dan gedurende eeuwen over honderdduizenden priesters een onzegbaar leed gebracht.
Wij stellen dan de vraag: Hoe kan zulk een kerk dan nog de Kerk van Christus zijn? Hoe kan zulk een kerk dan nog beweren, dat zij, in tegenstelling met de andere kerken, kan bogen op de onfeilbare bijstand van de H. Geest?
De dreigende „moeder"
U hebt wellicht in de pers ook gelezen over het geval van een Franse priester, die van Rome niet alleen verlof had gekregen om teruggebracht te worden tot de lekenstand, maar ook om te trouwen. Hij had echter moeten beloven om aan niemand te zeggen dat hij priester was en in elk geval niet, dat hij verlof had gekregen om te trouwen. Hij heeft echter gemeend die belofte te moeten breken omdat hij dit een onwaarachtige situatie vond en ook uit solidariteit met de overige tot de lekenstand teruggebrachte priesters, die dat verlof niet hebben gekregen.
Het Franse r.k. dagblad „La Croix" schreef naar aanleiding daarvan: „De publiciteit, die belaas gegeven is aan een feit, dat een partikulier karakter droeg, zou de Kerk ertoe kunnen brengen zich in de toekomst nog strenger te tonen, als zich soortgelijke gevallen voordoen".
De Nieuwe Linie schrijft echter: „Het zou hoogst ongelukkig, onrechtvaardig en onverdraaglijk zijn, als dit het geval is.... Een moeder, die haar kinderen, ook haar gelaiciseerde kinderen, lief heeft, wordt niet strenger als een volkotkomen verantwoorde beslissing die zij ten gunste van éérigt; van haar kinderen heeft getroffen, bekend wordt aan andere kinderen die in dezelfde omstandigheden verkeren".
De Volkskrant van 8 september: „Een priester die zijn ambt niet meer uitoefent, toch tot het celibaat te6 verplichten, zal in vele gevallen betekenen, dat men hem voor de keuze stelt: zich buiten de kerkelijke gemeenschap plaatsen of een levenslang martelaarschap aanvaarden".
„Wat een pretentie!"
Dat is de uitroep van drs H. Weterman, voorheen priester, studentenmoderator te Utrecht en redakteur van Dux, — in een interview met de Haagse Post (12 sept. 1964).
„ MEVROUW WETERMAN: Ik heb altijd het gevoel.... je mag zó bewegen en zó veranderen, als het nog net in hun straatje past.
WETERMAN: Maar zij hebben altijd 'het gevoel, dat dat Gods straatje is. Wat een pretentie.... maar het is aan het veranderen, dat is wat op het concilie gebeurt. De fantastische ernst waarmee die pretentie wordt verdedigd, wordt op bepaalde punten doorbroken....."
„HAAGSE POST: In Velp runt ex-priester ds. Hegger een ontvangcentrum voor collega's, De Wartburg.
WETERMAN: Dat is een heel andere zaak. Dat zijn overtuigd reformatorische mensen geworden.
HP: Maar heeft u nooit als ds. Hegger de aanvechting; gehad om te zeggen: „Moeder, ik klaag 11 aan"?
WETERMAN: Nee; ja, ik klaag wel aan, maar niet op die manier (..)• Ik heb de laatste tijd nog al wat gestudeerd over het communisme, en wat mij opviel is de frappant e formele analogie — niet inhoudelijk dus, maar formeel — tussen katholieke kerk en communisme. Ik heb relazen aangehoord van mensen die uit de part i j waren gegaan. Ik dacht: „Hee, ik herken iets". De wijze waar op zij benaderd werden...."
HP: De aanklacht die de kerk anders tegen u heeft, is sterk: u bent geëxcommuniceerd.
WETERMAN: Ja, die excommunicatie geldt juridisch, ze wordt alleen belopen als je subjectief een misdrijf hebt begaan. Nu heb ik voor mij het gevoel dat ik dat niet heb gedaan. Dus ik beschouw me eigenlijk niet als geëxcommuniceerd, ofschoon ik dat zou moeten bewijzen en dat kan ik kerkrechterlijk natuurlijknooit"
Zelfs de oerkonservatieve krant De Tijd laat in deze kwestie een vooruitstrevend geluid horen.
Als de Kerk een priester verlof geeft om terug te keren tot de lekenstand, „waarom hem dan tussen hemel en aarde te laten hangen? Waarom wel terugkeer tot de lekenstand en geen dispensatie van een celibaat, dat zijn zin ontleende aan de verloren priesterlijke funkties?"
Deze tekst is geautomatiseerd gemaakt en kan nog fouten bevatten. Digibron werkt
voortdurend aan correctie. Klik voor het origineel door naar de pdf. Voor opmerkingen,
vragen, informatie: contact.
Op Digibron -en alle daarin opgenomen content- is het databankrecht van toepassing.
Gebruiksvoorwaarden. Data protection law applies to Digibron and the content of this
database. Terms of use.
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1964
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
Bekijk de hele uitgave van donderdag 1 oktober 1964
In de Rechte Straat | 32 Pagina's
